Geschiedenis PARAGRAAF 1.1
GEEN SCHRIFTELIJKE BRONNEN
Op welke bronnen is onze kennis van de prehistorie gebaseerd?
-> Voor onze kennis van de prehistorie zijn we afhankelijk van ongeschreven bronnen, zoals: bot
resten, potscherven, voetafdrukken, grotschilderingen, versteende voedsel resten etc. -> deze
worden bestudeerd door het stukje geschiedeniswetenschap -> archeologie. Ze weten veel over hoe
ze leefden maar niet over hoe ze dachten, er is dus heel weinig over de cultuur bekend. Er is vrijwel
niets bekend over individuele mensen.
DE VERSPREIDING VAN DE MODERNE MENS
Hoe verspreidde de moderne mens zich over de wereld?
-> De mens heeft zich geëvolueerd van apen die in het wouden van Afrika leefden. Deze mensen
leefden in groepen, in een samenleving van jager-verzamelaars. Uiteindelijk bleef er één mens
soort over: de moderne mens, die 200.000 jaar geleden in Oost-Afrika ontstond. Er waren toen nog 5
andere menen soorten die verspreid over de wereld leefden. 50.0000 v.C verspreidde de eerste
moderne mens zich. Eerst verscheen hij in Azië, daarna in Europa, daarna in Australië en uiteindelijk
stak hij over naar Amerika. De moderne mens overleefde als enige.
JAGER-VERZAMELAARS
Welke levenswijze hadden de jagers-verzamelaars?
-> Mannen hielden zich bezig met de jacht. Voor de jacht op grote dieren werkten ze samen.
Vrouwen zorgden voor de kinderen en verzamelden wortels, noten etc. en ander plantaardig
voedsel. Jager-verzamelaars leefden in groepen van enkele tientallen mensen. Ze zochten naar eten
en hadden geen vaste woonplaats -> nomaden. Was er in een gebied veel eten? Dan bleven ze daar
een tijdje. Jager-verzamelaars hadden eerst alleen grove werktuigen bijv. stenen. Vanaf 50.000 v.C
werden die werktuigen ingewikkelder (pijlen en bogen etc.). Ze naaiden ook kleding, bouwden
hutten waardoor ze bestand waren tegen de kou.
GEDACHTEN EN KUNST
Hoe brachten de jager-verzamelaars hun gedachten tot uiting?
-> Vanaf omstreeks 30.000 v.C maakten ze in Europa vrouwen beeldjes met enorme buiken, borsten
en heupen. In grotten in Zuid-Frankrijk en Spanje maakten ze wandschilderingen. De
prehistorische kunst laat zien dat de cultuur van jager-verzamelaars ingewikkelder werd. Mensen
gingen denken in symbolen. Ze begrepen bijv. dat met een tekening op een rotswand iets anders
kon worden bedoeld dan zichtbaar was.
PARAGRAAF 1.2
ONTSTAAN VAN DE LANDBOUW
Hoe ontstond de landbouw?
-> 9000 v.C merkten mensen in het Midden-Oosten dat ze tarwekorrels en vruchten konden
uitzaaien en planten, waar nieuw planten opkwamen. -> de ontdekking van de landbouw -> veel
mensen werden boer. Na de akkerbouw ontstond rond 8000 v.C veeteelt eerst geiten en schapen,
later ook met varkens en runderen. In duizenden jaren werd de landbouw steeds gevarieerder
(erwten, linzen, olijven etc.). De landbouwrevolutie begon het eerst in een gebied ten oosten van de
Middellandse Zee -> het was daar erg vruchtbaar. Vanuit hier verspreidden migranten de landbouw
in Azië, Afrika en Europa.
OORZAKEN EN GEVOLGEN VAN DE LANDBOUWREVOLUTIE
Welke oorzaken en gevolgen hadden het ontstaan van de landbouw?
-> Een belangrijke oorzaak was dat het klimaat veranderde. In het Midden-Oosten ontstonden er
natte winters en warme droge zomers. In Europa werd het milieu geschikter voor landbouw.
GEEN SCHRIFTELIJKE BRONNEN
Op welke bronnen is onze kennis van de prehistorie gebaseerd?
-> Voor onze kennis van de prehistorie zijn we afhankelijk van ongeschreven bronnen, zoals: bot
resten, potscherven, voetafdrukken, grotschilderingen, versteende voedsel resten etc. -> deze
worden bestudeerd door het stukje geschiedeniswetenschap -> archeologie. Ze weten veel over hoe
ze leefden maar niet over hoe ze dachten, er is dus heel weinig over de cultuur bekend. Er is vrijwel
niets bekend over individuele mensen.
DE VERSPREIDING VAN DE MODERNE MENS
Hoe verspreidde de moderne mens zich over de wereld?
-> De mens heeft zich geëvolueerd van apen die in het wouden van Afrika leefden. Deze mensen
leefden in groepen, in een samenleving van jager-verzamelaars. Uiteindelijk bleef er één mens
soort over: de moderne mens, die 200.000 jaar geleden in Oost-Afrika ontstond. Er waren toen nog 5
andere menen soorten die verspreid over de wereld leefden. 50.0000 v.C verspreidde de eerste
moderne mens zich. Eerst verscheen hij in Azië, daarna in Europa, daarna in Australië en uiteindelijk
stak hij over naar Amerika. De moderne mens overleefde als enige.
JAGER-VERZAMELAARS
Welke levenswijze hadden de jagers-verzamelaars?
-> Mannen hielden zich bezig met de jacht. Voor de jacht op grote dieren werkten ze samen.
Vrouwen zorgden voor de kinderen en verzamelden wortels, noten etc. en ander plantaardig
voedsel. Jager-verzamelaars leefden in groepen van enkele tientallen mensen. Ze zochten naar eten
en hadden geen vaste woonplaats -> nomaden. Was er in een gebied veel eten? Dan bleven ze daar
een tijdje. Jager-verzamelaars hadden eerst alleen grove werktuigen bijv. stenen. Vanaf 50.000 v.C
werden die werktuigen ingewikkelder (pijlen en bogen etc.). Ze naaiden ook kleding, bouwden
hutten waardoor ze bestand waren tegen de kou.
GEDACHTEN EN KUNST
Hoe brachten de jager-verzamelaars hun gedachten tot uiting?
-> Vanaf omstreeks 30.000 v.C maakten ze in Europa vrouwen beeldjes met enorme buiken, borsten
en heupen. In grotten in Zuid-Frankrijk en Spanje maakten ze wandschilderingen. De
prehistorische kunst laat zien dat de cultuur van jager-verzamelaars ingewikkelder werd. Mensen
gingen denken in symbolen. Ze begrepen bijv. dat met een tekening op een rotswand iets anders
kon worden bedoeld dan zichtbaar was.
PARAGRAAF 1.2
ONTSTAAN VAN DE LANDBOUW
Hoe ontstond de landbouw?
-> 9000 v.C merkten mensen in het Midden-Oosten dat ze tarwekorrels en vruchten konden
uitzaaien en planten, waar nieuw planten opkwamen. -> de ontdekking van de landbouw -> veel
mensen werden boer. Na de akkerbouw ontstond rond 8000 v.C veeteelt eerst geiten en schapen,
later ook met varkens en runderen. In duizenden jaren werd de landbouw steeds gevarieerder
(erwten, linzen, olijven etc.). De landbouwrevolutie begon het eerst in een gebied ten oosten van de
Middellandse Zee -> het was daar erg vruchtbaar. Vanuit hier verspreidden migranten de landbouw
in Azië, Afrika en Europa.
OORZAKEN EN GEVOLGEN VAN DE LANDBOUWREVOLUTIE
Welke oorzaken en gevolgen hadden het ontstaan van de landbouw?
-> Een belangrijke oorzaak was dat het klimaat veranderde. In het Midden-Oosten ontstonden er
natte winters en warme droge zomers. In Europa werd het milieu geschikter voor landbouw.