Infecties
o Cytomegalie CMV
Kenmerken:
- Iemand voelt zich grieperig
Langs welke weg infectie:
- Moeders worden besmet door andere kinderen. Bijvoorbeeld: je eigen kind speelt met
andere kindjes die het hebben, jouw kindje krijgt het en je komt in aanraking met het
speeksel van je eigen kindje door bijvoorbeeld uit dezelfde beker te drinken. Als je het zelf
nog nooit hebt gehad dan heb je het nu.
Risicogroepen:
- Zwangere vrouwen
Diagnostiek:
- Vruchtwaterpunctie
- Kweek (speeksel, urine, cervix slijm, sperma, moedermelk, bloed)
- Urine positief? onderscheid tussen congenitaal en perinataal. Perinataal minder erg,
congenitaal grotere kans op afwijkingen.
Klinisch beeld:
- Divers
- Congenitale infecties;
o Laag geboortegewicht
o Lever en milt vergroting
o Icterus (geelzucht)
o Oogproblemen
o Doofheid
o Pneumonie
o Purpura
Behandeling:
- Is er niet.
Hoe hoger de maat van kwaliteit van de binding van IgG antistoffen aan het virus hoe langer geleden
de infectie is opgelopen.
, o Rubella (rode hond)
Kenmerken:
- Huiduitslag (rode vlekken) en koorts na 14-16 dagen
- Gevoelige opgezette lymfeklieren achter de oren.
- Huiduitslag begint in gezicht daarna naar romp.
Langs welke weg infectie:
- Druppelinfectie; via niezen, hoesten, praten, handen schudden.
- Virus infecteert epitheel van bovenste luchtwegen.
- Incubatietijd is 12 tot 21 dagen.
- Besmettelijk vanaf 5 dagen voor de tot enige dagen na de uitslag.
Risicogroepen
- Zwangere vrouwen die voor het eerst in aanraking komen met rubella.
congenitale afwijkingen bij foetus.
infectie in 1ste maand van zwangerschap: oog, binnen oor, hart, centraal zenuwstelsel,
abortus. Als je verder komt in de zwangerschap is de kans kleiner op congenitale afwijkingen
bij de foetus.
- Ongevaccineerde
- Immigranten
- Asielzoekers
Klinisch beeld
- Congenitale afwijkingen:
o Hartafwijkingen
o Oogafwijkingen
o Doofheid
o Groeiachterstand
o Centraal zenuwstelsel
o Botafwijkingen
o Trombocytopenie
o Tractus urogenitalis
o Blueberrymuffin spots
Diagnostiek
- Bloedprikken
o Afnemen voor de 10 dagen na contact antistoffen aantoonbaar: immuun
Niet aantoonbaar: niet immuun en na 3 weken herhalen.
o Afnemen tussen de 10 en 21 dagen na contact antistoffen aantoonbaar zonder
IgM: geen infectie
Antistoffen aantoonbaar met IgM: recente infectie
Antistoffen niet aantoonbaar: herhalen na 1-2 weken.