Hoorcollege 1 – toxicologische basisbegrippen................................................3
Hoorcollege 2 – inleiding infectieziekten & virulentie en pathogeniciteit...........5
Deel 1: inleiding infectieziekten......................................................................................5
Deel 2: virulentie en pathogeniciteit...............................................................................6
Hoorcollege 3 – stofeigenschappen & (zware) metalen.....................................9
Deel 1: stofeigenschappen............................................................................................. 9
Deel 2: (zware) metalen............................................................................................... 10
Hoorcollege 4 - Classificatie, virussen, virale GI- infecties..............................14
Hoorcollege 5 – bestrijdingsmiddelen & Persoonlijke verzorgingsproducten en
voedseladditieven........................................................................................17
Deel 1: bestrijdingsmiddelen........................................................................................17
Deel 2: Persoonlijke verzorgingsproducten en voedseladditieven................................20
Hoorcollege 6 - Classificatie bacteriën, bacteriële GI-infecties........................23
Hoorcollege 7 – natuurlijke toxines................................................................26
Hoorcollege 8 - GI infecties: bacteriële infecties............................................30
Hoorcollege 9 – organische microverontreiniging & nieuwe contaminanten.....34
Deel 1: organische microverontreiniging......................................................................34
Deel 2: nieuwe contaminanten.....................................................................................35
Hoorcollege 10 - Bacteriële GI-infecties, classificatie parasieten en parasitaire
GI-infecties.................................................................................................. 38
Hoorcollege 11 – blootstellingsroutes & toxicokinetiek...................................42
Deel 1: blootstellingsroutes..........................................................................................42
Deel 2: toxicokinetiek................................................................................................... 44
Hoorcollege 12 – diagnostiek........................................................................47
Hoorcollege 13 – antimicrobiële middelen......................................................52
Hoorcollege 14 – luchtverontreiniging...........................................................56
Hoorcollege 15 – werkingsmechanismen & biotransformatie...........................61
Deel 1: werkingsmechanismen.....................................................................................61
Deel 2: biotransformatie............................................................................................... 63
Hoorcollege 16 – infectieziekten epidemiologie..............................................67
Deel 1: hoorcollege op campus.....................................................................................67
Deel 2: kennisclip kinderziekten...................................................................................70
,Hoorcollege 17 – luchtweginfecties...............................................................73
Hoorcollege 18 – milieu-epidemiologie & toxiciteit van infectieziekten............78
Deel 1: milieu epidemiologie......................................................................................... 78
Deel 2: toxiciteit van infectieziekten.............................................................................80
Hoorcollege 19 – parasitologie......................................................................83
,Hoorcollege 1 – toxicologische basisbegrippen
Basis voor toxicologie is kennis van dierlijke gifstoffen en plantenextracten
voor jacht, oorlog en moord.
Waar gaat het om in de toxicologie:
- Welke stoffen zijn giftig?
- Hoe worden we blootgesteld?
- Hoe werkt de giftige stof?
- Hoe kunnen we risico’s vermijden?
Potentieel giftige stoffen zijn overal aanwezig, maar is pas giftig in
bepaalde hoeveelheid
Voorbeelden van giftige stoffen:
Geneesmiddelen kunnen schaden aanrichten aan het lichaam
Industrie chemicaliën
Oplosmiddelen
Bestrijdingsmiddelen
Additieven
Stoffen uit de natuur
Intentionele vergiftigingen
- Chemische oorlogvoering (bijv. mosterdgas)
- Verslavingen (heroïne, XTC)
- Zelfmoord en moord
o Geneesmiddelen (overdosis aan paracetamol)
o Bestrijdingsmiddelen (paraquat)
o Giftige metalen (lood, arsenicum)
o Natuurproducten (ricine)
Dosis-effectrelatie: de basis van de toxicologie
- Op x-as dosis waaraan je wordt blootgesteld, y-as parameter van
wat je wilt meten
- Er komt een S-curve, kan je zien hoe giftig een stof is
Eindpunten:
LD-50 letale dosis waarbij 50% overlijd, mediane
LC-50 letale concentratie waarbij 50% overlijd, mediane
EC-50 Concentratie waarbij 50% van het maximale effect optreedt
NOEC (No Observed Effect Concentration) De hoogste
concentratie in het milieu of de voeding die (nog) geen negatieve
(sub-letale) effecten oproept
NEL (no effect level) Hoogste dosis of blootstellingsniveau waarbij
geen biologisch relevant effect optreedt, wiskundig gezien lastig
De LD50 en LC50 zijn vooral van belang bij onderzoek naar acute
toxiciteit, de ED50, EC50 en NOEC zijn altijd gebaseerd op sub-letale
effecten.
Eenheden:
, Dosis mg/kg lichaamsgewicht (oraal/dermaal)
Concentratie concentratie in een medium
o Lucht mg/m3, microgram/m3
o Water: mg/L, microgram/L
o Bodem, sediment, voedsel: mg/kg
Eindpunten zeggen wat over de giftigheid van de stof, en je kan stoffen
vergelijken
Terminologie in toxische effecten:
- Acuut = snelwerkend
- Chronisch = effect na lange tijd, na lange blootstelling
- Hepatotoxisch = werkt op lever
- Nefrotoxisch = werkt op de nieren
- Neurotoxisch = werkt op het zenuwstelsel
- Allergeen = veroorzaken allergieën
- Teratogeen = afwijkingen aan de ongeboren vrucht, moeder heeft er
geen last van maar kind wel
- Mutageen = maken veranderingen in het DNA
Opsporen van giftige zieken met proefdieronderzoek. Eerst acuut, LD50
test zeer dieronvriendelijk gebeurt niet vaak meer. Meer kijken naar
blootstelling na langere tijd, 90 dagen stof in voedsel of lucht, vervolgens
kijken naar parameters. Voor veiligheid een 2 jaar lange test (levenslang
voor muis).
Mutagene test = kijken naar mutagene eigenschappen, zegt niks over
kanker verwekkendheid.
Minder proefdiergebruik alternatieven:
- Zebravis-embryo-test: eerste 5 dagen niet beschouwd als gewerveld
dier
- In vitro testmethoden: cellen, weefsels
- In silico testmethoden: computermodellen
Risico quotiënt = verhouding tussen dosis of voorspelde concentratie in
het milieu (PEC) en geen effect-niveau (PNEC); doel zo laag mogelijk
houden, genoeg veilige marge houden
Normering van risico’s:
- Maximum toelaatbaar risiconiveau = sterftekans per jaar op 1 op 1
miljoen mensen (bovengrens)
- In praktijk later = verwaarloosbaar risico = sterftekans per jaar 1 op
100 miljoen
Milieutoxicologie = effecten van stoffen in het milieu op de mens
Ecotoxicologie = effecten van stoffen op het milieu
Er zijn nog veel meer sub disciplines van toxicologie