Kenmerken en classificatie bipolaire stoornis
Prevalentie
Levensprevalentie: ongeveer 1–2% voor bipolaire I-stoornis en 0,5–1% voor bipolaire II-stoornis.
Bipolaire stoornis treft ongeveer 8 miljoen volwassenen in de VS en ongeveer 40 miljoen
mensen wereldwijd
Beloop
Manische en hypomane episoden worden gekenmerkt door een duidelijke verandering in
stemming en gedrag gedurende afgebakende periodes
De aanvangsleeftijd ligt meestal tussen 15 en 25 jaar, en depressie is vaak de eerste uiting van
de ziekte.
Ongeveer 75% van de symptomatische tijd bestaat uit depressieve episoden of symptomen.
Chronische, recidiverende aandoening met episoden van manie/hypomanie en depressie
Gemiddeld 8-10 episoden gedurende het leven
Perioden van euthymie (normale stemming) tussen de episoden
Zonder behandeling: Snelle terugval of ‘rapid cycling’ (>4 episoden per jaar)
Hoge kans op suicide: ongeveer 15-20% probeert suicide, vooral tijdens depressieve fases
Rapid cycling = Een bipolaire
stoornis waarbij iemand binnen
een jaar vier of meer stemmings-
episoden ervaart (manie,
hypomanie, depressie)
Stadium 0 (at
risk/verhoogd risico op bipolaire stoornis). Iemand heeft een eerstegraads
familielid met een bipolaire stoornis, maar heeft zelf geen klachten. Er is dus geen
sprake van een psychische stoornis;
Stadium 1 (prodromaal/voortekenen). Iemand met een verhoogd risico heeft
psychische klachten, zoals angst of somberheid. Deze klachten wijzen nog niet
specifiek op een bipolaire stoornis, maar vergroten wel de kans daarop. Mogelijk wordt
er in dit stadium wel een andere diagnose gesteld.
Stadium 2 (eerste (hypo-)manische episode). Bij het optreden van de eerste
(hypo-)manische episode kan een bipolaire stoornis worden vastgesteld.
Stadium 3 (recidiverende/terugkerende episoden). Nadat de stoornis is
vastgesteld zijn er opnieuw manische, hypomanische of depressieve episoden
opgetreden, maar tussen deze episoden treedt steeds weer herstel op. Stadium 3
wordt onderverdeeld in 3a (een eerste recidief), 3b (meerdere recidieven met volledig
herstel tussen de episoden) en 3c (meerdere recidieven, maar geen volledig herstel
tussen de episoden).
Stadium 4 (chronische/aanhoudende bipolaire stoornis). Er zijn gedurende ten
minste 1 jaar, maar vaak langer, aanhoudende stemmingsepisoden en er treedt geen
tussentijds herstel op.
, Symptomen bipolaire depressie
Hypersomnie
Gewischtstoename
Stemmingsreactiviteit
Vertraagd
denken/bewegen
Schuldgevoel,
hopeloosheid,
verminderde
concentratie
Symptomen manie
(Stemming: abnormaal
en langdurig verhoogd,
expansief of
prikkelbaar (minimaal 1
week).
Gedrag en cognitie:
Verminderde
slaapbehoefte
Versneld denken en
praten
(spraakwaterval)
Grootheidsideeën of
overmatig
zelfvertrouwen
Verhoogde
afleidbaarheid
Impulsief of risicovol
gedrag (geld uitgeven,
seks, middelengebruik)
Soms psychotische
symptomen (wanen,
hallucinaties) bij
ernstige manie
, Bipolaire-I en bipolaire-II stoornis
Kenmerk Bipolaire I Bipolaire II
Manische Ja (minimaal 1 volledige) Nee
episode
Hypomane Kan, maar niet vereist Ja (minimaal 1)
episode
Depressieve Vaak, maar niet vereist Vereist
episode
Psychotische Kunnen voorkomen Niet bij hypomanie
symptomen
Ernst en impact Ernstiger, vaak Minder heftig, maar
ziekenhuisopname nodig chronisch beloop
Bipolaire I-stoornis wordt gekenmerkt door manische episodes. De symptomen zijn
gedurende minstens 1 week aanwezig. Deze zijn ernstig genoeg om ziekenhuisopname te
vereisen.
Bipolaire II-stoornis wordt daarentegen gekenmerkt door hypomane episodes. De symptomen
zijn op zijn minst 4 dagen aanwezig. Hypomanie is een mildere vorm van manie, waarbij de
symptomen wel merkbaar zijn maar niet ernstig genoeg om ziekenhuisopname te vereisen.
Naast hypomanie moeten mensen met bipolaire II-stoornis ook een depressieve episode hebben
doorgemaakt (minstens 2 weken)
Geneesmiddelen
Middel Bipolaire depressie Profylaxe Manie
Lithium + +++ ++
Olanzapine ++ ++ ++
Quetiapine ++ ++ ++
Aripiprazol – + +
Lurasidon + – –
Haloperidol - – +++ (acuut)
Carbamazepine -/+ +/– ++
Lamotrigine ++ (opbouw) ++ –
Valproïnezuur ++ + ++
Fluoxetine + (icm olanzapine) -/+ -
Amitriptyline +/- (niet monotherapie) - -
Lithium
Farmacologische kenmerken
Stemmingsstabilisator: stabiliserende werking
op de verstoorde neurotransmissie in de
hersenen Remt presynaptisch 5HT1A &
downregulatie 5HT2
Effect bouwt op in 1-3 weken
Halfwaardetijd 12-48 uur