HC Staatsrecht 3 aantekeningen
Week 1
Grondrechten
Definitie van het boek: “Fundamentele rechtsnormen die de strekking hebben het individu
persoonlijke vrijheid en een menswaardig bestaan te verzekeren en die de handelingsvrijheid
van met name de overheid beperken”
➢ Niet alleen individuen ook ondernemingen kunnen een beroep doen op de Gw!
➢ Niet alleen de handelingsvrijheid van de overheid worden beperkt.
➢ Subjecten van grondrechten
➢ Universaliteit? -> Grondrechten altijd en overal voor iedereen, ook als deze niet
zijn gecodificeerd.
➢ Horizontale werking? -> zie het woordje ‘met name’.
➢ Negatieve en positieve verplichtingen? -> zie week 3.
Klassieke grondrechten
- Kern: overheidsonthouding (‘overheidsvrije zone’)
- Een burger kan er in een juridische procedure recht aan ontlenen
Sociale, economische en culturele grondrechten
- Kern: zorgplichten van de overheid
- Een burger kan er in een juridische procedure niet direct rechten aan ontlenen, maar
zorgplicht voor de overheid! (Zie hiervoor verder week 7)
Let op -> Er zijn ook grondrechten die niet onder 1 van deze 2 zijn onder te verdelen.
Grondwet (deel 1)
- Schending Gw? (Dan volgende stappen!):
1. Valt het onder de reikwijdte van de Gw?
2. Is er sprake van een inbreuk?
3. En kan deze inbreuk worden gerechtvaardigd?
- Reikwijdte, bijvoorbeeld:
➢ Art. 6 (1) Gw: ieder heeft het recht zijn godsdienst of levensovertuiging,
individueel of in gemeenschap met anderen, vrij te belijden, behoudens ieders
verantwoordelijkheid volgens de wet.
➢ Art. 7 (1) Gw: niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers
gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid
volgens de wet.
➢ Art. 9: het recht tot vergadering en betoging wordt erkend behoudens ieders
verantwoordelijkheid volgens de wet.
- Inbreuk: Let op de leer van de redelijke uitleg!
Beperkingssystematiek
- Beperkingssystematiek
➢ Vooral: competentievoorschriften -> om aan te geven wie er bevoegd is om een
grondrecht te beperken.
Bijvoorbeeld:
➢ Art. 8: het recht tot vereniging wordt erkend. Bij de wet kan dit recht worden
beperkt in het belang van de openbare orde. (Moet bij wet in formele zin)
➢ Art. 11: Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen,
recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam. (Mag ook bij wet in formele zin,
maar staat ook delegatie toe)
, - Soms: doelcriteria
➢ Bijv.: art. 9 (2) (vergadering en betoging):
De wet kan regels stellen ter bescherming van de gezondheid, in het belang van
het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden. (Alleen dus
delegatie mogelijk voor de doelen genoemd in dit lid!).
- Soms: procedure- of vormvoorschriften
➢ Bijv.: art. 12 (binnentreden in een woning)
2. Voor het binnentreden overeenkomstig het eerste lid zijn voorafgaande
legitimatie en mededeling van het doel van het binnetreden vereist, behoudens de
bij de wet gestelde uitzonderingen.
3. Aan de bewoner wordt zo spoedig mogelijk een schriftelijk verslag van het
binnentreden verstrekt. Indien het binnentreden in het belang van de nationale
veiligheid of dat van de strafvordering heeft plaatsgevonden, kan volgens bij de
wet te stellen regels de verstrekking van het verslag worden uitgesteld. In de bij de
wet te bepalen gevallen kan de verstrekking achterwege worden gelaten, indien het
belang van de nationale veiligheid zich tegen verstrekking blijvend verzet.
- Let op: jurisprudentie soms genuanceerder dan tekst suggereert! (Bijv. art. 7, zie
verder week 5)
Kernrechtbenadering?
- Voorbeeld: art. 52, eerste lid Handvest EU:
Beperkingen op de uitoefening van de in dit handvest erkende rechten en vrijheden
moet bij de wet worden gesteld en de wezenlijke inhoud van die rechten en vrijheden
eerbiedigen. Met inachtneming van het evenredigheidsbeginsel kunnen alleen
beperkingen worden gesteld inzien zij noodzakelijk zijn en daadwerkelijk aan door de
Unie erkende doelstellingen van algemeen belang of aan de eisen van de bescherming
van de rechten en vrijheden van anderen beantwoorden.
- Kernrechtbenadering = dat je probeert een onderscheid te maken tussen de kern en de
essentie van het grondrecht en de niet-kern. Het raakt de essentie van het grondrecht
als het zodanig wordt uitgedoofd of teniet word gedaan en dit is dus altijd een
schending.
- RvS, incidenteel in advisering: ‘In het algemeen mag in geen enkele
beperkingsbevoegdheid de bevoegdheid worden gelezen het grondrecht illusoir te
maken’
EVRM
- Casus I: Christine Goodwin t. Verenigd Koninkrijk
➢ Vrouw geboren in het lichaam van een man. Verschillende documenten werd een
M van man gezet, terwijl zij vrouw is. Er ging hiermee op wisselende wijzen om
met betrekking tot haar transitie. Haar BSN-nummer werd niet aangepast naar
vrouw. Het M’tje leidde tot meerdere discrimerende situaties.
➢ Art. 8 Gw -> recht op respect voor zijn privéleven, zijn familie- en gezinsleven,
zijn woning en correspondentie.
Reikwijdte
- Wat moet er allemaal worden begrepen onder de wettelijke termen zoals die in de tekst
van de verdragsbepaling worden gebruikt? En wie bepaalt dat?
➢ Hoe zwaar weegt de bedoeling van de oorspronkelijke opstellers?
➢ Complex: subjectieve beleving (godsdienst, levensovertuiging)
➢ Uitgangspunt: ‘living instrument’
, - Welke consequenties heeft dat voor het overheidsorgaan waartegen het grondrecht
wordt ingeroepen?
➢ Negatieve verplichtingen: onthouding
➢ Positieve verplichtingen: handelen
EVRM beperkingssystematiek
- Geen beperking mogelijk! (Recht is absoluut)
➢ Art. 3 Gw (let op jurisprudentie of er misschien toch een beperking mogelijk is,
want dan is het een inherente beperking).
➢ Let op: is het ook notstandsfest? (art. 15 Gw)
- Klassieke beperkingssystematiek
➢ Art. 8-11
- Eigen beperkingssystematiek
➢ Bijzonder streng: 2, 4, en 5
➢ Art. 1 Eerste Protocol (week 2)
- Inherente beperkingen
➢ Art. 6, 13 en 14
- Let op! Beperkingssystematiek alleen mogelijk bij negatieve verplichtingen, niet
bruikbaar bij positieve verplichtingen.
Positieve verplichting?
- Christene Goodwin
➢ R.o. 71: This case raises the issue whether or not the respondent State has failed to
comply with a positive obligation to ensure the right of the applicant, a post-
operative male to female transsexual, to respect for her private life, in particular
through the lack of legal recognition given to her gender re-assignment.
Fair balance
- Christine Goodwin
➢ R.o. 72: (…) In determining whether or not a positive obligation exists, regard
must also be had to the fair balance that has to be struck between the general
interest of the community and the interests of the individual, the search for which
balance is inherent in the whole of the Convention.
Margin of appreciation
- Christine Goodwin
➢ R.o. 72: The Court recalls that the notion of “respect” as understood in Article 8 is
not clear cut, especially as far as the positive obligations inherent in that concept
are concerned: having regard to the diversity of practices followed and the
situations obtaining in de Contracting States, the notion’s requirements will vary
considerably from case tot case and the margin of appreciation to be accorded to
the authorities may be wider than that applied in other areas under the Convention.
➢ R.o. 74: However, since the Convention is first and foremost a system for the
protection of human rights, the Court must have regard to the changing
conditions within the respondent State and within Contracting States generally
and respond, for example, to any evolving convergence as to the standards to be
achieved.
- Van belang: hoe uiteenlopend de verschillende staten die zijn aangesloten bij het
verdrag ermee omgaan. Is het erg uiteenlopend, dan is de margin of appreciation ook
groter. Is er meer overeenkomst, dan is de margin of appreciation kleiner.
, - Voor het EHRM is het van belang dat het EVRM een levendig subject is en begrippen
kunnen een andere betekenis krijgen als gevolg van de ontwikkeling van een
maatschappij.
Practical & effective
- Christine Goodwin
➢ It is of crucial importance that the Convention is interpreted and applied in a
manner which renders its rights practical and effective, not theoretical and
illusory. A failure by the Court to maintain a dynamic and evolutive approach
would indeed risk rendering it a bar to reform or improvement.
Grondwet (deel 2)
ABRvS Tour de France
Leer van de redelijke uitleg
- PG
➢ Een beperking van een grondrecht vergt een bijzondere beperkingsgrond (in de
wet) overeenkomstig het competentievoorschrift uit de Gw.
➢ Maar: een ongrondwettig verklaring van bepaalde beperkingen zou buiten de
grenzen van de redelijkheid liggen.
➢ Voorbeeld: ook het pand van een drukkerij of gebedshuis moet voldoen aan
brandveiligheidsvereisten. Dat is geen inbreuk op de vrijheid van meningsuiting of
geloofsovertuiging.
- Grondrechten reiken niet zo ver dat de uitoefening ervan te allen tijde, op elke plaats
en op iedere wijze geoorloofd is.
- Handelingen die abstracto binnen de reikwijdte van een grondrecht vallen, mogen
daarom soms toch niet altijd en overal worden verricht.
- Leer van de redelijke uitleg is ‘een muizengaatje’.
ABRvS, 7 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:785
- De in artikel 2:10, eerste lid, van de APV neergelegde verplichting (…) dient onder
meer tot het voorkomen van schade aan de weg en het voorkomen van gevaar voor de
bruikbaarheid of het veilige gebruik van de weg. Dit vergunningvereiste is dan ook
niet in strijd met artikel 7, derde lid, van de Grondwet. Er is dan ook geen grond om
artikel 2:10, eerste lid, van de APV in dit geval buiten toepassing te laten.
In de toekomst
- Nu: artikel 120 Gw
- Discussie:
➢ Toetsing door rechters van wifz aan de Gw toestaan?
➢ Een Constitutioneel Hof?
➢ Aanpassing van de beperkingssystematiek van grondrechten uit de Gw?
Verslag schriftelijk overleg
- Zie document bij week 1.
Rapport Universiteit Maastricht (2024)
‘In 2022 heeft de regering haar voornemen geuit om te komen tot een voorstel tot wijziging
van het toetsingsverbod van art. 120 Gw. (…) Met dit voornemen dienen zich een aantal
vragen aan, die wij in dit onderzoek zullen beantwoorden:
Week 1
Grondrechten
Definitie van het boek: “Fundamentele rechtsnormen die de strekking hebben het individu
persoonlijke vrijheid en een menswaardig bestaan te verzekeren en die de handelingsvrijheid
van met name de overheid beperken”
➢ Niet alleen individuen ook ondernemingen kunnen een beroep doen op de Gw!
➢ Niet alleen de handelingsvrijheid van de overheid worden beperkt.
➢ Subjecten van grondrechten
➢ Universaliteit? -> Grondrechten altijd en overal voor iedereen, ook als deze niet
zijn gecodificeerd.
➢ Horizontale werking? -> zie het woordje ‘met name’.
➢ Negatieve en positieve verplichtingen? -> zie week 3.
Klassieke grondrechten
- Kern: overheidsonthouding (‘overheidsvrije zone’)
- Een burger kan er in een juridische procedure recht aan ontlenen
Sociale, economische en culturele grondrechten
- Kern: zorgplichten van de overheid
- Een burger kan er in een juridische procedure niet direct rechten aan ontlenen, maar
zorgplicht voor de overheid! (Zie hiervoor verder week 7)
Let op -> Er zijn ook grondrechten die niet onder 1 van deze 2 zijn onder te verdelen.
Grondwet (deel 1)
- Schending Gw? (Dan volgende stappen!):
1. Valt het onder de reikwijdte van de Gw?
2. Is er sprake van een inbreuk?
3. En kan deze inbreuk worden gerechtvaardigd?
- Reikwijdte, bijvoorbeeld:
➢ Art. 6 (1) Gw: ieder heeft het recht zijn godsdienst of levensovertuiging,
individueel of in gemeenschap met anderen, vrij te belijden, behoudens ieders
verantwoordelijkheid volgens de wet.
➢ Art. 7 (1) Gw: niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers
gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid
volgens de wet.
➢ Art. 9: het recht tot vergadering en betoging wordt erkend behoudens ieders
verantwoordelijkheid volgens de wet.
- Inbreuk: Let op de leer van de redelijke uitleg!
Beperkingssystematiek
- Beperkingssystematiek
➢ Vooral: competentievoorschriften -> om aan te geven wie er bevoegd is om een
grondrecht te beperken.
Bijvoorbeeld:
➢ Art. 8: het recht tot vereniging wordt erkend. Bij de wet kan dit recht worden
beperkt in het belang van de openbare orde. (Moet bij wet in formele zin)
➢ Art. 11: Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen,
recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam. (Mag ook bij wet in formele zin,
maar staat ook delegatie toe)
, - Soms: doelcriteria
➢ Bijv.: art. 9 (2) (vergadering en betoging):
De wet kan regels stellen ter bescherming van de gezondheid, in het belang van
het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden. (Alleen dus
delegatie mogelijk voor de doelen genoemd in dit lid!).
- Soms: procedure- of vormvoorschriften
➢ Bijv.: art. 12 (binnentreden in een woning)
2. Voor het binnentreden overeenkomstig het eerste lid zijn voorafgaande
legitimatie en mededeling van het doel van het binnetreden vereist, behoudens de
bij de wet gestelde uitzonderingen.
3. Aan de bewoner wordt zo spoedig mogelijk een schriftelijk verslag van het
binnentreden verstrekt. Indien het binnentreden in het belang van de nationale
veiligheid of dat van de strafvordering heeft plaatsgevonden, kan volgens bij de
wet te stellen regels de verstrekking van het verslag worden uitgesteld. In de bij de
wet te bepalen gevallen kan de verstrekking achterwege worden gelaten, indien het
belang van de nationale veiligheid zich tegen verstrekking blijvend verzet.
- Let op: jurisprudentie soms genuanceerder dan tekst suggereert! (Bijv. art. 7, zie
verder week 5)
Kernrechtbenadering?
- Voorbeeld: art. 52, eerste lid Handvest EU:
Beperkingen op de uitoefening van de in dit handvest erkende rechten en vrijheden
moet bij de wet worden gesteld en de wezenlijke inhoud van die rechten en vrijheden
eerbiedigen. Met inachtneming van het evenredigheidsbeginsel kunnen alleen
beperkingen worden gesteld inzien zij noodzakelijk zijn en daadwerkelijk aan door de
Unie erkende doelstellingen van algemeen belang of aan de eisen van de bescherming
van de rechten en vrijheden van anderen beantwoorden.
- Kernrechtbenadering = dat je probeert een onderscheid te maken tussen de kern en de
essentie van het grondrecht en de niet-kern. Het raakt de essentie van het grondrecht
als het zodanig wordt uitgedoofd of teniet word gedaan en dit is dus altijd een
schending.
- RvS, incidenteel in advisering: ‘In het algemeen mag in geen enkele
beperkingsbevoegdheid de bevoegdheid worden gelezen het grondrecht illusoir te
maken’
EVRM
- Casus I: Christine Goodwin t. Verenigd Koninkrijk
➢ Vrouw geboren in het lichaam van een man. Verschillende documenten werd een
M van man gezet, terwijl zij vrouw is. Er ging hiermee op wisselende wijzen om
met betrekking tot haar transitie. Haar BSN-nummer werd niet aangepast naar
vrouw. Het M’tje leidde tot meerdere discrimerende situaties.
➢ Art. 8 Gw -> recht op respect voor zijn privéleven, zijn familie- en gezinsleven,
zijn woning en correspondentie.
Reikwijdte
- Wat moet er allemaal worden begrepen onder de wettelijke termen zoals die in de tekst
van de verdragsbepaling worden gebruikt? En wie bepaalt dat?
➢ Hoe zwaar weegt de bedoeling van de oorspronkelijke opstellers?
➢ Complex: subjectieve beleving (godsdienst, levensovertuiging)
➢ Uitgangspunt: ‘living instrument’
, - Welke consequenties heeft dat voor het overheidsorgaan waartegen het grondrecht
wordt ingeroepen?
➢ Negatieve verplichtingen: onthouding
➢ Positieve verplichtingen: handelen
EVRM beperkingssystematiek
- Geen beperking mogelijk! (Recht is absoluut)
➢ Art. 3 Gw (let op jurisprudentie of er misschien toch een beperking mogelijk is,
want dan is het een inherente beperking).
➢ Let op: is het ook notstandsfest? (art. 15 Gw)
- Klassieke beperkingssystematiek
➢ Art. 8-11
- Eigen beperkingssystematiek
➢ Bijzonder streng: 2, 4, en 5
➢ Art. 1 Eerste Protocol (week 2)
- Inherente beperkingen
➢ Art. 6, 13 en 14
- Let op! Beperkingssystematiek alleen mogelijk bij negatieve verplichtingen, niet
bruikbaar bij positieve verplichtingen.
Positieve verplichting?
- Christene Goodwin
➢ R.o. 71: This case raises the issue whether or not the respondent State has failed to
comply with a positive obligation to ensure the right of the applicant, a post-
operative male to female transsexual, to respect for her private life, in particular
through the lack of legal recognition given to her gender re-assignment.
Fair balance
- Christine Goodwin
➢ R.o. 72: (…) In determining whether or not a positive obligation exists, regard
must also be had to the fair balance that has to be struck between the general
interest of the community and the interests of the individual, the search for which
balance is inherent in the whole of the Convention.
Margin of appreciation
- Christine Goodwin
➢ R.o. 72: The Court recalls that the notion of “respect” as understood in Article 8 is
not clear cut, especially as far as the positive obligations inherent in that concept
are concerned: having regard to the diversity of practices followed and the
situations obtaining in de Contracting States, the notion’s requirements will vary
considerably from case tot case and the margin of appreciation to be accorded to
the authorities may be wider than that applied in other areas under the Convention.
➢ R.o. 74: However, since the Convention is first and foremost a system for the
protection of human rights, the Court must have regard to the changing
conditions within the respondent State and within Contracting States generally
and respond, for example, to any evolving convergence as to the standards to be
achieved.
- Van belang: hoe uiteenlopend de verschillende staten die zijn aangesloten bij het
verdrag ermee omgaan. Is het erg uiteenlopend, dan is de margin of appreciation ook
groter. Is er meer overeenkomst, dan is de margin of appreciation kleiner.
, - Voor het EHRM is het van belang dat het EVRM een levendig subject is en begrippen
kunnen een andere betekenis krijgen als gevolg van de ontwikkeling van een
maatschappij.
Practical & effective
- Christine Goodwin
➢ It is of crucial importance that the Convention is interpreted and applied in a
manner which renders its rights practical and effective, not theoretical and
illusory. A failure by the Court to maintain a dynamic and evolutive approach
would indeed risk rendering it a bar to reform or improvement.
Grondwet (deel 2)
ABRvS Tour de France
Leer van de redelijke uitleg
- PG
➢ Een beperking van een grondrecht vergt een bijzondere beperkingsgrond (in de
wet) overeenkomstig het competentievoorschrift uit de Gw.
➢ Maar: een ongrondwettig verklaring van bepaalde beperkingen zou buiten de
grenzen van de redelijkheid liggen.
➢ Voorbeeld: ook het pand van een drukkerij of gebedshuis moet voldoen aan
brandveiligheidsvereisten. Dat is geen inbreuk op de vrijheid van meningsuiting of
geloofsovertuiging.
- Grondrechten reiken niet zo ver dat de uitoefening ervan te allen tijde, op elke plaats
en op iedere wijze geoorloofd is.
- Handelingen die abstracto binnen de reikwijdte van een grondrecht vallen, mogen
daarom soms toch niet altijd en overal worden verricht.
- Leer van de redelijke uitleg is ‘een muizengaatje’.
ABRvS, 7 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:785
- De in artikel 2:10, eerste lid, van de APV neergelegde verplichting (…) dient onder
meer tot het voorkomen van schade aan de weg en het voorkomen van gevaar voor de
bruikbaarheid of het veilige gebruik van de weg. Dit vergunningvereiste is dan ook
niet in strijd met artikel 7, derde lid, van de Grondwet. Er is dan ook geen grond om
artikel 2:10, eerste lid, van de APV in dit geval buiten toepassing te laten.
In de toekomst
- Nu: artikel 120 Gw
- Discussie:
➢ Toetsing door rechters van wifz aan de Gw toestaan?
➢ Een Constitutioneel Hof?
➢ Aanpassing van de beperkingssystematiek van grondrechten uit de Gw?
Verslag schriftelijk overleg
- Zie document bij week 1.
Rapport Universiteit Maastricht (2024)
‘In 2022 heeft de regering haar voornemen geuit om te komen tot een voorstel tot wijziging
van het toetsingsverbod van art. 120 Gw. (…) Met dit voornemen dienen zich een aantal
vragen aan, die wij in dit onderzoek zullen beantwoorden: