Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Uitwerking C&V werkgroepen- Goederenrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
18
Geüpload op
01-04-2026
Geschreven in
2025/2026

Dit document bevat een volledige uitwerking van de C&V werkgroepen Goederenrecht.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Goederenrecht Casus alle werkgroepen:
Week 1
Taak: De zilveren ketting
In 1992 ontdekt Daphne op een antiekmarkt in Den Haag een schitterende
zilveren ketting. Zij kan deze voor een opvallend lage prijs kopen. Navraag bij
de verkoper leert Daphne weinig: de verkoper geeft aan de herkomst van de
ketting niet goed te kennen. Wel wijst hij Daphne op het fraaie zilver en op het
feit dat zij een buitenkansje laat lopen, omdat hij (de handelaar) snel van de
ketting af wil. Hierop koopt Daphne de ketting.
In 1997 overlijdt Daphne onverwacht. De ketting komt terecht bij haar 7-jarige
dochter en enig erfgenaam Jolien. Inmiddels is gebleken dat de ketting kort voor
de aankoop door Daphne bij antiquair Aalbers is gestolen. Daphne is hiervan
echter nooit op de hoogte gebracht en Jolien weet uiteraard helemaal niets van
de voorgeschiedenis van de ketting.
In 2014 heeft Jolien dringend geld nodig en verkoopt zij de ketting aan haar
vriendin Pauline. Zij spreken af dat meteen wordt geleverd door middel van een
levering constituto possessorio (cp-levering) en dat Jolien de ketting nog een
maand onder zich houdt. De vriendinnen zijn echter vrij laks: Pauline neemt de
ketting pas na een half jaar mee naar huis, als zij toevallig bij Jolien op bezoek
is.
Er lijkt bijna een vloek op de ketting te rusten: in 2016 breekt Henri bij Pauline
in en neemt al haar sieraden mee, waaronder dus ook de ketting. Een jaar na de
inbraak doet Henri de ketting cadeau aan zijn nichtje Mathilde voor haar 18e
verjaardag. De criminele activiteiten van Henri worden in 2019 bekend bij de
politie en hij wordt gearresteerd: zijn familie, inclusief Mathilde, is
stomverbaasd om te horen over ome Henri's verborgen bestaan als meesterdief.
Vraag:

Bespreek voor elk van de hierboven vermelde gebeurtenissen wat er met
het eigendomsrecht van de ketting is gebeurd. Bespreek steeds wie
eigenaar is, en op grond waarvan.


Situatie 1 – Daphne koopt de ketting van Antiekmarkt.
Op grond van artikel 3:84 BW ontstaat overdracht door; een geldige titel,
levering en beschikkingsbevoegdheid van de vervreemder. De geldige titel
bestaat uit de koopovereenkomst tussen Daphne en Antiekmarkt. De levering
geschiedt conform artikel 3:90 lid 1 (bezitsverschaffing). De Antiekmarkt lijkt op
dat moment beschikkingsbevoegd. Er is dus een geldige overdracht tot stand
gekomen.




Situatie 2- De ketting blijkt gestolen

,Aalbers is de oorspronkelijke eigenaar van de ketting. De dief heeft zich de
ketting in bezit genomen op grond van artikel 3:113 lid 1. Hij is op grond van
artikel 3:118 lid 1 niet te goeder trouw. Dit veranderd niets aan het eigendom
dat nog altijd bij Aalbers ligt.
Als Daphne de zaak overneemt van de dief dan neemt zij enkel het bezit op
grond van artikel 3:113 lid 1. Eigendomsoverdracht komt niet tot stand, want de
dief is beschikkingsonbevoegd. Een beroep op 3:86 komt Daphne niet toe, want
zij is gelet op de feitelijke omstandigheden niet te goeder trouw.
Daphne is dus in werkelijkheid enkel bezitter te kwade trouw geworden. Het
eigendom ligt nog altijd bij Aalbers.
Situatie 3- De ketting komt bij Jolien
Volgens artikel 3:80 lid 2 verkrijgt Jolien de goederen van Daphne onder
algemene titel door erfopvolging. In artikel 3:116 is bepaald dat diegene die een
ander onder algemene titel opvolgt, hij diegene in diens bezit en houderschap
opvolgt met alle gebreken en hoedanigheden.
Daphne was bezitter te kwade trouw van de ketting. Jolien wordt dus bezitter te
kwade trouw van de ketting.
Situatie 4- Jolien verkoopt de ketting
De rechtsvordering van Aalbers dat ontstaan is na de diefstal in 2012 verjaart
met ingang van 2014 (na 20 jaar op grond van 3:306 BW). In 2012 is Jolien dus
van bezitter te kwader trouw, door verjaring eigenaar geworden van de ketting.
Zij verkoopt de ketting aan pauline. Op grond van artikel 3:84 komt overdracht
tot stand door geldige titel, levering en beschikkingsbevoegdheid.
Koopovereenkomst is de geldige titel, Jolien is eigenaar en dus
beschikkingsbevoegd, en er is een CP-levering op grond van artikel 3:90 jo
3:115 sub a. Pauline is dus eigenaar en middellijk bezitter geworden, en Jolien
onmiddellijk houder. Dat Jolien de ketting langer onder zich houdt dan
afgesproken doet niets af aan de onderlinge verhoudingen.
Situatie 5- Henri steelt de ketting en geeft deze aan Mathilde
Henri wordt door de diefstal op grond van artikel 3:113 lid 1 jo 3:118 BW
bezitter te kwade trouw. Hij draagt de ketting op grond van 3:84 over aan
Mathilde. De geldige titel is de schenkingsovereenkomst, levering is 3:90
bezitsverschaffing, en beschikkingsbevoegdheid. Henri is echter niet
beschikkingsbevoegd.
Kan Mathilde een beroep doen op 3:86? Nee want de
beschikkingsonbevoegdheid kan enkel opgelost worden als de overdracht
anders dan om niet geschiedt. De overdracht in de casus is om niet geschiedt
(schenking). Pauline is eigenaar gebleven.
Taak: Dubbelop
Het overslagbedrijf Nedpak, heeft op korte termijn een grote hoeveelheid
containers nodig: in totaal 300 stuks. Het bedrijf besluit om 100 containers te
kopen en, omdat een deel van de extra containers slechts tijdelijk nodig is, de

, andere 200 te huren. Binnen een paar weken worden de containers door
Pieterse BV bij Nedpak afgeleverd.
Pieterse BV produceert, verkoopt en verhuurt o.a. containers. Alle containers
worden door Pieterse BV van een uniek registratienummer voorzien, zodat ze
gemakkelijker van elkaar en van andermans containers zijn te onderscheiden.
Pieterse BV houdt van de containers die verhuurd worden een lijst bij om te
voorkomen dat na afloop van de verhuurperiode niet meer duidelijk is welke
containers eigendom van Pieterse BV zijn. Toch gaat er wel eens iets mis. Zo
heeft Nedpak een twintigtal containers, waarvan het dacht eigenaar te zijn, aan
De Boer & Co doorverkocht omdat Nedpak een beperkte overcapaciteit in de
nabije toekomst voorziet. Deze containers zijn echter in werkelijkheid eigendom
van Pieterse BV gebleven. Omdat Nedpak de containers echter voorlopig nog
zelf nodig heeft, is besloten tot een levering door middel van constitutum
possessorium. Aan het einde van de huurtermijn komt de vergissing aan het
licht; zowel Pieterse BV als De Boer menen eigenaar te zijn van deze containers.
Vragen:
a) Wie is eigenaar, bezitter en houder van de betreffende containers op
het moment dat deze aan De Boer & Co worden doorverkocht?
1) Met betrekking tot de 100 verkochte containers. Pieterse B.V. is de eigenaar
en draagt deze over op grond van 3:84 BW. Geldige titel is de
koopovereenkomst, levering is bezitsverschaffing op grond van 3:90 BW en
Pieterse B.V. is als eigenaar beschikkingsbevoegd. Pieterse was dus eigenaar en
bezitter na overdracht is Nedpak eigenaar en bezitter.
2) Met betrekking tot de 200 verhuurde containers. Op grond van artikel 3:110
wordt Nedpak onmiddellijk houder van de 200 containers. Dit blijkt uit de
rechtsverhouding tussen Nedpak en Pieterse (Huurovereenkomst). Pieterse is
eigenaar en middellijk bezitter geworden.


b) Wordt De Boer & Co eigenaar van deze containers?
Nedpak draagt de containers op grond van artikel 3:84 over aan De Boer & Co.
De geldige titel is de koopovereenkomst, de levering is volgens constitutum
possessorium. Nedpak is echter niet beschikkingsbevoegd. Overdracht komt dus
niet tot stand en de Boer & Co wordt niet eigenaar tenzij zij een beroep kunnen
doen op 3:86 BW.
Pieterse BV produceert ook, in samenwerking met een vrachtwagenproducent,
speciale opleggers voor het vervoer van containers over de weg. Pieterse BV
heeft vijftien van deze opleggers aan het bedrijf Visser Transport verkocht en
geleverd. Omdat ook het vervoer over de weg de laatste tijd wat begint af te
nemen, wil Visser drie van deze opleggers aan een collega verkopen.
Rademakers koopt de opleggers en staat erop dat ook direct wordt geleverd.
Visser heeft de opleggers echter nog enige weken nodig. Ze besluiten tot een
levering door middel van constitutum possessorium. Een maand later wordt de
overeenkomst tussen Pieterse BV en Visser vernietigd. Het bedrijf Pieterse BV
wil de opleggers revindiceren.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
1 april 2026
Aantal pagina's
18
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$10.15
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
Luc2506

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
Luc2506 Maastricht University
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
1 maand
Aantal volgers
0
Documenten
14
Laatst verkocht
5 dagen geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen