Tentamen is nog niet duidelijk, vermoedelijk 45 minuten.
Wat wordt belast in de Successiewet?
Successie betekent opvolging. De Successiewet stamt uit 1859 en heft belasting over wat iemand
verkrijgt krachtens erfrecht of schenkrecht. Het gaat om een relatief kleine belasting (ongeveer 1% van
de totale opbrengst), maar de maatschappelijke discussie erover is groot. Het afschaffen van de erf-
en schenkbelasting zou vooral de zeer vermogenden bevoordelen.
Boedelbelasting en verkrijgersbelasting
Bij een boedelbelasting wordt de hele nalatenschap als één geheel belast. Bij een verkrijgersbelasting,
zoals in Nederland, wordt gekeken naar wat elke verkrijger afzonderlijk ontvangt. De belasting hangt
dus af van wat iemand werkelijk krijgt.
Het systeem richt zich op de verkrijger in Nederland. De erfgenaam is belastingplichtig naar zijn
woonplaats. Vreemden betalen het hoogste tarief (tot 40%). Neven en nichten vallen al in deze
categorie.
Nederland kent geen zuivere verkrijgersbelasting: ook de woonplaats van de erflater is bepalend. Over
nalatenschappen van Nederlandse erflaters wordt geheven, ongeacht waar de erfgenaam woont.
Over erfenissen van een buitenlandse erflater wordt in Nederland geen belasting geheven.
Juridische motieven / rechtvaardigingsgronden
Buitenkansbeginsel
Een erfenis of schenking is een buitenkans waarvoor geen prestatie is geleverd. Het wordt gezien als
een “windfall”, een rechtvaardige grond om belasting te heffen.
Beginsel van de minste pijn
Als je erft, is het niet erg dat je iets betaalt. In de praktijk gaat dit niet altijd op, bijvoorbeeld als iemand
een woning erft maar geen geld heeft om de belasting te voldoen. Ben ik niet zo mee eens.
Loon naar werken
Belasting over erfenissen kan worden gezien als eerlijk tegenover mensen die hun vermogen door
arbeid hebben opgebouwd.
Profijtbeginsel
Wie profiteert van overheidsvoorzieningen, moet daaraan ook bijdragen. Dit beginsel wordt als sterk
argument gezien.
Draagkrachtbeginsel
De sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. Dit is de belangrijkste rechtvaardiging voor de
Successiewet.
Economische motieven
Welfaristische motieven
De belasting wordt ook gezien als instrument om welvaart te herverdelen.
Onbedoelde nalatenschap
Sommige vermogens blijven onbedoeld achter omdat iemand overlijdt voor hij zijn spaargeld of
vermogen heeft opgebruikt.
, Bedoelde nalatenschap
Vermogen dat bewust wordt nagelaten uit vrijgevigheid of als beloning.
Particularistisch principe
Men wil nabestaanden verzorgd achterlaten.
Universalisatieprincipe
Men wil bijdragen aan maatschappelijke kansen, bijvoorbeeld door de mogelijkheid om te studeren.
Herverdelingsfunctie
De erf- en schenkbelasting verkleint de vermogensverschillen. Grote nalatenschappen worden
zwaarder belast, kleine nauwelijks. Zo draagt de heffing bij aan nivellering. Zonder deze belasting zou
de ongelijkheid toenemen.
Budgettaire functie
De opbrengst van de erf- en schenkbelasting is beperkt, ongeveer 3,58 miljard euro (circa 1% van de
totale belastingontvangsten van 324 miljard). Toch helpt het bij de financiering van overheidsuitgaven.
Draagkracht als leidende rechtsgrond
In de zakelijke sfeer (inkomstenbelasting) gaat het om inkomsten uit arbeid en vermogen.
In de privésfeer (successiewet) gaat het om inkomen krachtens schenking of erfrecht.
Wat wordt belast
Verkrijging krachtens erfrecht: alles wat iemand ontvangt door overlijden van een ander, zoals
erfdeel, legaat of vordering.
Fictieve verkrijgingen krachtens erfrecht: situaties die de wet aanmerkt als erfrechtelijke
verkrijging, ook al zijn ze dat juridisch niet.
Verkrijging krachtens schenking: alles wat iemand om niet ontvangt tijdens het leven van een
ander.
Schenking wordt volgens de Successiewet gelijkgesteld aan de gift uit art. 7:175 BW.
Fictieve verkrijging krachtens schenking: situaties die wettelijk als schenking worden
behandeld, ook al is dat juridisch niet letterlijk zo.
Voorbeelden
Stel: een ouder bezit een huis met een waarde van één miljoen euro en draagt dat over aan
zijn kind voor één euro. Op papier lijkt dat een koopovereenkomst: het kind “koopt” het huis en
er ontstaat formeel een vordering van de ouder op het kind van één euro, terwijl het kind
een schuld van één euro aan de ouder heeft.
Fiscaal kijkt de Belastingdienst echter niet alleen naar de juridische vorm, maar naar
de feitelijke waardeoverdracht. Het kind betaalt vrijwel niets voor een goed dat in
werkelijkheid één miljoen waard is. Het verschil – 999.999 euro – wordt gezien als
een verrijking ten koste van de ouder. Dat bedrag vormt dus een schenking in de zin van
de Successiewet.
De aanwasregeling van 1859 was een oude constructie om erfbelasting te vermijden. Twee
personen — vaak partners, familieleden of zakenpartners — spraken af dat hun bezittingen na
het overlijden van één van hen automatisch zouden “aanwassen” bij de ander. Dat betekende
dat de langstlevende automatisch eigenaar werd van het geheel, zonder dat er sprake was
van een erfenis in juridische zin.
Het doel was duidelijk: omdat er formeel geen sprake was van een erfrechtelijke verkrijging,
hoefde er ook geen erfbelasting te worden betaald. De overdracht vond immers plaats “van
rechtswege”, op basis van de overeenkomst, niet via een nalatenschap.