1. Begripsbepaling.
Het gaat om de ziekte diabetes Mellitus type 1, in de volksmond beter bekend als
suikerziekte.
Diabetes mellitus betekend letterlijk zoete doorloop. Deze ziekte wordt zo genoemd omdat
de urine en het bloed zoet zijn door de grote hoeveelheid glucose.
2. Epidemiologie.
Volgens huisartsen registratie op 1 januari 2011 waren dit 843.100 mensen in Nederland.
Dat is zo’n 50 op de 1000 inwoners. Jaarlijks krijgen zo’n 87.000 inwoners van Nederland te
horen dat ze diabetes hebben. 10% van de mensen met diabetes hebben type 1, de andere
90% heeft type 2.
3. Anatomie/fysiologie
Anatomie van de pancreas / alvleesklier:
De alvleesklier is een langwerpig orgaan dat zich in de achterkant van de buik, achter de
maag bevindt. De rechterkant van de pancreas is het breedste deel van het orgaan en ligt in
de curve van het duodenum (het eerste deel van de dunne darm). De linkerkant loopt langs
de dunne darm en eindigt dicht bij de milt.
De alvleesklier bestaat uit twee soorten weefsel:
exocrien weefsel
het exocriene weefsel van de alvleesklier scheidt spijsverteringsenzymen uit. Deze
enzymen staan via een netwerk van minuscule buisjes in verbinding met de dunne darm
waar ze helpen met het verteren van voedsel.
endocrien weefsel
in de pancreas liggen de zogenaamde eilandjes van Langerhans die behoren tot het
hormonaal stelsel in het lichaam. De cellen in de eilandjes van Langerhans scheiden
hormonen uit in de bloedbaan.
Fysiologie van de pancreas / alvleesklier:
De alvleesklier heeft 2 verschillende functies die duidelijk van elkaar onderscheiden moeten
worden: De exocriene functie en de endocriene functie.
De exocriene functie speelt een belangrijke rol bij de vertering van het voedsel. De
alvleesklier produceert pancreassappen (spijsverteringsenzymen) dat via kleine afvoerbuisjes
die samenkomen tot één grote afvoerbuis (pancreasbuis) wordt afgevoerd naar de
twaalfvingerige darm. De pancreasbuis mondt uit in de twaalfvingerige darm, ongeveer 10
cm voorbij de sluitspier van de maag. Deze plek noemt men de Papil van Vater. Vlak voordat
de pancreasbuis in de twaalfvingerige darm uitmondt, verenigt deze zich met de
galafvoergang.