Aardbevingen = Trilling van aarde als gevolg van plotseling verschuiven
van stukken van de aardkorst of de eronder liggende mantel.
Aardverschuivingen = Voorbeeld van een massabeweging waarbij grote
hoeveelheden grond plotseling in beweging komen en van een helling af
glijden.
Agribusiness = Agrarische bedrijven die zich op de gehele
productiekolom van agrarische producten toeleggen (behalve de teelt ook
transport, opslag, verkoop, handel en toelevering).
Andesiet = Uitvloeiingsgesteente dat bestaat uit een grijze massa met
grote kristallen.
Assimilatie = Versmelting van een minderheidsgroep in een andere
groep waarbij (een deel van) de eigen identiteit verloren gaat.
Bbp per inwoner = Totale geldwaarde van alle in een land
geproduceerde goederen en diensten per hoofd van de bevolking.
Bevolkingsdruk = Spanning tussen toename bevolking en
bestaansmogelijkheden in gebied.
Bevolkingsparticipatie = Actieve deelname van veel inwoners aan de
politieke besluitvorming.
Biodiversiteit = Totaal van verschillende soorten levende planten, dieren
en micro-organismen in een gebied.
BRICS-landen = Politieke en economische organisatie van Brazilië,
Rusland, India, China en Zuid-Afrika die zich (met uitzondering van Zuid-
Afrika) in een vergelijkbaar stadium van economische ontwikkeling
bevinden.
Buitenlandse investeringen = Investering in de productie in een ander
land.
Cliëntelisme = Informele machtsstructuur berust op verlenen van
gunsten, ruil voor loyaliteit.
Commercieel = Gericht op het maken van winst.
Culturele verschillen = Verschil tussen volken wat betreft normen,
waarden en tradities.
Deagrarisatie = Proces waar belang van landbouw werkgelegenheid als
bijdrage aan bbp afneemt.
, Decentralisatie = Geven van meer macht aan lagere overheden, zoals
provincies en gemeenten.
Democratisering = Vergroten van inspraak en medezeggenschap voor
meer mensen in bestuur van overheid.
Demografische druk = Verhouding tussen productieve leeftijdsgroep en
niet-productieve.
Demografische transitie = Overgang van niveau van hoge geboorte- en
sterftecijfers naar een laag niveau van geboorte- en sterftecijfers.
Discriminatie = Achterstellen van mensen, omdat ze bijvoorbeeld een
andere godsdienst of huidskleur of andere gewoonten hebben.
Draagkracht = Vermogen van de natuur om gevolgen van menselijk
ingrijpen op te vangen, zonder dat het natuurlijke evenwicht wordt
verstoord.
Duale economie = Economie met modern, ontwikkeld deel en
achtergebleven deel.
Duurzaamheid = Niet meer natuurlijke hulpbronnen gebruiken dan dat
erbij komen, zodat mensen ze ook in de toekomst nog kunnen gebruiken.
El Niño = Periode met een sterke opwarming van zeewater bij de evenaar
langs de westkust van Zuid-Amerika en over een deel van de Stille
Oceaan.
Ertsen = Gesteente/mineraal met nuttige en economisch stoffen kunnen
worden.
Etniciteit = Geheel van sociaal-culturele kenmerken waarvan mensen in
een bepaalde groep vinden dat die bij hen hoort en hen onderling
verbindt.
Exportpakket = Samenstelling naar soort en waarde van alle goederen
en diensten die worden geleverd aan het buitenland.
Exportvalorisatie = Bewerking van en waarde toevoeging aan goederen
die voor uitvoer bestemd zijn.
Foreign direct investments (fdi) = Zie buitenlandse investering.
Formele machtsstructuur = Verdeling van bevoegdheden waarbij
duidelijk besloten is hoe de verhoudingen tussen de deelnemende partijen
zijn geregeld.
Fossiele energiebronnen = Brandstof die in miljoenen jaren is gevormd
uit planten- en/of dierenresten (aardolie, aardgas, bruinkool en steenkool).