Hoorcollege 1
Technologie en kernbegrippen
1. Ze automatiseren menselijke handelingen
2. Ze verhogen de productiviteit en efficiëntie
, 3. Ze beïnvloeden hoe mensen werken, denken, communiceren en
samenleven.
Technologie volgens Arthur
Volgens Arthur (2009) is technologie meer dan alleen een los apparaat. Zijn
kernideeën zijn:
1. Technologie bestaat niet uit losse tools
Een technologie is geen enkel object, maar een geheel.
2. Technologie is een combinatie van werkingsprincipes die een functie
vervullen
Elke technologie berust op fundamentele principes (zoals natuurkundige of
logische wetten) die iets mogelijk maken.
3. Elke technologie is een samenstelling van andere technologieën
Technologieën bouwen op elkaar voort:
o Een smartphone bestaat uit meerdere technologieën
o Een stoomweefmachine combineert stoomkracht en mechanica
4. Technologieën vormen samen een ecosysteem dat zich ontwikkelt
Technologieën beïnvloeden elkaar en evolueren door de tijd heen. Nieuwe
technologie ontstaat meestal uit bestaande.
Volgens Arthur is technologie een combinatie van andere technologieën die
samenwerken binnen een voortdurend evoluerend ecosysteem.
,Voorbeeld: De smartphone is een technologie die andere technologieën
combineert, zoals internet, batterijen, microchips, touchscreens en software.
Deze technologieën werken samen binnen een technologisch ecosysteem dat
bestaat uit mobiele netwerken, app-ontwikkelaars, technologiebedrijven en
gebruikers.
Binnen dit ecosysteem evolueert de smartphone voortdurend, bijvoorbeeld met
betere camera's, snellere verbindingen en nieuwe communicatiemogelijkheden.
,Wat betekent het rood gemarkeerde gedeelte?
Van ongeveer 2005 tot 2015:
• Bijna elk huishouden heeft nu een computer.
• De internettoegang bereikt vrijwel hetzelfde niveau.
De twee lijnen komen samen.
- Computers functioneren niet meer zonder internet.
- Het internet vereist computers (en later smartphones).
- Hier ontstaat het technologische ecosysteem.
Link met Arthur
Een technologie verspreidt zich
→ computers komen in huizen terecht
Het verbindt zich met andere technologieën
→ internet, software, netwerken
Er ontstaat een ecosysteem
→ computers + internet + gebruikers + diensten
Technologieën evolueren samen
→ meer internet → nieuwe functies → nieuwe computers
- We hebben het niet langer over één enkele technologie, maar over een onderling
afhankelijk systeem.
,De figuur toont hoe computertechnologie zich door de tijd heen ontwikkelt van
grootschalige, gesloten systemen (zoals mainframes) naar een alomtegenwoordig
technologisch ecosysteem. Naarmate computers zich verspreiden van bedrijven
naar individuele gebruikers en netwerken, neemt hun maatschappelijke impact toe.
In de fase van ‘ubiquitous computing’ zijn computers overal aanwezig en
vervlechten het fysieke en digitale leven zich steeds meer.
Door de verspreiding en onderlinge afhankelijkheid van computertechnologieën
vormt zich een technologisch ecosysteem.
Computers zijn bijvoorbeeld afhankelijk van:
• netwerken en internet
• software
• elektriciteit
• andere apparaten (servers, smartphones)
En die technologieën hebben op hun beurt computers nodig.
-> Die wederzijdse afhankelijkheid = ecosysteem.
, Innovatie ontstaat meestal door bestaande ideeën te combineren, niet door
volledig nieuwe, spontane ontdekkingen. Technologieën bouwen altijd voort op
eerdere technologieën. Vernieuwing komt daarom vooral voort uit nieuwe
combinaties van dingen die al bestaan.
Voor organisaties betekent dit dat ze innovatie moeten organiseren door:
• kennis en technologieën uit verschillende afdelingen, disciplines en
netwerken samen te brengen,
• en actief te stimuleren dat bestaande ideeën op nieuwe manieren worden
hergebruikt en gecombineerd.
Kort: innovatie = slim hercombineren van wat er al is.
Incrementeel v.s. disruptief