Grondslagen van
Opvoeding en
Ontwikkeling
Erasmus Universiteit Rotterdam
Samenvatting hoorcolleges
Biologische grondslagen van opvoeding en ontwikkeling – ESSB2010
,Inhoudsopgave
Hoorcollege 1 – evolutie en neurotransmissie..............................................3
Evolutie.....................................................................................................3
Anatomie...................................................................................................3
Neuronen..................................................................................................4
Neurotransmissie......................................................................................5
Hoorcollege 2 – onderzoeksmethodes voor cognitie in baby’s/peuters.......6
Breinontwikkeling:.....................................................................................6
Methodes: gedrag, kijken & oogbewegingen............................................6
Het bestuderen van het brein van baby’s en kinderen.............................7
Hoorcollege 3 – opvoeding en ouderschap................................................11
Moederbrein en vaderbrein.....................................................................11
Zwangerschapsdementie........................................................................13
Healthy father brain................................................................................15
Babybrein................................................................................................16
Hechting..................................................................................................18
Hoorcollege 4 – hersenontwikkeling en sociaal gedrag..............................19
Hersenontwikkeling: het puberbrein.......................................................19
Sociale relaties en de hersenen..............................................................20
Sociale media en het brein.....................................................................22
Hoorcollege 5 – stress en ontwikkeling......................................................24
Wat is stress............................................................................................24
Stress systemen......................................................................................24
Hoe herken je stress...............................................................................27
Gevolgen van stress................................................................................27
Hoorcollege 6 – verschil tussen jongens en meisjes.................................29
Gender....................................................................................................29
Leerdoel 1: Waarom zijn geslachtsverschillen relevant voor pedagogen29
Leerdoel 2: welke neurobiologische verschillen zijn er tussen mannen en
vrouwen?................................................................................................30
Leerdoel 3: Welke gedragsverschillen zijn er tussen mannen en
vrouwen?................................................................................................31
, Leerdoel 4: Wat zijn oorzaken van verschillen tussen mannen en
vrouwen?................................................................................................32
Leerdoel 5: Wat zijn de belangrijkste lessen voor het pedagogische
werkveld?................................................................................................32
Hoorcollege 7 – Slaap.................................................................................33
Wat is slaap?...........................................................................................33
Hoe werkt slaap in de hersenen?............................................................33
Slaap bij adolescenten............................................................................35
Waarom is slaap belangrijk?...................................................................35
Slaapstoornissen.....................................................................................37
Slaap hygiëne.........................................................................................37
Meten van slaap......................................................................................37
Slaap en stemming.................................................................................38
Hoorcollege 8 – leren en geheugen............................................................39
Wat is geheugen?....................................................................................39
Werkgeheugen........................................................................................40
Leren.......................................................................................................42
, Hoorcollege 1 – evolutie en neurotransmissie
Evolutie
Natuurlijke selectie = individuen met gunstige eigenschappen die een overlevings- of
voortplantingsvoordeel geven, hebben meer kans om hun genen door te geven aan de
volgende generatie (= the survival of the fittest). Degene die het meest is aangepast aan de
omgeving en de genen kan doorgeven.
Voorwaarden van natuurlijke selectie:
Variatie, mutaties. Overerving & selectie
Producten: adaptaties (vb: navelstreng in de buik tijdens de zwangerschap),
bijproducten (je houdt er een navel van over), random effecten (de vorm)
Seksuele selectie = selectie
Intra seksuele competitie. Een competitie binnen een sekse, dus mannen die
vechten voor een vrouw.
Interseksuele competitie. Een competitie buiten een sekse, dus een vrouw die dmv
make-up mannen probeert aan te trekken.
Bij inclusive fitness wordt ervan uitgegaan van een pro sociaal gedrag. Ze dragen dezelfde
genen. Het verklaart waarom een individu zorgt voor het nageslacht. Een vrouw die erg
investeert in de opvoeding, wil liever een man die ook erg zorgzaam is (= parental investment
theory). Theory of parent-offspring confict = conflict tussen wat het kind wil van de ouder en
wat de ouder doet. Theory of reciprocal altruism = iets goed doen, in de hoop dat op een dag
de ander dat ook voor jou zal doen.
Anatomie
Zenuwstelsel = hersenen en alle zenuwen. Onder te verdelen in centrale en perifere
zenuwstelsel.
Centrale zenuwstelsel = brein en ruggenmerg.
Perifere zenuwstelsel = autonome en somatische zenuwstelsel.
Autonome zenuwstelsel = sympathische (zorgt voor actie) en parasympatische zenuwstelsel
(zorgt voor rem).