Week 1
Uitwerken casus
1. Leerstuk (onderwerp)
2. Rechtsvraag
3. Juridisch kader
4. Conclusie
Geldige overeenkomst
1. Aanbod en aanvaarding 6:217 BW
-> 6:225 BW: Nieuw aanbod laat de andere aanbod vervallen.
2. Wil en verklaring 3:33 BW
3. Gerechtvaardigd vertrouwen 3:35 jo. 3:11 BW
-> Onderzoeksplicht
Herroeping 6:219 BW: Herroeping alleen als aanbod niet aanvaard is en binnen redelijk termijn.
Vrijblijvend aanbod onverwijld -> Direct
3:34 BW Geestelijke stoornis
3:35 jo. 3:11 BW -> Gerechtvaardigd vertrouwen, onderzoeksplicht.
Week 2
Geldige ovk handelingsonbekwaarmheid minderjarig
Ovk? 6:217 BW: Aanbod en aanvaarding.
-> 3:32 BW: iedereen kan rechtshandelingen verrichten, tenzij de wet anders bepaalt.
Lid 2 -> Rh onbekwame is vernietigbaar. Ongerichte eenzijdige rechtshandeling is nietig, alle andere rechtshandelingen zijn niet geldig.
1:233 en 1:234 BW:
-> 1:233 BW: Minderjarigen zijn zij die de leeftijd van 18 nog niet hebben bereikt.
-> 1:234 BW: Minderjarige is bekwaam met toestemming rh te verrichten, voor zover de wet niet anders bepaalt. Als die dus geen
toestemming heeft is die handelingsonbekwaam.
Lid 3 -> Uitzondering: Als het gaat om een gebruikelijke rechtshandeling (iets wat minderjarigen vaak kunnen doen), dan kunnen we
ervan uitgaan dat de toestemming verleend is. Dan is de minderjarige wel handelingsbekwaam.
Handelingsonbekwaamheid curatele
Als je beroep doet op 3:34 BW kun je ook beroepen op 3:35 BW maar dat wil je niet want je wil zo veel mogelijk beschermen.
6:217 BW: Aanbod en aanvaarding, er is een aanbod en een aanvaarding.
3:32 lid 1 BW: Iedereen is handelingsbekwaam tenzij.
1:381 lid 2 en 3: Toestemming nodig van de curator. Als je die toestemming niet hebt is je rechtshandeling ongedlig en kun je
vernietigen.
Beroep op 3:35 BW slaagt niet omdat het gaat over een onder curatele gestelde, derdenbescherming kan niet.
, Vernietiging ovk op grond van dwaling
6:228 BW:
(1) Onjuiste voorstelling van zaken
(2) Causaal verband: Tussen onjuiste veronderstelling van zaken en het sluiten van de overeenkomst.
(3) Welk gevaltype?: 6:228 sub b BW
-> Mededelingsplicht HR Offringa r.o. 3.7 (Factoren, geen vereisten, 1 van de 4 is niet genoeg tho)
1. Wederpartij is van bepaalde feiten op de hoogte of moet worden geacht deze te kennen.
2. Wederpartij weet/behoort te weten dat de betrokken eigenschap essentieel is voor de dwalende.
3. Wederpartij moet er rekening mee houden dat de andere dwaalt
4. Wederpartij had naar maatschappelijke opvattingen moeten inlichten
Bij sub b neem je kenbaarheidsvereiste mee bij factor 2, bij sub a en c zijn die apart.
(4) 6:228 lid 2:
- Uitsluitend toekomstige omstandigheid:
- Aard van de ovk, in verkeer geldende opvattingen of omstandigheden van het geval:
In verkeer geldende opvattingen -> Onderzoeksplicht
Mededelingsplicht weegt zwaarder dan onderzoeksplicht HR Offringa/Vinck r.o. 3.5: Je kan niet als je de mededelingsplicht
hebt geschonden zeggen dat de wederpartij zijn onderzoeksplicht heeft geschonden. Je moet altijd alle info verstrekken die
een partij nodig heeft.
Gevaltype sub A en C
(3) Welk gevaltype? 6:228 lid 1 sub a, verkeerde inlichting.
(4) Kenbaarheidsvereiste: Ja, want we weten dat de Meiland familie het aan de verkoper hebben gezegd dat ze het willen verdelen.
Bij sub a en c is kenbaarheidsvereiste aparte vereiste.
Kun je beroep doen op 1 van de verweren van lid 2?
- Uitsluitend toekomstige omstandigheid:
HR Booy/WIsman: Je moet gaan kijken, zijn de eigenschappen van dat goed tijdens de overeenkomst afwezig? Als dat zo is
kun je er geen beroep op doen.
- Aard van de ovk, in verkeer geldende opvattingen of omstandigheden van het geval:
In beginsel weegt mededelingsplicht zwaarder, maar dit is bij sub b, dat heb je hier niet.
HR Baris/Riezenkamp: Wie onjuiste mededeling doet kan zich er niet op beroepen dat dwalende partij onderzoeksplicht
moet doen.
Arresten
- Baris/Riezenkamp -> 6:228 sub a BW, onjuiste inlichting
- Booy/Wisman -> 6:228 sub a BW, onjuiste inlichting
- Van der Beek/Dartel -> 6:228 sub b BW, mededelingsplicht gaat voor onderzoeksplicht
- Offringa/Vinck -> 6:228 sub b BW, mededelingsplicht gaat voor onderzoeksplicht
Baris riezenkamp en Booy wisman -> Type a, kunnen ook paar dingen van b genoemd worden
Van der beek van dartel en Offringa/vink rosberg -> ALLEEN type b, niet a.
Vernietiging ovk bedrog
3:44 lid 3 BW:
(1) Opzettelijk gehandeld
(2) Onjuiste mededeling, opzettelijke verzwijging of andere kunstgreep
(3) Opzet moet gericht zijn om die rechtshandeling te verrichten
(4) Causaal verband: Tussen het verzwijgen en de koopovereenkomst.
Uitwerken casus
1. Leerstuk (onderwerp)
2. Rechtsvraag
3. Juridisch kader
4. Conclusie
Geldige overeenkomst
1. Aanbod en aanvaarding 6:217 BW
-> 6:225 BW: Nieuw aanbod laat de andere aanbod vervallen.
2. Wil en verklaring 3:33 BW
3. Gerechtvaardigd vertrouwen 3:35 jo. 3:11 BW
-> Onderzoeksplicht
Herroeping 6:219 BW: Herroeping alleen als aanbod niet aanvaard is en binnen redelijk termijn.
Vrijblijvend aanbod onverwijld -> Direct
3:34 BW Geestelijke stoornis
3:35 jo. 3:11 BW -> Gerechtvaardigd vertrouwen, onderzoeksplicht.
Week 2
Geldige ovk handelingsonbekwaarmheid minderjarig
Ovk? 6:217 BW: Aanbod en aanvaarding.
-> 3:32 BW: iedereen kan rechtshandelingen verrichten, tenzij de wet anders bepaalt.
Lid 2 -> Rh onbekwame is vernietigbaar. Ongerichte eenzijdige rechtshandeling is nietig, alle andere rechtshandelingen zijn niet geldig.
1:233 en 1:234 BW:
-> 1:233 BW: Minderjarigen zijn zij die de leeftijd van 18 nog niet hebben bereikt.
-> 1:234 BW: Minderjarige is bekwaam met toestemming rh te verrichten, voor zover de wet niet anders bepaalt. Als die dus geen
toestemming heeft is die handelingsonbekwaam.
Lid 3 -> Uitzondering: Als het gaat om een gebruikelijke rechtshandeling (iets wat minderjarigen vaak kunnen doen), dan kunnen we
ervan uitgaan dat de toestemming verleend is. Dan is de minderjarige wel handelingsbekwaam.
Handelingsonbekwaamheid curatele
Als je beroep doet op 3:34 BW kun je ook beroepen op 3:35 BW maar dat wil je niet want je wil zo veel mogelijk beschermen.
6:217 BW: Aanbod en aanvaarding, er is een aanbod en een aanvaarding.
3:32 lid 1 BW: Iedereen is handelingsbekwaam tenzij.
1:381 lid 2 en 3: Toestemming nodig van de curator. Als je die toestemming niet hebt is je rechtshandeling ongedlig en kun je
vernietigen.
Beroep op 3:35 BW slaagt niet omdat het gaat over een onder curatele gestelde, derdenbescherming kan niet.
, Vernietiging ovk op grond van dwaling
6:228 BW:
(1) Onjuiste voorstelling van zaken
(2) Causaal verband: Tussen onjuiste veronderstelling van zaken en het sluiten van de overeenkomst.
(3) Welk gevaltype?: 6:228 sub b BW
-> Mededelingsplicht HR Offringa r.o. 3.7 (Factoren, geen vereisten, 1 van de 4 is niet genoeg tho)
1. Wederpartij is van bepaalde feiten op de hoogte of moet worden geacht deze te kennen.
2. Wederpartij weet/behoort te weten dat de betrokken eigenschap essentieel is voor de dwalende.
3. Wederpartij moet er rekening mee houden dat de andere dwaalt
4. Wederpartij had naar maatschappelijke opvattingen moeten inlichten
Bij sub b neem je kenbaarheidsvereiste mee bij factor 2, bij sub a en c zijn die apart.
(4) 6:228 lid 2:
- Uitsluitend toekomstige omstandigheid:
- Aard van de ovk, in verkeer geldende opvattingen of omstandigheden van het geval:
In verkeer geldende opvattingen -> Onderzoeksplicht
Mededelingsplicht weegt zwaarder dan onderzoeksplicht HR Offringa/Vinck r.o. 3.5: Je kan niet als je de mededelingsplicht
hebt geschonden zeggen dat de wederpartij zijn onderzoeksplicht heeft geschonden. Je moet altijd alle info verstrekken die
een partij nodig heeft.
Gevaltype sub A en C
(3) Welk gevaltype? 6:228 lid 1 sub a, verkeerde inlichting.
(4) Kenbaarheidsvereiste: Ja, want we weten dat de Meiland familie het aan de verkoper hebben gezegd dat ze het willen verdelen.
Bij sub a en c is kenbaarheidsvereiste aparte vereiste.
Kun je beroep doen op 1 van de verweren van lid 2?
- Uitsluitend toekomstige omstandigheid:
HR Booy/WIsman: Je moet gaan kijken, zijn de eigenschappen van dat goed tijdens de overeenkomst afwezig? Als dat zo is
kun je er geen beroep op doen.
- Aard van de ovk, in verkeer geldende opvattingen of omstandigheden van het geval:
In beginsel weegt mededelingsplicht zwaarder, maar dit is bij sub b, dat heb je hier niet.
HR Baris/Riezenkamp: Wie onjuiste mededeling doet kan zich er niet op beroepen dat dwalende partij onderzoeksplicht
moet doen.
Arresten
- Baris/Riezenkamp -> 6:228 sub a BW, onjuiste inlichting
- Booy/Wisman -> 6:228 sub a BW, onjuiste inlichting
- Van der Beek/Dartel -> 6:228 sub b BW, mededelingsplicht gaat voor onderzoeksplicht
- Offringa/Vinck -> 6:228 sub b BW, mededelingsplicht gaat voor onderzoeksplicht
Baris riezenkamp en Booy wisman -> Type a, kunnen ook paar dingen van b genoemd worden
Van der beek van dartel en Offringa/vink rosberg -> ALLEEN type b, niet a.
Vernietiging ovk bedrog
3:44 lid 3 BW:
(1) Opzettelijk gehandeld
(2) Onjuiste mededeling, opzettelijke verzwijging of andere kunstgreep
(3) Opzet moet gericht zijn om die rechtshandeling te verrichten
(4) Causaal verband: Tussen het verzwijgen en de koopovereenkomst.