,Inhoudsopgave
Onderbouw draagconstructies ...................................................................................................... 3
Hoorcollege 1: Ruwbouw Onderbouw........................................................................................... 3
Bovenbouw draagconstructies ...................................................................................................... 9
Hoorcollege 2: Ruwbouw Bovenbouw ........................................................................................... 9
Buitenschil bovenbouw................................................................................................................16
Hoorcollege 3: Ruwbouw Bovenbouw ..........................................................................................16
Afbouwwerkzaamheden & Technische installaties ........................................................................24
Hoorcollege 4: Afbouw en installaties 1 .......................................................................................24
Hoorcollege 5: Afbouw en Installaties 2 .......................................................................................32
Duurzaamheid .............................................................................................................................40
Hoorcollege 6: Duurzaamheid ....................................................................................................40
Onderhoud, verbouw, renovatie, transformatie en verduurzaming .................................................46
Hoorcollege 7: Onderhoud, verbouw, renovatie, transformatie en duurzaamheid ..............................46
Bouwfysische voorzieningen ........................................................................................................51
Materialenkennis.........................................................................................................................52
Hoorcollege 7: Materiaalkunde (zelfstudie) ...................................................................................52
Gezamenlijke samenvatting - Leerkaart ........................................................................................60
1. Ruwbouw onderbouw ............................................................................................................60
2. Ruwbouw bovenbouw: draagconstructies ................................................................................61
3. Schil: gevels en daken ............................................................................................................62
4. Afbouw en installaties 1 ..........................................................................................................63
5. Afbouw en installaties 2 ..........................................................................................................64
6. Duurzaamheid ......................................................................................................................65
7. Onderhoud, renovatie en transformatie ....................................................................................66
8. Materiaalkunde: kerngetallen en begrippen ..............................................................................66
2
,Onderbouw draagconstructies
Hoorcollege 1: Ruwbouw Onderbouw
1. Grondwerken
Grondwerk vormt de basis van elk bouwwerk en draait om het geschikt maken van de
ondergrond.
Bodem en grondsoorten (NL):
- Zand & grind → goede draagkracht, goed waterdoorlatend
- Klei & leem → matige draagkracht, slecht waterdoorlatend
- Veen → zeer slechte draagkracht, langst durende inklinking
2. Inklinking en zetting
- Inklinking: het inzakken van de bodem doordat water en lucht uit de grond
verdwijnen en bodemdeeltjes dichter op elkaar komen
o Inklinking duurt het langst bij veen vanwege hoge samendrukbaarheid
- Zetting: gelijkmatige zakking van een fundering, acceptabel
- Zakking: ongelijkmatige zakking, leidt tot scheurvorming
o Zettingsverschillen worden voorkomen met dilataties
3. Geotechnisch onderzoek
Bij geotechnisch onderzoek (sonderingen) wordt gekeken naar:
- Bodemopbouw
- Draagvermogen
- Grondwaterstand
- Samendrukbaarheid van de grond
Het draagvermogen van de grond wordt bepaald door sonderingen.
Sonderen
4. Bemaling
Bemaling wordt toegepast bij een hoge grondwaterstand om droog te kunnen bouwen.
3
,Soorten bemaling:
- Open bemaling: afvoer van regen- en oppervlaktewater
- Gesloten (bron)bemaling: verlaagt grondwaterstand, kostbaar
Gesloten bemaling Gesloten bemaling
• Zie je filters/ bronnen/ drains + pompen + verlaging grondwater → gesloten bemaling
• Zie je alleen water wegpompen uit de bouwput → open bemaling
5. Ontgraven bouwput en grondkeringen
Bij diepe(re) bouwputten zijn grondkeringen nodig.
Soorten grondkeringen:
- Berliner wand: tijdelijk, niet waterdicht, stalen H-profielen met hout
- Houten damwand: permanent, kleine ondiepe ontgravingen
- Stalen damwand: tijdelijk/permanent, redelijk waterdicht, geheid
- Diepwanden: in de grond gevormde betonnen wand, trillingvrij
- Groutankers: trekankers die gronddruk opnemen
6. Funderingen
Groutanker
Hoofdtypen funderingen:
- Fundering op staal: draagkrachtige laag ondiep, goedkoper
- Paalfundering: draagkrachtige laag diep, palen overbruggen slappe grond
Funderingen worden altijd vorstvrij aangelegd.
7. Funderingen op staal – uitvoeringsvormen
- Gemetselde funderingen
- In het werk gestorte betonstroken
- Prefab betonstroken
- Betonplaat met vorstrand
- Betonpoeren/ stiepen (bij skeletbouw)
- Fundering op putringen (oud systeem)
Fundering op staal
4
,Aanlegbreedtes verschillen doordat de breedte afhankelijk is van:
- De belasting op de fundering
- Het draagvermogen van de bodem
8. Grondverbetering en grondvervanging
- Grondverbetering: verdichten van los zand om draagkracht te vergroten
- Grondvervanging: verwijderen van slappe grond en vervangen door draagkrachtig
materiaal
Begrippen:
- Uitlevering: vast → los
- Inklinking: los → vast
- Factor los/vast ≈ 1,2
9. Paalfunderingen
- Soorten palen:
o Heipalen
o Boorpalen
o Vibropalen
- Werkingsprincipe:
o Op stuik: punt draagt
o Op kleef: wrijving langs schacht
Heipalen worden vlak naast bestaande gebouwen meestal niet toegepast vanwege
geluid en trillingen.
10. Fundatiebalken
- In het werk gestort (traditionele houten bekisting of PS-bekisting)
- Prefabbeton
Bij skeletbouw staan kolommen op betonpoeren die met fundatiebalken zijn verbonden.
5
, 11. Kelders
Uitvoeringsvormen:
- In het werk gestort (met bekisting)
- Holle wanden (verloren bekisting)
- Prefabbeton
Belangrijke aandachtspunten:
- Waterdichtheid
- Ventilatie
- Fundering op zand of palen
Een koekoek is een opening in de kelderwand voor daglicht en ventilatie.
12. Parkeergarages
Vormen:
- Op maaiveld
- Half verdiept
- Verdiept
Constructies:
- Stalen damwanden of betonwanden
- Betonvloeren of straatwerk
Grondwaterstand is cruciaal; bemaling kan zeer kostbaar zijn.
6