, Oefentoets – alle antwoorden apart einde
15 open vragen
Hoofdstuk 1 – Ontwerp van het elektriciteitsdistributienet
1. Beschrijf hoe je de belasting (load) van een nieuw aan te leggen middenspanningsnet berekent
en welke factoren je meeneemt bij het bepalen van de maximale gelijktijdigheid.
2. Leg uit hoe spanningsverlies in een laagspanningsnet ontstaat en welke ontwerpkeuzes je kunt
maken om dit binnen de norm te houden.
3. Analyseer het verschil tussen een radiaal en een ringnet en beargumenteer in welke situaties je
voor elk type kiest.
4. Beschrijf hoe selectiviteit in een distributienet wordt bereikt en waarom dit essentieel is voor
bedrijfszekerheid.
5. Leg uit hoe je de kortsluitstroom berekent in een distributienet en welke invloed deze heeft op
de keuze van beveiligingscomponenten.
Hoofdstuk 2 – Veiligstellen voor werkzaamheden
6. Beschrijf stap voor stap de procedure voor het spanningsloos maken van een installatie
volgens de geldende veiligheidsvoorschriften.
7. Leg uit wat het verschil is tussen spanningsloos werken en werken onder spanning, en geef
aan wanneer elk is toegestaan.
8. Analyseer de risico’s van restspanning en beschrijf hoe je deze kunt elimineren voordat
werkzaamheden beginnen.
9. Beschrijf de rol van de werkverantwoordelijke en de installatieverantwoordelijke bij het
veiligstellen van een installatie.
10. Leg uit hoe je controleert of een installatie daadwerkelijk spanningsloos is en welke
meetmiddelen je daarvoor gebruikt.
Hoofdstuk 3 – Montagewerkzaamheden
11. Beschrijf het volledige proces van het aanleggen van een ondergrondse kabelverbinding,
inclusief voorbereiding, uitvoering en afronding.
12. Leg uit welke eisen worden gesteld aan het monteren van kabelmoffen en waarom een
correcte uitvoering cruciaal is.
13. Analyseer de meest voorkomende fouten bij het aansluiten van verdeelinrichtingen en
beschrijf hoe je deze voorkomt.
14. Beschrijf hoe je tekeningen en schema’s interpreteert bij montagewerkzaamheden en hoe je
afwijkingen signaleert.
15. Leg uit hoe je de kwaliteit van montagewerkzaamheden controleert en welke metingen of
tests je uitvoert na afronding.