1
Hoorcollege 1 – Inleiding
27 januari 2026
Casus Janneke:
“Janneke is een vrolijk meisje en zit in groep 7. Na een soepele kleuterperiode, pakte Janneke het hakken-en-
plakken vanaf groep 3 niet zo vlot op. Ook bleef ze letters omdraaien. Binnen de klas gaf de juf haar extra
instructie en oefening. Ook voor thuis kreeg ze leesbladen mee. Janneke oefende veel maar ondanks hulp,
ook in een klein groepje buiten de klas, bleven haar leesscores achter. Hier werd ze vaak verdrietig door.
Halverwege groep 4 behaalde Janneke voor de derde keer een V-min score op lezen. Hierdoor kwam ze in
aanmerking voor vergoede diagnostiek voor dyslexie. En ja, Janneke bleek dyslexie te hebben. Er volgde 40
uur behandeling: Janneke ging elke week een uurtje naar de praktijk en oefende daar met de letters en de
spellingsregels. Ook vertelde de ‘bijles-juf’ over wat het betekent om dyslexie te hebben. Daardoor snapt
Janneke beter waarom lezen voor haar lastiger is. Gelukkig kan ze andere dingen juist weer heel goed! Nu in
groep 7 leest Janneke nog steeds langzamer en met meer foutjes dan haar vriendinnen. Maar ze heeft ook
veel trucjes om het zichzelf wat makkelijker te maken. Ze luistert ook vaak naar luisterboeken waarbij ze
meeleest in het
boek, en op school mag ze typen op de laptop zodat ze de ergste spelfouten zelf kan corrigeren.”
Problemen
interventie vooraf
diagnostiek en behandeling
emotie en psychoeduactie
Om dit soort kinderen gaat het! Maar…
theoretische basis nodig om te helpen. Theorie
afgewisseld met casussen.
Bio ecologisch model Bronfenbrenner:
Transactioneel ontwikkelingsmodel:
Etiologie van leerproblemen ligt in de
genen x omgeving en die vormen samen
de hersenen
Hersenen liggen aan de basis van
executieve functies en die uiten zich weer
in gedrag. Gedrag is altijd waarneembaar. Cognitieve processen liggen aan de basis van het gedrag en dat uit
zich wel in gedrag, maar dat kan je niet direct meten. Angst/gevoelens is de affectieve kant.
Stand van
zaken lezen
en rekenen
in
Nederland:
, 2
Lezen:
PIRLS (Progress in International Reading
Literacy Study; groep 6). Onderzoekers
vergeleken de Nederlandse leerlingen
met het gemiddelde van alle leerlingen
uit 21 Westerse landen die de afgelopen
drie metingen hebben deelgenomen
Voor het eerst scoren we niet hoger,
maar hetzelfde als andere Westerse
landen. De daling is het duidelijkst
zichtbaar in de midden- en hoge
vaardigheidsgroep. De daling is extra
duidelijk in de ‘gemiddelde’ groep
leerling (bekeken op schoolniveau)
PISA (Programme for International Student Assessment; 15 jaar)
Ook de leesvaardigheid van middelbare scholieren is drastisch gedaald
Veel meer zwakke lezers, en minder sterke
lezers
Rekenen:
TIMMS
Data uit 2023, geen toppositie. Centrum van de schaal is 500. Verdeling in Nederland is
relatief smal, we zijn goed in bijna alle leerlingen naar een basisniveau kunnen krijgen,
minder goed om te zorgen dat de kinderen die wat meer kunnen hun volledige
potentie kunnen maken. Dus weinig spreiding t.o.v. andere landen. Groep 6 regulier
onderwijs. er is een structureel verschil, waarbij jongens hoger scoren dan meisjes. Is
in andere landen niet te zien, maar alleen in Nederland.
PISA
Afname is de laatste jaren erg groot geweest. 15-jarigen. In TIMMSS was een stabiel beeld, maar in PISA een
groter verschil. Komt omdat Pisa een breder beeld geeft, ook door de leeftijd. die sterke drop is in bijna alle
landen wel te zien, maar in Nederland het sterkst
PEIL
Op basis van de resultaten van de doorstroomtoets. Lezen, taalverzorging en rekenen. Onderscheid tussen
fundamentele niveau: 1f. groep 6, verwachting dat alle leerlingen dat kunnen behalen voor groep 8, .
rekenen 1s en lezen 2f. niveau waar 65% van de leerlingen dit voor groep 8 moeten kunnen behalen. Er word
, 3
hier een onderscheid gemaakt tussen het BO, SBO en SO. Niveau van rekenen zit verder onder het
ambitieniveau dan lezen. Bij het SBO en het SO, ligt het niveau eigenlijk nog lager.
Afgelopen jaar voor rekenen in het SBO behaalde 75% niet het niveau dat ze zouden moeten behalen. Weinig
leerlingen zitten op 1s niveau . vaak op het VSO hebben de leerlingen nog zo’n laag niveau dat ze op het VSO
ook nog rekenles moeten geven. Ze kunnen zichzelf vaak niet redden in het dagelijks leven.
Werkveld en ondersteuning:
Response To Instruction / Intervention (RTI)
Alle behandeling voor leerproblemen begint bij goed onderwijs (voor 80%
van de leerlingen zou dit voldoende moeten zijn). Voor de leerlingen waar
dit niet voldoende is, wordt er extra instructie ingezet. Zijn interventies die
vaak in de klas worden ingezet om. Als dit niet voldoende is gaan ze naar
Tier 3
Wetenschappelijk model dat ligt als basis voor de ondersteuningsniveaus.
Zijn vergelijkbaar voor lezen en rekenen.
Lezen: opbouw ondersteuningsniveaus (ON):
ON1: onderwijs in de groep gericht op lezen en spellen (in
de klas)
ON2: extra aandacht in de vorm van verlengde instructie en
begeleide inoefening (in de klas)
ON3: specifieke interventie op school (individueel of in
kleine groep)
ON4: gespecialiseerde behandeling
Zie kennisclip!!
Rekenen: opbouw ondersteuningsniveaus
Op basis van ondersteuningsbehoeften
Fase groen & geel: leerkracht
Fase oranje: interne rekenexpert
Fase rood: extern onderzoek (en behandeling) door bijv. orthopedagoog
Protocol ERWD
Hoorcollege 2 – Beginnend rekenen en dyscalculie
30 januari 2026
Begin college uitleg wat alles betekent
Hoorcollege 1 – Inleiding
27 januari 2026
Casus Janneke:
“Janneke is een vrolijk meisje en zit in groep 7. Na een soepele kleuterperiode, pakte Janneke het hakken-en-
plakken vanaf groep 3 niet zo vlot op. Ook bleef ze letters omdraaien. Binnen de klas gaf de juf haar extra
instructie en oefening. Ook voor thuis kreeg ze leesbladen mee. Janneke oefende veel maar ondanks hulp,
ook in een klein groepje buiten de klas, bleven haar leesscores achter. Hier werd ze vaak verdrietig door.
Halverwege groep 4 behaalde Janneke voor de derde keer een V-min score op lezen. Hierdoor kwam ze in
aanmerking voor vergoede diagnostiek voor dyslexie. En ja, Janneke bleek dyslexie te hebben. Er volgde 40
uur behandeling: Janneke ging elke week een uurtje naar de praktijk en oefende daar met de letters en de
spellingsregels. Ook vertelde de ‘bijles-juf’ over wat het betekent om dyslexie te hebben. Daardoor snapt
Janneke beter waarom lezen voor haar lastiger is. Gelukkig kan ze andere dingen juist weer heel goed! Nu in
groep 7 leest Janneke nog steeds langzamer en met meer foutjes dan haar vriendinnen. Maar ze heeft ook
veel trucjes om het zichzelf wat makkelijker te maken. Ze luistert ook vaak naar luisterboeken waarbij ze
meeleest in het
boek, en op school mag ze typen op de laptop zodat ze de ergste spelfouten zelf kan corrigeren.”
Problemen
interventie vooraf
diagnostiek en behandeling
emotie en psychoeduactie
Om dit soort kinderen gaat het! Maar…
theoretische basis nodig om te helpen. Theorie
afgewisseld met casussen.
Bio ecologisch model Bronfenbrenner:
Transactioneel ontwikkelingsmodel:
Etiologie van leerproblemen ligt in de
genen x omgeving en die vormen samen
de hersenen
Hersenen liggen aan de basis van
executieve functies en die uiten zich weer
in gedrag. Gedrag is altijd waarneembaar. Cognitieve processen liggen aan de basis van het gedrag en dat uit
zich wel in gedrag, maar dat kan je niet direct meten. Angst/gevoelens is de affectieve kant.
Stand van
zaken lezen
en rekenen
in
Nederland:
, 2
Lezen:
PIRLS (Progress in International Reading
Literacy Study; groep 6). Onderzoekers
vergeleken de Nederlandse leerlingen
met het gemiddelde van alle leerlingen
uit 21 Westerse landen die de afgelopen
drie metingen hebben deelgenomen
Voor het eerst scoren we niet hoger,
maar hetzelfde als andere Westerse
landen. De daling is het duidelijkst
zichtbaar in de midden- en hoge
vaardigheidsgroep. De daling is extra
duidelijk in de ‘gemiddelde’ groep
leerling (bekeken op schoolniveau)
PISA (Programme for International Student Assessment; 15 jaar)
Ook de leesvaardigheid van middelbare scholieren is drastisch gedaald
Veel meer zwakke lezers, en minder sterke
lezers
Rekenen:
TIMMS
Data uit 2023, geen toppositie. Centrum van de schaal is 500. Verdeling in Nederland is
relatief smal, we zijn goed in bijna alle leerlingen naar een basisniveau kunnen krijgen,
minder goed om te zorgen dat de kinderen die wat meer kunnen hun volledige
potentie kunnen maken. Dus weinig spreiding t.o.v. andere landen. Groep 6 regulier
onderwijs. er is een structureel verschil, waarbij jongens hoger scoren dan meisjes. Is
in andere landen niet te zien, maar alleen in Nederland.
PISA
Afname is de laatste jaren erg groot geweest. 15-jarigen. In TIMMSS was een stabiel beeld, maar in PISA een
groter verschil. Komt omdat Pisa een breder beeld geeft, ook door de leeftijd. die sterke drop is in bijna alle
landen wel te zien, maar in Nederland het sterkst
PEIL
Op basis van de resultaten van de doorstroomtoets. Lezen, taalverzorging en rekenen. Onderscheid tussen
fundamentele niveau: 1f. groep 6, verwachting dat alle leerlingen dat kunnen behalen voor groep 8, .
rekenen 1s en lezen 2f. niveau waar 65% van de leerlingen dit voor groep 8 moeten kunnen behalen. Er word
, 3
hier een onderscheid gemaakt tussen het BO, SBO en SO. Niveau van rekenen zit verder onder het
ambitieniveau dan lezen. Bij het SBO en het SO, ligt het niveau eigenlijk nog lager.
Afgelopen jaar voor rekenen in het SBO behaalde 75% niet het niveau dat ze zouden moeten behalen. Weinig
leerlingen zitten op 1s niveau . vaak op het VSO hebben de leerlingen nog zo’n laag niveau dat ze op het VSO
ook nog rekenles moeten geven. Ze kunnen zichzelf vaak niet redden in het dagelijks leven.
Werkveld en ondersteuning:
Response To Instruction / Intervention (RTI)
Alle behandeling voor leerproblemen begint bij goed onderwijs (voor 80%
van de leerlingen zou dit voldoende moeten zijn). Voor de leerlingen waar
dit niet voldoende is, wordt er extra instructie ingezet. Zijn interventies die
vaak in de klas worden ingezet om. Als dit niet voldoende is gaan ze naar
Tier 3
Wetenschappelijk model dat ligt als basis voor de ondersteuningsniveaus.
Zijn vergelijkbaar voor lezen en rekenen.
Lezen: opbouw ondersteuningsniveaus (ON):
ON1: onderwijs in de groep gericht op lezen en spellen (in
de klas)
ON2: extra aandacht in de vorm van verlengde instructie en
begeleide inoefening (in de klas)
ON3: specifieke interventie op school (individueel of in
kleine groep)
ON4: gespecialiseerde behandeling
Zie kennisclip!!
Rekenen: opbouw ondersteuningsniveaus
Op basis van ondersteuningsbehoeften
Fase groen & geel: leerkracht
Fase oranje: interne rekenexpert
Fase rood: extern onderzoek (en behandeling) door bijv. orthopedagoog
Protocol ERWD
Hoorcollege 2 – Beginnend rekenen en dyscalculie
30 januari 2026
Begin college uitleg wat alles betekent