Casus week 7 Estate Planning 2025 - 2026 – bedrijfsopvolging IB
Vraag 1)
Vindt in de volgende situaties een belastbare vervreemding in box 2 plaats
en, zo ja, wat is dan de omvang van de vervreemdingswinst:
(a) X houdt alle aandelen X Beleggingen BV, die hij ooit gekocht heeft
voor € 10.000. Hij verkoopt deze aan Y voor de waarde in het
economische verkeer van € 100.000.
- Je komt toe op moment dat er geen tegenprestatie is of niet zakelijk
(te weinig betaal).
Verkrijgingsprijs: 10K
Overdrachtsprijs: 100K
Vervreemdingswinst: 90K
(b) X houdt alle aandelen X Beleggingen BV, die hij ooit gekocht heeft voor
€ 10.000. Hij verkoopt deze aan zijn dochter Y voor € 10.000.
In principe o.g.v. art. 4.20 geldt als overdrachtsprijs de
tegenprestatie. Aangezien het hier om vader en dochter gaat kan er
sprake zijn van een onzakelijke overeenkomst waardoor o.g.v. art.
4.22 WEV als tegenprestatie geldt. Er is een correctie naar de WEV.
Dan zou de vervreemdingswinst 90K zijn: 100k-10k
- NB: Als het wel zakelijk was dan was de vervreemdingswinst 0
10k-10k = 0
(c) X houdt alle aandelen X Beleggingen BV, die hij ooit gekocht heeft voor
€ 10.000. Hij schenkt deze aan zijn dochter Y.
Zelfde als bij b, moet correctie naar WEV plaatsvinden want geen
tegenprestatie.
(d) X houdt alle aandelen X Beleggingen BV, die hij ooit gekocht heeft voor
€ 10.000. De waarde in het economische verkeer van de aandelen is €
100.000. Hij verkoopt de bloot eigendom van de aandelen aan zijn zoon Y
tegen de waarde in het economische verkeer van € 40.000.
Overdrachtsprijs: 40K
Verkrijgingsprijs: 40% van 10.000 = 4.000
Vervreemdingswinst: 36.000
, Die 10.000 zit op het aandeel in het geheel maar je verkoopt hier maar
een stukje van namelijk het blote eigendom. Het blote eigendom is 40%
waard blijft uit de casus, dus doe je dit ook bij de verkrijgingsprijs → 40%
van 10.000 = 4.000
- Wat gebeurt er in de IB? wat is fiscale gevolg van deze
verkoop? Er zit geen correctie in, dus 40K + VK, dus naar rato
4.000 en dan is verschil 36K.
- Je verkoopt een deel van VG
- Box 2 heeft geen vruchtgebruiktabel. De wetgever heeft ten
onrechte gedacht dat een vruchtgebruik niet zovaak zou
voorkomen. Bij box 2 komt het echter vaak voor.
- AB besluit punt 5.2: goedkeuring dat je of box 3 of SW tabel
gebruikt. Besluit van 2025.
- Als vurchtgebruiker ziek is en zijn statistische
levensverwachting waarschijnlijk niet haalt, dan wete je dat
waarde VG lager is dan tabel en dan kan je het niet gebruiken.
Vraag 2)
X is enig aandeelhouden van X BV. X overlijdt in januari 2026 en in zijn
testament legateert het vruchtgebruik van de gehele nalatenschap aan
zijn echtgenoot Y (78), met wie hij buiten gemeenschap van goederen
gehuwd was. Enig erfgenaam is dochter Z. De nalatenschap van X omvat
een 100%-belang in X Beleggingen BV, dat een waarde heeft van €
250.000. De verkrijgingsprijs voor dit belang is 100.000.
Voor toepassing van de inkomstenbelasting heeft het vruchtgebruik een
waarde van 55%. De totale nalatenschap van X heeft een waarde van €
400.000.
(a) Hoeveel belasting betalen Y en Z in totaal naar aanleiding van het
overlijden van X?
Voor de IB:
Y verkrijgt het vruchtgebruik en Z het blooteigendom.
WEV is ogv 4.20 jo 4.22 EUR 250.000. Sprake van een fictieve
vervreemding gogv 4.16 sub e, we mogen niet doorschuiven omdat
het een beleggings BV is. Dus afrekenen. Er is een
vervreemdingswinst van 250k -/- 100k = 150k. 2.17 lid 7 IB →
opteren voor voljaarspartnerschap, helft vervreemdingswinst
toerekenen aan langstlevende, want fiscaal partner, nu mag zij dus
twee keer de lage schijf gebruiken. Lees artikel na
Heffing is nu
- 135.608 x 24,5% = 33.224