Uitspraken bestuursprocesrecht;
Uniformering redelijke termijn:
In deze uitspraak heeft de ABRvS geoordeeld dat de redelijke termijn voor het
afhandelen van bestuursrechtelijke procedures, zoals bezwaar- en
beroepsprocedures, dient te worden vastgesteld op basis van de beginselen van
behoorlijk bestuur en de Europese Verdragen, inclusief het EVRM. De ABRvS
stelde vast dat het overschrijden van de redelijke termijn in bestuursrechtelijke
procedures als onrechtmatig moet worden beschouwd
De uitspraak benadrukt het belang van een snelle en efficiënte afhandeling van
bestuurszaken en is van invloed geweest op de wijze waarop de redelijke termijn
in dergelijke procedures wordt toegepast en gecontroleerd.
Korošec:
De uitspraak vestigde het beginsel dat nationale rechtbanken als 'orgaan' in de
zin van het EVRM verplicht zijn om hun eigen onafhankelijkheid en
onpartijdigheid te beoordelen wanneer zij worden geconfronteerd met een
klacht over een schending van artikel 6 EVRM. Ze moeten de situatie analyseren
en, indien nodig, passende maatregelen nemen om te waarborgen dat er geen
schendingen zijn van het recht op een eerlijk proces, inclusief het recht op een
onafhankelijke en onpartijdige rechter.
Puškár
Het Hof van Justitie concludeert dat artikel 47 Hv niet in de weg staat aan de
verplichting tot het volgen van een administratieve beroepsweg, zoals in
Nederland de bezwaarschriftprocedure, alvorens belanghebbende in rechte
voorziening kan vragen.
Bibob-beleidsregels Eindhoven
In principe geldt voor het bezwaar een ex nunc toetsing. Er vindt namelijk een
volledige heroverweging plaats op grond van art. 7:11 Awb. Dat op basis van het
nieuwe recht iemand in een ongunstigere positie (reformatio in peius) komt doet
hier niet aan af
Senternovem
de heroverweging dat de beslissing op bezwaar binnen de directe invloedssfeer
van het bestuursorgaan wordt genomen en dat de functies van de
bezwaarprocedure met zich brengen dat mandaat van de bevoegdheid om op
bezwaar te beslissen
, niet mag worden verleend aan een niet ondergeschikte. Deze overweging ziet
niet op de gemandateerde die niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van
de mandaatgever, maar op de persoon of commissie, van wie de onafhankelijke
positie zich niet verdraagt met de bevoegdheid van de mandaatgever om op
grond van artikel 10:6, eerste lid, van de Awb per geval of in het algemeen
instructies te geven ter zake van de uitoefening van de gemandateerde
bevoegdheid, zodat geen sprake is van een heroverweging die binnen de directe
invloedsfeer van de mandaatgever plaatsvindt.
Aanpassing auto
De bepaling van art. 6:13 Awb moet als volgt worden uitgelegd: een
belanghebbende kan slechts beroep instellen tegen de onderdelen van een
besluit waartegen hij bezwaar heeft gemaakt, tenzij hem redelijkerwijs niet kan
worden verweten tegen een onderdeel geen bezwaar te hebben gemaakt (zie
bijvoorbeeld art. 7:1 lid 1 onder (a-f) en art. 7:1(a) Awb).
Heeft te maken met 8:69 omvang van het geding en onderdelentrechter. Als
beroep wordt ingesteld tegen besluitonderdelen waar geen bezwaar tegen
gemaakt is zal de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk moeten verklaren.
B&B ’s-Hertogenbosch
Er is binnen de termijn beroep ingetekend, maar zonder beroepsgrond. Hierna
krijg je een termijn om de gronden nader aan te vullen. Indien de wet anders
bepaalt, kunnen ook na afloop van de beroepstermijn nieuwe gronden worden
ingediend, zij het dat die mogelijkheid wordt begrensd door de goede
procesorde.
Pluimveebedrijf Twenterand
De Afdeling heeft in haar uitspraak van heden (ECLI:NL:RVS:2022:363)
overwogen dat zij ter bevordering van de rechtseenheid en om redenen van
rechtsbescherming aanleiding ziet de grondentrechter tussen beroep en hoger
beroep te verlaten. In die uitspraak is ook overwogen dat dit niet geldt voor het
omgevingsrecht.
In zaken over het omgevingsrecht geldt daarom als uitgangspunt dat de
grondentrechter tussen beroep en hoger beroep toepassing blijft vinden. Alleen
indien is uitgesloten dat het toestaan van één of meer nieuwe gronden in hoger
beroep leidt of kan leiden tot benadeling van derde-belanghebbenden, kan de
bestuursrechter een uitzondering maken op genoemd uitgangspunt.
Huisvestingsvergunning Rotterdam
Ter bevordering van de rechtseenheid tussen de hoogste bestuursrechters en
om redenen van rechtsbescherming ziet de Afdeling aanleiding de
grondentrechter te verlaten, zij het dat zij in het omgevingsrecht een andere
Uniformering redelijke termijn:
In deze uitspraak heeft de ABRvS geoordeeld dat de redelijke termijn voor het
afhandelen van bestuursrechtelijke procedures, zoals bezwaar- en
beroepsprocedures, dient te worden vastgesteld op basis van de beginselen van
behoorlijk bestuur en de Europese Verdragen, inclusief het EVRM. De ABRvS
stelde vast dat het overschrijden van de redelijke termijn in bestuursrechtelijke
procedures als onrechtmatig moet worden beschouwd
De uitspraak benadrukt het belang van een snelle en efficiënte afhandeling van
bestuurszaken en is van invloed geweest op de wijze waarop de redelijke termijn
in dergelijke procedures wordt toegepast en gecontroleerd.
Korošec:
De uitspraak vestigde het beginsel dat nationale rechtbanken als 'orgaan' in de
zin van het EVRM verplicht zijn om hun eigen onafhankelijkheid en
onpartijdigheid te beoordelen wanneer zij worden geconfronteerd met een
klacht over een schending van artikel 6 EVRM. Ze moeten de situatie analyseren
en, indien nodig, passende maatregelen nemen om te waarborgen dat er geen
schendingen zijn van het recht op een eerlijk proces, inclusief het recht op een
onafhankelijke en onpartijdige rechter.
Puškár
Het Hof van Justitie concludeert dat artikel 47 Hv niet in de weg staat aan de
verplichting tot het volgen van een administratieve beroepsweg, zoals in
Nederland de bezwaarschriftprocedure, alvorens belanghebbende in rechte
voorziening kan vragen.
Bibob-beleidsregels Eindhoven
In principe geldt voor het bezwaar een ex nunc toetsing. Er vindt namelijk een
volledige heroverweging plaats op grond van art. 7:11 Awb. Dat op basis van het
nieuwe recht iemand in een ongunstigere positie (reformatio in peius) komt doet
hier niet aan af
Senternovem
de heroverweging dat de beslissing op bezwaar binnen de directe invloedssfeer
van het bestuursorgaan wordt genomen en dat de functies van de
bezwaarprocedure met zich brengen dat mandaat van de bevoegdheid om op
bezwaar te beslissen
, niet mag worden verleend aan een niet ondergeschikte. Deze overweging ziet
niet op de gemandateerde die niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van
de mandaatgever, maar op de persoon of commissie, van wie de onafhankelijke
positie zich niet verdraagt met de bevoegdheid van de mandaatgever om op
grond van artikel 10:6, eerste lid, van de Awb per geval of in het algemeen
instructies te geven ter zake van de uitoefening van de gemandateerde
bevoegdheid, zodat geen sprake is van een heroverweging die binnen de directe
invloedsfeer van de mandaatgever plaatsvindt.
Aanpassing auto
De bepaling van art. 6:13 Awb moet als volgt worden uitgelegd: een
belanghebbende kan slechts beroep instellen tegen de onderdelen van een
besluit waartegen hij bezwaar heeft gemaakt, tenzij hem redelijkerwijs niet kan
worden verweten tegen een onderdeel geen bezwaar te hebben gemaakt (zie
bijvoorbeeld art. 7:1 lid 1 onder (a-f) en art. 7:1(a) Awb).
Heeft te maken met 8:69 omvang van het geding en onderdelentrechter. Als
beroep wordt ingesteld tegen besluitonderdelen waar geen bezwaar tegen
gemaakt is zal de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk moeten verklaren.
B&B ’s-Hertogenbosch
Er is binnen de termijn beroep ingetekend, maar zonder beroepsgrond. Hierna
krijg je een termijn om de gronden nader aan te vullen. Indien de wet anders
bepaalt, kunnen ook na afloop van de beroepstermijn nieuwe gronden worden
ingediend, zij het dat die mogelijkheid wordt begrensd door de goede
procesorde.
Pluimveebedrijf Twenterand
De Afdeling heeft in haar uitspraak van heden (ECLI:NL:RVS:2022:363)
overwogen dat zij ter bevordering van de rechtseenheid en om redenen van
rechtsbescherming aanleiding ziet de grondentrechter tussen beroep en hoger
beroep te verlaten. In die uitspraak is ook overwogen dat dit niet geldt voor het
omgevingsrecht.
In zaken over het omgevingsrecht geldt daarom als uitgangspunt dat de
grondentrechter tussen beroep en hoger beroep toepassing blijft vinden. Alleen
indien is uitgesloten dat het toestaan van één of meer nieuwe gronden in hoger
beroep leidt of kan leiden tot benadeling van derde-belanghebbenden, kan de
bestuursrechter een uitzondering maken op genoemd uitgangspunt.
Huisvestingsvergunning Rotterdam
Ter bevordering van de rechtseenheid tussen de hoogste bestuursrechters en
om redenen van rechtsbescherming ziet de Afdeling aanleiding de
grondentrechter te verlaten, zij het dat zij in het omgevingsrecht een andere