Jeugdhulp 1
Hoorcollege 2.1 (online): Wat is afwijkend gedrag &
probleemgedrag?
Verschil psychiatrie en psychologie
Psychiatrie = een medisch specialisme dat zich bezighoudt met
psychische ziektebeelden, waarbij hoofdzakelijk wordt gekeken naar
lichamelijke processen
Psychologie = Het bestudeert het gedrag en het innerlijk leven van
mensen, met als doel meer kennis en begrip te krijgen over mentale
processen (zoals emoties, gedachten, behoeftes, motivatie).
Wat is normaal?
De geschiedenis: stenen tijdperk
Vroeger werd psychische afwijking vaak gezien als iets bovennatuurlijks.
Men dacht dat iemand bezeten was door kwade geesten of demonen.
Een bekende praktijk was trepanatie (boring van de schedel). Daarbij
maakte men een gat in de schedel, met stenen of metalen werktuigen.
Het idee was dat de kwade geest zo het lichaam kon verlaten en de
persoon zou genezen. Soms gebeurde dit bij mensen met psychische
klachten, maar ook bij hoofdpijn, epilepsie of vreemd gedrag.
Het klinkt extreem, maar in die tijd was het een serieuze medische en
religieuze behandeling, gebaseerd op de kennis en overtuigingen die men
toen had.
De geschiedenis: Griekse arts Hippocrates (460 v. chr – 370 v. chr)
Hij was een van de eersten die stelde dat psychologische klachten een
lichamelijke oorzaak hebben, in plaats van dat ze het gevolg zijn van
goddelijke of bovennatuurlijke invloeden. Daarbij legde hij ook de nadruk
op menselijke benadering en zorg voor de patiënt.
De geschiedenis: Middeleeuwen en dolhuizen
In de middeleeuwen dacht men dat psychische problemen al vóór de
geboorte waren ontstaan, alsof er iets mis was gegaan in de baarmoeder.
Mensen werden gezien als “mislukt” of “niet af”, wat je terugziet in
uitspraken als “halve gare” of “misbaksel”. Psychische klachten werden
vaak gekoppeld aan hekserij of het kwaad, waardoor mensen soms levend
,werden verbrand. Er was geen hulp of begrip. Mensen met psychische
problemen hadden nauwelijks rechten, werden vastgebonden, moesten
leven in hun eigen uitwerpselen en werden opgesloten in zogenoemde
dolhuizen. Deze dolhuizen dienden soms zelfs als vermaak voor rijke
mensen.
De geschiedenis: Morele therapie
Rond 1800 kwam er een kentering met de morele therapie. Het idee was
dat ieder mens behoefte heeft aan menselijke behandeling, ook mensen
met psychische problemen. Er was meer aandacht voor rust, structuur,
werk en respectvolle omgang. Rond 1850 verdween deze benadering
grotendeels weer, onder andere door overvolle instellingen en een tekort
aan personeel, waardoor de menselijkheid opnieuw naar de achtergrond
raakte.
De geschiedenis: 1900 – nu
Het medisch model is leidend:
In het medisch model staat de stoornis centraal. Een stoornis wordt gezien
als een groep kenmerken of symptomen die tegelijkertijd voorkomen. Deze
klachten worden vooral biologisch verklaard, bijvoorbeeld door afwijkingen
in de hersenen, het zenuwstelsel of de chemische processen in het
lichaam. Psychische problemen worden binnen dit model benaderd als
medische aandoeningen.
Stoornissen worden op 5 verschillende dimensies bekeken:
1. Diagnose van stoornis op basis van symptomen --> Er wordt
vastgesteld welke stoornis iemand heeft door te kijken naar de
symptomen die tegelijk voorkomen.
2. Verklaring van de symptomen --> Er wordt gezocht naar die
oorzaak van de klachten. In het medisch model gaat het vooral om
biologische factoren, zoals afwijkingen in de hersenen of een
disbalans in neurotransmitters.
3. Prognose (voorspelling over het beloop van de stoornis) -->
Er wordt voorspeld hoe de stoornis zich waarschijnlijk zal
ontwikkelen. Dit helpt te bepalen of iemand snel kan herstellen of
dat de klachten langer aanhouden.
4. Behandeling van stoornis --> Op basis van de diagnose en
oorzaak wordt een behandeling gekozen. Vaak gaat dit om
medicijnen, soms in combinatie met therapie.
5. Preventie: het voorkomen van stoornissen --> Er wordt
gekeken hoe nieuwe stoornissen voorkomen kunnen worden of hoe
terugval kan worden beperkt, bijvoorbeeld door vroegtijdige
medische interventies of leefstijlaanpassingen.
,In dit model zijn psychische stoornissen hersenziekten.
Kritiek op medisch model:
1. Lang niet alle diagnoses hebben een duidelijke (lichamelijke)
oorzaak.
a. Veel klachten ontstaan door een mix van psychologische,
sociale en omgevingsfactoren, zoals stress, trauma of relaties.
2. Diagnoses zijn gebaseerd op de subjectieve beschrijving
door de persoon
a. De arts of psycholoog baseert een diagnose vaak op wat
iemand zelf aangeeft over zijn of haar gevoelens en gedrag.
Dit is subjectief en kan per persoon verschillen, waardoor het
moeilijk is om altijd een objectieve beoordeling te maken.
3. GGZ-taal en toename van diagnoses problematiseert en
vergroot mogelijk stigma en schaamte.
a. Door het gebruik van vaktaal en het steeds meer benoemen
van psychische stoornissen, kan iemand zich ziek of
abnormaal voelen. Dit kan leiden tot schaamte, sociale
uitsluiting of het idee dat ‘’er iets mis is met je’’.
Wanneer ben je eigenlijk nog ‘’normaal’’?
Perspectieven
- Biologisch perspectief = Het kijkt naar de lichamelijke en
biologische oorzaken van psychische klachten. Bijvoorbeeld
afwijkingen in de hersenen, erfelijke factoren of een disbalans in
neurotransmitters kunnen een rol spelen. Psychische stoornissen
worden hier gezien als hersenziekten of lichamelijke aandoeningen.
- Psychologisch perspectief = Het richt zich op mentale processen
en ervaringen, zoals gedachten, emoties en leerervaringen. Klachten
worden hier vaak verklaard door stress, trauma, opvoeding of hoe
iemand leert omgaan met problemen.
- Sociaal cultureel perspectief = Het bekijkt hoe omgeving, cultuur
en sociale omstandigheden invloed hebben op psychisch
functioneren. Denk aan armoede, discriminatie, sociale druk of
normen in de samenleving die klachten kunnen veroorzaken of
versterken.
Ontwikkeling van het kind
, Afhankelijk van:
- Aanleg
- Omgeving
- Rijping van het centraal zenuwstelsel (CZS)
Aanleg
Genen = Erfelijke eigenschappen die iemand van zijn ouders krijgt.
Bepaalde genetische factoren kunnen de kans op psychische stoornissen
vergroten, bijvoorbeeld aanleg voor depressie of schizofrenie.
Baarmoederlijke omgeving = Dit verwijst naar invloeden tijdens de
zwangerschap, rond de geboorte en kort daarna:
- Prenataal = Tijdens de zwangerschap, bijvoorbeeld door voeding,
stress of ziekten van de moeder.
- Perinataal = rond de geboorte, zoals complicaties bij de bevalling
of zuurstoftekort.
- Postnataal = kort na de geboorte, zoals infecties, voeding of
vroege hechtingservaringen.
Deze factoren kunnen samen de ontwikkeling van het brein en het
zenuwstelsel beïnvloeden en daarmee de kans op psychische problemen
later vergroten.
Omgeving
De omgeving speelt een belangrijke rol bij de ontwikkeling van een kind,
vaak in interactie met de genetische aanleg. Dit betekent dat dezelfde
omgeving voor het ene kind ondersteunend kan zijn, terwijl het voor een
ander kind juist stressvol of belemmerend werkt. Bijvoorbeeld, een
liefdevolle en stabiele omgeving kan talenten en veerkracht versterken,
terwijl een stressvolle of onveilige omgeving psychische problemen kan
vergroten. De effecten hangen dus af van zowel de omgeving als de
persoonlijke aanleg van het kind.
Rijping van het centraal zenuwstelsel (CZS)
Het centraal zenuwstelsel (CZS) bestaat uit hersenen en ruggenmerg, met
hersencellen die signalen naar elkaar sturen. Door leren en ervaringen
ontstaan nieuwe verbindingen, terwijl ongebruikte verbindingen
verdwijnen. Hoe meer een kind aangeboden krijgt, hoe beter het CZS kan
rijpen en hoe meer het kind later kan leren. Beschadigingen, zoals een
klap op het hoofd, kunnen deze verbindingen verstoren.