Het doel van drama is het verwerven van inzicht in de functie en betekenis van het dramatische
product en dat van anderen.
Dramatische verbeelding: verbeelding ten dienste van een dramatisch product. Verbeelden hangt
sterk samen met fantasie en creativiteit.
Dramatische vormgeving: de wijze waarop het spel wordt gepresenteerd. Vormgeven is de wijze
waarop een begrip of personage wordt uitgebeeld (fysiek wordt vormgegeven), dus de werkvorm
waarin en de manier waarop er gespeeld wordt.
Dramatisch inzicht vergroten kind meer aanknopingspunten om zijn eigen functioneren binnen de
dramales in te schatten, zijn kijk op de werkelijkheid te vernieuwing en zich daardoor te ontwikkelen.
Drama gaat niet om het achterhalen van de waarheid > ruimte voor discussies! (meningsvorming)
Driedeling drama: drama als cultuurgoed, als didactisch hulpmiddel voor leerinhouden van andere
vakken en als pedagogisch middel.
Drama als cultuurgoed: ontwikkeling kunstvorm theater en eigen smaak.
Drama als didactisch hulpmiddel: vooral op het gebied van taalontwikkeling.
Drama als pedagogisch middel: aanleren van vaardigheden (waaronder sociaal-emotionele ontw)
! Drama is geen sociale training, het is een kunstvak !
Het doel van het formuleren van pedagogische doelstellingen bij drama is om vakspecifiek verder te
komen (dus effectiever aan drama te kunnen doen).
Situatieschets van het vak drama: procesgericht > 3 fasen: aftastfase (speldrempel), spelcriteria
(verstaanbaarheid, spelrichting of fysieke spelhouding) en het spel eigen maken. Veilig pedagogisch
klimaat = belangrijk.
Keith Johnstone > Canadese theaterdocent die improvisatietechnieken heeft ontwikkeld. Door te
experimenteren ontdekte hij een non-verbale code die, in ieder geval binnen improvisaties, haarfijn
de motivaties van de spelers blootlegde.
Lagestatussignalen/Hogestatussignalen zijn:
voeten naar binnen buiten gedraaid
weinig veel ruimte innemen
gebaren naar van het lichaam toe af of die het eigen lichaam aanraken
springerige vloeiende bewegingen maken
je hoofd bewegen stilhouden als je spreekt
kort diep in- en uitademen
een korte, stotende langgerekt ‘euh’ voor of halverwege een zin
lachen met veel tanden bloot je boventanden of met je boventanden tegen je onderlip
kort lang aankijken, je ogen afwenden en nog snel even terugkijken
Een aantal begrippen die cruciaal zijn bij de ontwikkeling van de persoonlijkheid:
Fantasie/verbeeldingskracht: het aangeboren mechanisme waarmee een kind datgene wat hij
ervaart en leert op eigen wijze verwerkt en tot uitdrukking brengt. Vereist vrijheid van denken.
Creativiteit: persoonlijke wijze waarop een gevoel, gedachte, begrip of fantasie wordt
geconcretiseerd. Productgerichte creativiteit vereist een bepaalde technische vaardigheid, zodat een
inhoud daadwerkelijk zó wordt vormgegeven dat deze overkomt en voor anderen te begrijpen en te
interpreteren is. Niet één eigenschap leidt tot creativiteit, maar een combinatie van eigenschappen.
Selffulfilling prophecies: verwachtingen die zichzelf waarmaken.