Opgave 1
Mevrouw Van Zanten schenkt haar aanmerkelijkbelangaandelen aan haar dochter. De waarde van de
aandelen ten tijde van de schenking bedraagt € 800.000. Mevrouw Van Zanten heeft de BV destijds zelf
opgericht en de aandelen volgestort met een bedrag van € 100. De schenking leidt in beginsel tot
afrekening voor wat betreft de inkomstenbelasting. Een beroep op de doorschuifregeling van art. 4.17c
Wet IB 2001 is mogelijk. Toepassing van deze regeling heeft tot gevolg dat mevrouw Van Zanten de
inkomstenbelastingschuld nu niet hoeft te voldoen en in plaats daarvan wordt doorgeschoven naar de
dochter.
Hoofdregel; meer dan 5% aandelen in vennootschap heb je aanmerkelijk belang en belast box 2. Bij SW
wordt er rekening gehouden net zoals bij IB.
a. Wat is het gevolg voor de heffing van schenkbelasting dat de inkomstenbelastingschuld wordt
doorgeschoven naar de dochter?
800k aan aandelen gegeven, 100eu volgestort, kan je blijkbaar doorschuiven. Er bestaat ook
bedrijfsopvolging regeling, maar gaan we later in deze course krijgen. Als we uitgangspunt van niet
nemen, wat zijn gevolgen voor schenkbelasting? Bepaling op grond van art. 21 SW. Bij IB kan je heel lang
uitstellen met uitbetaling van winst. Pas belastbaar als je gaat vervreemden of laat uitbetalen. Dit is een
schuld die bij moeder privé ontstaat. Hierdoor is de doorschuifregeling er. Voor dit geval het schenken.
Moeder hoeft IB claim niet te betalen, maar de persoon die aandelen krijgt wel (doorschuifregeling). Dat
is wat hier gebeurd. Dochter neemt claim over van IB. Ze krijgt aandelen met waarde 800k, maar er zit
verborgen claim in. Bij verkoop aandelen moet er belasting worden betaald.
Gevolg heffing schenkbelasting: er wordt rekening gehouden met de last.
b. Welk bedrag aan schenkbelasting is de dochter verschuldigd als de doorschuifregeling van art. 4.17c
Wet IB 2001 op verzoek van partijen wordt toegepast? Eventuele toepassing van de
bedrijfsopvolgingsregeling (hoofdstuk IIIA van de Successiewet) mag u buiten beschouwing laten.
Art. 20 lid 5 en 6 sub d, rekening houden met toekomstige belasting: 800.000 – 100 (verkrijgingsprijs
schenker/erflater) x 6,25 % = 49.993. 800k – 49.993 – 6.713 (vrijstelling) = belastbaar bedrag
schenkbelasting
c. Wat is de heffingsgrondslag voor de heffing van schenkbelasting als partijen besluiten de
doorschuifregeling niet toe te passen?
Geen belastinglatent. Je krijgt 800.000 en haalt vrijstelling er van af om bij belastbaar bedrag te komen.
Bij IB: 800.000 – 100 = 799.900 (meerwaarde). Hier moet IB over betaald worden; 2.12 IB 2001 tarief:
24,5% over 67.804 restant is 31% = 234.560. Dit is wat vervreemder/schenker eigenlijk moest betalen.
Met doorschuiven dus veel voordeliger dan niet. Want je compenseert met de korting.
, Stel: mevrouw Z overlijdt en erfgenaam is Dochter
Dan heb je 4.17a Wet IB zelfde doorschuifregeling. Wel gebruik maken, dan belastinglatentie rekening
houden. Geen gebruik maken is IB weer schuld en die schuld erf je dan als erflater. Dan is wel voordelig
voor schenkbelasting want je erft de schuld en die kan in mindering worden gebracht.
Opgave 2
Aaron schenkt een woning met een marktwaarde van € 500.000 en een WOZ-waarde van 425.000 aan
zijn zoon Bas.
a. Waarover is Bas schenk- of erfbelasting verschuldigd?
Als je op markt zou verkopen kan je 500k vragen. WOZ waarde is 425k. Woning wordt geheel
geschonken.
Over WOZ waarde op grond van art. 22 lid 5 SW. Om praktische reden de WOZ zodat niet elke keer
taxatierapport nodig is. Over 425k betaal je schenkbelasting.
b. Hoe luidt uw antwoord als Aaron de woning niet schenkt, maar verkoopt aan Bas tegen een
koopprijs van € 350.000?
Het is geen schenking overeenkomst, maar civielrechtelijk. Art. 7:275 BW. Overeenkomst om niet. In dit
geval gaat om koopovereenkomst, geen schenkingsovereenkomst want is niet om niet. Waar hier wel
sprake is van 7:186 lid 2. Onderscheid in schenking en gift; gift is een ruimer begrip en schenking valt
eronder. Iedere rechtshandeling waarbij persoon verarmd en verrijkt met bevoordelingsbedoeling met
de wil en bewustheid op bevoordeling is een gift.
Schakelbepaling; Art. 1 lid 7 SW staat dat schenking van civiele recht niet als schenking wordt gezien,
maar als gift van het civiele recht. Hier is dus sprake van een gift volgens civiel recht en dus een
schenking.
Verarming: verschil marktwaarde – wat je er voor terugkrijgt = 425.000 – 350.000 = 75.000 belastbaar
voor schenkbelasting.
c. Hoe luidt uw antwoord als Aaron de woning verkoopt tegen een kooprijs van € 500.000 en bij de
overdracht op die koopprijs een bedrag van € 150.000 wordt kwijtgescholden? Het restant van de
koopprijs wordt omgezet in een geldlening.
Kwijtschelding wordt ook als schenking gezien. 500k is koopprijs en kwijtschelding 150k. De gift is hier
150k en daarover wordt schenkbelasting geheven.
Dat is eigenlijk gek want je hebt eigenlijk keuze om de huis voor 350k te verkopen met woz waarde
425.000 waardoor je maar 75.000?....