TOE
Correlationeel.....................................................................................2
HC 1 – vragenlijsten..................................................................................2
HC2 – betrouwbaarheid en regressie........................................................6
HC3 – meer over regressie........................................................................9
HC4 – meten en bronnen van vertekening.............................................12
Experimenteel..................................................................................15
HC5 – experimenteel 1............................................................................15
HC6 – experimenteel 2............................................................................17
HC7 – experimenteel 3............................................................................20
HC8 – experimenteel 4............................................................................23
Kwalitatief........................................................................................27
HC 9 – data verzameling.........................................................................27
HC 10 – data-analyse..............................................................................32
HC 11 – rigor & mixed methods..............................................................36
HC 12 – ethiek & filosofie........................................................................40
1
,Correlationeel
HC 1 – vragenlijsten
Correlationeel onderzoek
= gegevens die worden verzameld om de statistische relatie of associatie te
meten tussen twee of meer variabelen die van nature voorkomen, zonder te
manipuleren. Patronen te identificeren en de sterkte en richting van een verband
te bepalen, niet om een oorzakelijk verband vast te stellen.
o Niet-experimenteel: onderzoeker observeert en meet variabele zoals in
natuurlijke omgeving. Geen manipulatie.
o Identificeert associaties: gegevens laten zien of variabelen in consistent
patroon veranderen.
o Correlatie moet niet aan tonen dat ene variabele de andere veroorzaakt,
ook andere factoren spelen mee.
Voorwaarden causaliteit
o Covariance = moet een relatie zijn tussen oorzaak en het gevolg.
o Temporal precedence = de oorzaak moet in de tijd voorafgaan aan het
gevolg.
o Internal validity = alternatieve verklaringen voor de gevonden relatie
moeten zijn uitgesloten.
Correlationele data wordt op verschillende manier gegenereerd:
o Doelgericht: ontworpen/ designed vragenlijsten, observaties,
experimenten.
o Toevallig: organisch bestaande gegevens.
Doelgerichte data
Onderzoekers verzamelen gegevens om:
o De sociale werkelijkheid te beschrijven
o Relaties te bestuderen
o Eventuele resultaten te generaliseren naar een doelpopulatie
Doelen van het onderzoek (Inferentiële doelen) kunnen verschillen:
o Beschrijven
o Causaliteit
o Voorspellen
Let op: causale verbanden kunnen in principe allen vastgesteld worden m.b.v.
gerandomiseerd experiment. Maar doel kan nog steeds vaststellen van een
causaal verband.
In onderzoek wordt vaak een vragenlijst als meetinstrument gebruikt. Maar
maakt ook gebruik van observaties of bestaande gegevens.
2
,Vragenlijst
In veel sociaalwetenschappelijk onderzoek wordt de vragenlijst als
meetinstrument gebruikt.
o Survey onderzoek: meningen, gedrag of persoonskenmerken bestuderen
op groepsniveau.
o Mixed methods onderzoek: bv combi van interview en vragenlijst.
Zowel kwantitatieve als kwalitatieve gegevens worden verzameld.
o Experimenteel onderzoek: voorafgaande het experiment, na een
manipulatie gevoelens of ervaringen uitvragen.
Kunnen op verschillende manieren afgenomen worden internet, smartphone,
face-to-face, post, telefoon.
Keuze hangt af van doelgroep, setting en doel van onderzoek.
Verschillende eigenschappen
o Mate van betrokkenheid van de onderzoeker/ interviewer
o Mate van interactie met respondent (onderzoeker mag niet zijn eigen
mening laten zien, dus moet neutraal blijven maar er moet ook soort
relatie opgebouwd worden want interviewer moet wel alles kunnen
zeggen).
o Mate van privacy
o Communicatiemogelijkheden visueel (plaatjes laten zien kan
bijvoorbeeld niet tijdens telefonisch interview) en auditief (bij post
onderzoek geen audio)
o Gebruik van technologie
o Kosten
o Deelname/ response (post is weinig responsie, telefoon veel).
Mixed-mode designs
= combineren van twee of meer formats van vragenlijsten. Kan oplossing zijn
voor enkele problemen.
o Lage response rate
o Grote invloed van de interviewer
o Hoge kosten
o Mode effects
Soorten mixed-mode designs
o Een type voor sommige respondenten, een ander type voor andere.
o Een type voor werving, een andere voor afname van de enquête.
o Een type voor gegevensverzameling, een andere voor herinneringen en
follow-up.
o Een type voor het hoofdgedeelte, een andere voor vragen over een
gevoelig onderwerp.
3
, Panelonderzoek
= een groep mensen ook wel panelleden genoemd – die zich hebben aangemeld
om deel te nemen aan onderzoek. Doen door invullen van enquêtes, het
deelnemen aan interviews, user test of focusgroepen. Onderzoek loopt over een
langere periode.
Bij enquêtes is de inhoud van de vragenlijsten meestal hetzelfde kunnen
toegevoegd of aangepast worden aan de hand van actuele gebeurtenissen,
nieuwe inzichten.
Longitudinaal panel
= volgt dezelfde groep individuen over een langere periode. Biedt inzicht in
veranderingen in attitudes, gedragingen of andere variabele binnen dezelfde
groep over de tijd.
Dwarsdoorsnede panel
= wordt ook wel cross-sectioneel panelonderzoek genoemd. Verzamelt gegevens
van verschillende individuen op verschillende tijdstippen. Elke keer dat gegevens
worden verzameld, kan een nieuwe steekproef worden genomen.
Longitudinaal panel Dwarsdoorsnede panel
Voordelen: Voordelen:
o Leeftijds, periode, en cohort o Leeftijds, periode, en cohort
effecten kunnen beschreven effecten kunnen beschreven
worden. worden.
o Binnen-persoon veranderingen o Goedkoper, minder uitval
kunnen gemeten worden. o Geen leereffecten
Nadelen: Nadelen:
o Uitval o Binnen-persoon veranderingen
o Panel conditionering/ kunnen niet gemeten worden
leeftijdseffecten
Operationaliseren
= Een theoretische begrip meetbaar maken.
Theoretisch begrip conceptuele definitie operationele definitie variabele.
Itemscore = score van een persoon op 1 vraag. Hierbij ordinaal meetniveau.
Weet niet verschil tussen 6 en 7, of dat zelfde is als 3 en 4.
- Likert schaal: 7-point schaal. Disagree-agree.
Variabele creëren
Doel: score maken die 1 variabele meet.
o Optie 1 tel alle itemscores bij elkaar op
o Voorbeeld: 15 stellingen met itemscores tussen de 1 en 7
schaalscores tussen de 15 en 105
o Kan onhandig zijn omdat er soms ontbrekende antwoorden zijn. Als
je het dan bij elkaar optelt klopt het niet omdat je dan misschien
een lagere score krijgt dan dat het eigenlijk is. Je kunt dan geen
somscore gebruiken.
4
Correlationeel.....................................................................................2
HC 1 – vragenlijsten..................................................................................2
HC2 – betrouwbaarheid en regressie........................................................6
HC3 – meer over regressie........................................................................9
HC4 – meten en bronnen van vertekening.............................................12
Experimenteel..................................................................................15
HC5 – experimenteel 1............................................................................15
HC6 – experimenteel 2............................................................................17
HC7 – experimenteel 3............................................................................20
HC8 – experimenteel 4............................................................................23
Kwalitatief........................................................................................27
HC 9 – data verzameling.........................................................................27
HC 10 – data-analyse..............................................................................32
HC 11 – rigor & mixed methods..............................................................36
HC 12 – ethiek & filosofie........................................................................40
1
,Correlationeel
HC 1 – vragenlijsten
Correlationeel onderzoek
= gegevens die worden verzameld om de statistische relatie of associatie te
meten tussen twee of meer variabelen die van nature voorkomen, zonder te
manipuleren. Patronen te identificeren en de sterkte en richting van een verband
te bepalen, niet om een oorzakelijk verband vast te stellen.
o Niet-experimenteel: onderzoeker observeert en meet variabele zoals in
natuurlijke omgeving. Geen manipulatie.
o Identificeert associaties: gegevens laten zien of variabelen in consistent
patroon veranderen.
o Correlatie moet niet aan tonen dat ene variabele de andere veroorzaakt,
ook andere factoren spelen mee.
Voorwaarden causaliteit
o Covariance = moet een relatie zijn tussen oorzaak en het gevolg.
o Temporal precedence = de oorzaak moet in de tijd voorafgaan aan het
gevolg.
o Internal validity = alternatieve verklaringen voor de gevonden relatie
moeten zijn uitgesloten.
Correlationele data wordt op verschillende manier gegenereerd:
o Doelgericht: ontworpen/ designed vragenlijsten, observaties,
experimenten.
o Toevallig: organisch bestaande gegevens.
Doelgerichte data
Onderzoekers verzamelen gegevens om:
o De sociale werkelijkheid te beschrijven
o Relaties te bestuderen
o Eventuele resultaten te generaliseren naar een doelpopulatie
Doelen van het onderzoek (Inferentiële doelen) kunnen verschillen:
o Beschrijven
o Causaliteit
o Voorspellen
Let op: causale verbanden kunnen in principe allen vastgesteld worden m.b.v.
gerandomiseerd experiment. Maar doel kan nog steeds vaststellen van een
causaal verband.
In onderzoek wordt vaak een vragenlijst als meetinstrument gebruikt. Maar
maakt ook gebruik van observaties of bestaande gegevens.
2
,Vragenlijst
In veel sociaalwetenschappelijk onderzoek wordt de vragenlijst als
meetinstrument gebruikt.
o Survey onderzoek: meningen, gedrag of persoonskenmerken bestuderen
op groepsniveau.
o Mixed methods onderzoek: bv combi van interview en vragenlijst.
Zowel kwantitatieve als kwalitatieve gegevens worden verzameld.
o Experimenteel onderzoek: voorafgaande het experiment, na een
manipulatie gevoelens of ervaringen uitvragen.
Kunnen op verschillende manieren afgenomen worden internet, smartphone,
face-to-face, post, telefoon.
Keuze hangt af van doelgroep, setting en doel van onderzoek.
Verschillende eigenschappen
o Mate van betrokkenheid van de onderzoeker/ interviewer
o Mate van interactie met respondent (onderzoeker mag niet zijn eigen
mening laten zien, dus moet neutraal blijven maar er moet ook soort
relatie opgebouwd worden want interviewer moet wel alles kunnen
zeggen).
o Mate van privacy
o Communicatiemogelijkheden visueel (plaatjes laten zien kan
bijvoorbeeld niet tijdens telefonisch interview) en auditief (bij post
onderzoek geen audio)
o Gebruik van technologie
o Kosten
o Deelname/ response (post is weinig responsie, telefoon veel).
Mixed-mode designs
= combineren van twee of meer formats van vragenlijsten. Kan oplossing zijn
voor enkele problemen.
o Lage response rate
o Grote invloed van de interviewer
o Hoge kosten
o Mode effects
Soorten mixed-mode designs
o Een type voor sommige respondenten, een ander type voor andere.
o Een type voor werving, een andere voor afname van de enquête.
o Een type voor gegevensverzameling, een andere voor herinneringen en
follow-up.
o Een type voor het hoofdgedeelte, een andere voor vragen over een
gevoelig onderwerp.
3
, Panelonderzoek
= een groep mensen ook wel panelleden genoemd – die zich hebben aangemeld
om deel te nemen aan onderzoek. Doen door invullen van enquêtes, het
deelnemen aan interviews, user test of focusgroepen. Onderzoek loopt over een
langere periode.
Bij enquêtes is de inhoud van de vragenlijsten meestal hetzelfde kunnen
toegevoegd of aangepast worden aan de hand van actuele gebeurtenissen,
nieuwe inzichten.
Longitudinaal panel
= volgt dezelfde groep individuen over een langere periode. Biedt inzicht in
veranderingen in attitudes, gedragingen of andere variabele binnen dezelfde
groep over de tijd.
Dwarsdoorsnede panel
= wordt ook wel cross-sectioneel panelonderzoek genoemd. Verzamelt gegevens
van verschillende individuen op verschillende tijdstippen. Elke keer dat gegevens
worden verzameld, kan een nieuwe steekproef worden genomen.
Longitudinaal panel Dwarsdoorsnede panel
Voordelen: Voordelen:
o Leeftijds, periode, en cohort o Leeftijds, periode, en cohort
effecten kunnen beschreven effecten kunnen beschreven
worden. worden.
o Binnen-persoon veranderingen o Goedkoper, minder uitval
kunnen gemeten worden. o Geen leereffecten
Nadelen: Nadelen:
o Uitval o Binnen-persoon veranderingen
o Panel conditionering/ kunnen niet gemeten worden
leeftijdseffecten
Operationaliseren
= Een theoretische begrip meetbaar maken.
Theoretisch begrip conceptuele definitie operationele definitie variabele.
Itemscore = score van een persoon op 1 vraag. Hierbij ordinaal meetniveau.
Weet niet verschil tussen 6 en 7, of dat zelfde is als 3 en 4.
- Likert schaal: 7-point schaal. Disagree-agree.
Variabele creëren
Doel: score maken die 1 variabele meet.
o Optie 1 tel alle itemscores bij elkaar op
o Voorbeeld: 15 stellingen met itemscores tussen de 1 en 7
schaalscores tussen de 15 en 105
o Kan onhandig zijn omdat er soms ontbrekende antwoorden zijn. Als
je het dan bij elkaar optelt klopt het niet omdat je dan misschien
een lagere score krijgt dan dat het eigenlijk is. Je kunt dan geen
somscore gebruiken.
4