Alle aantekeningen
Totale omzet/ opbrengt – TO
TO = verkoopprijs X afzet
TK- Totale kosten
Variabele kosten ( alleen als je een product produceert)
Constante kosten ( kosten die je hoe dan ook hebt en gelijk blijven)
TK = TVK + TCK
Break even
Punt waarbij je geen winst en geen verlies hebt, eigenlijk quitte speelt , Totale winst = 0
Breakeven afzet, punt waarbij de totale kosten precies worden terug verdiend – BEA
Breakeven omzet, omzet die behaald wordt bij de break even afzet- BEO
BEA – totale constante kosten: prijs – gemiddelde variabele kosten
BEO- verkoopprijs X BEA
Bij breakevenpunt is TO gelijk aan TK
Verlies is onder het break-even punt
Marginale opbrengst = extra opbrengst bij het verkopen van één extra product
Marginale kosten= extra kosten bij het verkopen van één extra product
Maximale winst, MO = MK
Maximale winst MW = 0
MO = GO = P
Mo = marginale opbrengst
GO = gemiddelde opbrengst/opbrengst per product
P = prijs
MK = GVK
Marginale kosten = gemiddelde variabele kosten
3 soorten variabele kosten
, Proportioneel – elk product precies zelfde hoeveelheid variabele kosten
Progressief- per product nemen de variabele kosten toe
Degressief- per product nemen de variabele kosten af
Bereken :
Totale opbrengst = Q ( afzet) X P ( prijs)
Gemiddelde opbrengst = TO ( totale opbrengst ) : Q ( afzet)
Marginale opbrengst = TO ( verschil totale kosten) : Q ( verschil afzet)
Marginale kosten = TK ( verschil totale kosten) : Q ( verschil afzet)
Totale winst= TO (Totale opbrengst) – TK (totale kosten)
Totale kosten = TVK ( totale variabele kosten) + TCK ( totale constante kosten)
Gemiddelde winst = TW ( totale winst) : Q ( afzet)
Gemiddelde winst = GO ( gemiddelde opbrengst) – GTK ( gemiddelde totale kosten
Marginale winst = MO ( marginale opbrengst) – MK ( marginale kosten)
Gemiddelde variabele kosten = TVK ( totale variabele kosten ) : Q ( afzet)
Gemiddelde constante kosten = TCK ( totale constante kosten ) : Q ( afzet)
Gemiddelde totale kosten= TK ( totale kosten) : Q ( afzet) of GVK+GCT
Afzet = hoeveelheid verkochte producten in een bepaalde periode
Omzet = totaal geld bedrag die de verkochte producten hebben opgeleverd
Consumentenprijs = verkoopprijs incl btw en overige prijsverhogende belastingen
Volkomen concurrentie prijs is gegeven
Als de prijs lager is als de variabele kosten kan een bedrijf het beste stoppen met produceren.
Markt = geheel van vraag en aanbod naar iets
Totale omzet/ opbrengt – TO
TO = verkoopprijs X afzet
TK- Totale kosten
Variabele kosten ( alleen als je een product produceert)
Constante kosten ( kosten die je hoe dan ook hebt en gelijk blijven)
TK = TVK + TCK
Break even
Punt waarbij je geen winst en geen verlies hebt, eigenlijk quitte speelt , Totale winst = 0
Breakeven afzet, punt waarbij de totale kosten precies worden terug verdiend – BEA
Breakeven omzet, omzet die behaald wordt bij de break even afzet- BEO
BEA – totale constante kosten: prijs – gemiddelde variabele kosten
BEO- verkoopprijs X BEA
Bij breakevenpunt is TO gelijk aan TK
Verlies is onder het break-even punt
Marginale opbrengst = extra opbrengst bij het verkopen van één extra product
Marginale kosten= extra kosten bij het verkopen van één extra product
Maximale winst, MO = MK
Maximale winst MW = 0
MO = GO = P
Mo = marginale opbrengst
GO = gemiddelde opbrengst/opbrengst per product
P = prijs
MK = GVK
Marginale kosten = gemiddelde variabele kosten
3 soorten variabele kosten
, Proportioneel – elk product precies zelfde hoeveelheid variabele kosten
Progressief- per product nemen de variabele kosten toe
Degressief- per product nemen de variabele kosten af
Bereken :
Totale opbrengst = Q ( afzet) X P ( prijs)
Gemiddelde opbrengst = TO ( totale opbrengst ) : Q ( afzet)
Marginale opbrengst = TO ( verschil totale kosten) : Q ( verschil afzet)
Marginale kosten = TK ( verschil totale kosten) : Q ( verschil afzet)
Totale winst= TO (Totale opbrengst) – TK (totale kosten)
Totale kosten = TVK ( totale variabele kosten) + TCK ( totale constante kosten)
Gemiddelde winst = TW ( totale winst) : Q ( afzet)
Gemiddelde winst = GO ( gemiddelde opbrengst) – GTK ( gemiddelde totale kosten
Marginale winst = MO ( marginale opbrengst) – MK ( marginale kosten)
Gemiddelde variabele kosten = TVK ( totale variabele kosten ) : Q ( afzet)
Gemiddelde constante kosten = TCK ( totale constante kosten ) : Q ( afzet)
Gemiddelde totale kosten= TK ( totale kosten) : Q ( afzet) of GVK+GCT
Afzet = hoeveelheid verkochte producten in een bepaalde periode
Omzet = totaal geld bedrag die de verkochte producten hebben opgeleverd
Consumentenprijs = verkoopprijs incl btw en overige prijsverhogende belastingen
Volkomen concurrentie prijs is gegeven
Als de prijs lager is als de variabele kosten kan een bedrijf het beste stoppen met produceren.
Markt = geheel van vraag en aanbod naar iets