26’
,Inhoud
Week 1.........................................................................................................2
Hoorcollege 1............................................................................................2
Hoofdstuk 19.1-19.8.................................................................................4
Week 2.........................................................................................................6
Hoorcollege 2............................................................................................7
Hoofdstuk 18.............................................................................................9
Week 3.......................................................................................................11
Hoorcollege 3..........................................................................................12
Hoofdstuk 12.8 - 12.9.............................................................................14
Hoofdstuk 14...........................................................................................16
Week 4.......................................................................................................18
Hoorcollege 3..........................................................................................19
Hoofdstuk 13...........................................................................................21
Hoofdstuk 17.1 - 17.8.............................................................................23
Week 5.......................................................................................................26
Hoorcollege 5..........................................................................................26
Theorie week 5.......................................................................................29
Week 6.......................................................................................................32
College 6.................................................................................................32
Hoofdstuk 11.1 – 11.4.............................................................................34
Week 7.......................................................................................................36
Hoorcollege 7..........................................................................................36
Hoofdstuk 20.1 – 20.6.............................................................................39
1
, Week 1
Hoorcollege 1
2
, De kwaliteit van kwantitatief onderzoek wordt bepaald door drie kernaspecten: validiteit,
betrouwbaarheid en bruikbaarheid. Validiteit gaat over de vraag of daadwerkelijk wordt gemeten wat
men wil meten; fouten kunnen systematisch of toevallig zijn. Betrouwbaarheid verwijst naar de
consistentie van metingen: bij herhaling onder dezelfde omstandigheden moeten vergelijkbare
resultaten worden verkregen. Bruikbaarheid heeft betrekking op de mate waarin de resultaten
aansluiten bij het praktijkprobleem van de opdrachtgever.
Veelgebruikte onderzoekstrategieën zijn surveyonderzoek en experimenten. Data kunnen worden
verzameld via vragenlijsten, observaties of inhoudsanalyse, en kunnen primair (specifiek voor het
onderzoek verzameld) of secundair (eerder verzameld voor een ander doel) zijn. Bij het opstellen van
vragenlijsten is zorgvuldige formulering belangrijk: duidelijke, eenduidige woorden zonder impliciete
aannames of generalisaties. Er bestaan verschillende vraagtypen, zoals open en gesloten vragen,
dichotome vragen en schaalvragen (bijvoorbeeld Likert-items).
Bij steekproeven wordt onderscheid gemaakt tussen populatie, operationele populatie,
steekproefkader, steekproef en gerealiseerde steekproef. Alleen bij aselecte (kans)steekproeven mag
representativiteit worden verondersteld. Representativiteit betekent dat de steekproef een goede
afspiegeling vormt van de populatie op relevante kenmerken. Dit kan worden getoetst met een chi-
kwadraattoets, waarbij geobserveerde en verwachte frequenties worden vergeleken. Opvallend is dat
bij representativiteitstoetsen soms een hoge alfa
(bijvoorbeeld .30) wordt gebruikt om de kans op een
type II-fout te verkleinen: men wil niet te snel
concluderen dat een steekproef representatief is.
Het begrip vrijheidsgraden, dat onder meer voorkomt bij de t-toets en chi-kwadraattoets, wordt
weergegeven als:
df =N−1
Datacleaning is een belangrijke stap vóór analyse. Hierbij controleer je coderingen, routings en
missing data. Ontbrekende gegevens kunnen de power en validiteit beïnvloeden, vooral wanneer ze
selectief voorkomen. De aanpak van missing data bestaat uit het vaststellen van het type missing, de
omvang en het patroon, en vervolgens het kiezen van een geschikte methode.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen Missing Completely at Random (MCAR), waarbij ontbrekende
waarden volledig toevallig zijn, en Missing at Random (MAR), waarbij de kans op ontbrekende
waarden samenhangt met andere geobserveerde variabelen. Bij minder dan 10% missing data en
MCAR wordt het probleem vaak als beperkt beschouwd, maar kritisch blijven is belangrijk. Methoden
om met missings om te gaan zijn onder andere listwise deletion, pairwise deletion, mean substitution
en regressietechnieken. Geen enkele methode is altijd de beste; de keuze moet worden
beargumenteerd.
Tot slot zijn ethische aspecten essentieel: informed consent, vertrouwelijkheid en zorgvuldige
omgang met gegevens. Goed kwantitatief onderzoek vereist dus een valide en betrouwbare opzet,
een representatieve steekproef, zorgvuldige dataverwerking en een bewuste omgang met ethiek.
3