Week 1
Samenvatting hoorcollege
De gemeentelijke bestuursorganen
- Gemeenteraad vertegenwoordigt de bevolking, bepaalt waar het geld naartoe gaat, stelt
gemeentelijke verordeningen vast en controleert burgemeester en het college van B&W.
- College van burgemeester en wethouders voert besluiten van de gemeenteraad uit en voert
eigen taken uit.
- Burgemeester vertegenwoordigt de gemeente in en buiten rechte, handhaaft de openbare
orde en zit vergaderingen van zowel de gemeenteraad als het college van B&W voor.
Openbaar lichaam: de gemeente is een publiekrechtelijke rechtspersoon.
Bestuursorganen: gemeenteraad (algemeen bestuur), het college van B&W (dagelijks bestuur) en de
burgemeester.
Ambtenaren: dienen het algemeen belang, bereiden beleid voor en voeren beleid uit, beleid wordt
vastgesteld door bestuursorganen, kunnen namens het college van B&W en burgemeester in
mandaat besluit nemen.
De plaats van het bestuursrecht
Publiekrecht: strafrecht, staatsrecht en bestuursrecht (burger > overheid).
Privaatrecht
Bronnen van het bestuursrecht
- Internationaal recht
- Nationale regelgeving
- Jurisprudentie
- Ongeschreven bestuursrecht
Algemeen en bijzonder bestuursrecht
Algemeen: algemene wet bestuursrecht
Bijzonder: vreemdelingenwet, participatiewet, wet ruimtelijke ordening, woningwet, wet
milieubeheer, wet alg. bepalingen omgevingsrecht, alcoholwet
Gelede normstelling: de toepasselijkheid van een rechtsregel is niet zomaar in een wet te vinden,
maar in een combinatie van met elkaar samenhangende regelingen.
Materieel en formeel bestuursrecht
Materieel bestuursrecht bevat rechtsnormen waarin voor
burgers en bestuursorganen aanspraken of verplichtingen
zijn opgenomen (inhoud)
Formeel bestuursrecht betreft de procesrechtelijke regels
die de burger nodig heeft om tegen het optreden van de overheid
iets te ondernemen (procedure)
, Gelaagde structuur van de Awb
Op een specifieke situatie zijn vaak meerdere delen van het Awb van toepassing.
Legaliteitsbeginsel: de overheid mag alleen optreden op basis van een voorafgaande wettelijke regel
die op democratische wijze tot stand is gekomen. De bevoegdheid op te treden moet zijn gebaseerd
op een wet in formele zin.
Specialiteitsbeginsel: gaat er van uit dat een bevoegdheid is toegekend voor een bepaald doel. De
bevoegdheid mag ook alleen voor dat doel gebruikt worden.
•Attributie is het toekennen van een nieuwe bevoegdheid.
•Delegatie is het overdragen van een al bestaande bevoegdheid aan een ander.
•Mandaat is het in naam van een bestuursorgaan nemen van besluiten.
Regels over attributie, delegatie en mandaat zijn te vinden in hoofdstuk 10 Awb.
Week 2
Samenvatting hoorcollege
De overheid behartigt het algemeen belang met behulp van verschillende instrumenten =
bestuurshandelingen.
Bestuurshandelingen kan je onderverdelen in twee categorieën:
- Feitelijke handelingen (het aanleggen van een weg)
- Rechtshandelingen (de handeling is bewust gericht op rechtsgevolg)
Rechtshandelingen zijn er in 2 soorten:
Privaatrechtelijke rechtshandelingen (het sluiten van een overeenkomst)
Publiekrechtelijke rechtshandelingen (het opleggen van een belastingaanslag/ beschikking)
Definitie ‘’besluit’’ in de zin van de Awb = art 1:3 lid 1 Awb.
- Schriftelijk
- Beslissing
- Bestuursorgaan
- Publiekrechtelijk
- Rechtshandeling
Definitie ‘’beschikking’’ (art. 1:3 lid 2 Awb)
Een besluit dat niet van algemene strekking is.
Totstandkoming beschikking op aanvraag:
- In ontvangst nemen aanvraag.
- Beoordeling ontvankelijkheid aanvraag.
- De beschikking voorbereiden.
- De beschikking nemen.
- De beschikking bekend maken.