Maatschappijleer pluriforme samenleving
- 1. Pluriformiteit in Nederland –
Lees het blauwe blok op bladzijde 116 (inleiding)
Pluriforme samenleving= een land waarin mensen naast elkaar leven met uiteenlopende
godsdiensten en levensstijlen en waar een redelijke mate van verdraagzaamheid heerst.
Nederland
Afgelopen jaren toename van spanningen die te maken hebben met culturele
verschillen tussen bevolkingsgroepen (zwarte piet, hoofddoeken, vluchtelingen).
Hoe sterk mogen we van elkaar verschillen?
Wat is cultuur?
Cultuur= alle waarden, normen en gewoonten die mensen binnen een groep of samenleving
met elkaar delen. (Wanneer mensen veel en langdurig met elkaar te maken hebben.) Cultuur
is aangeleerd, dus nurture.
Waarden= ideeën die je waarde vol vindt. (Vrijheid van meningsuiting).
Norm= Gedragsregels die je bij een waarde hebt. (Mensen gelijk behandelen).
Kennis
Gewoonten
Kunst
Sport
Symbolen
Feestdagen
Dominante cultuur
Dominante cultuur= alle waarden, normen en gewoonten die de meerderheid van de
bevolking met elkaar deelt. Ofwel de overheersende cultuur in een land of samenleving.
Nederland; spreken van de Nederlandse taal, de gelijkwaardigheid van mannen en
vrouwen en het vieren van Koningsdag.
Subcultuur
,Subcultuur= wanneer binnen een groep sommige waarden, normen en andere
cultuurelementen afwijken van de dominante cultuur.
Specifieke levensstijl (gothics, Islamitisch, katholieken, enz.)
Al deze verschillende groepen maken deel uit van de dominante cultuur, maar door
hun levensstijl verschillen ze er ook weer van.
Hoeft niet strijdig te zijn tegen de dominante cultuur.
Tegencultuur
Tegencultuur= groepen die zich verzetten tegen (delen van) de dominante cultuur of daar
zelfs een bedreiging voor vormen.
Bv. anonymous
Feministen (vroeger, nu niet meer)
Culturele diversiteit
Leven in een pluriforme samenleving betekent dat je om je heen een grote culturele
diversiteit ziet, dat wil zeggen dat er veel verschillende subculturen en levensstijlen bestaan.
Die culturele verschillen hebben met de volgende factoren te maken:
Stad en platteland;
o Stad; drukte en anonimiteit
o Dorp; onderlinge betrokkenheid en sociale cohesie.
Provincies en regio’s
o Groningen; Nuchterheid
o Brabander; genieten van het leven.
Jong en oud
o Dragen andere kleding
o Luistert naar andere muziek
o Doet andere dingen in de vrije tijd
o Jongeren kunnen niet zonder internet/ technologie, terwijl opa en oma
zonder internet zijn opgegroeid.
o Generatieconflicten= conflicten/ ruzies wanneer ouders en kinderen
tegenover elkaar staan en elkaars visie en leefstijl totaal niet begrijpen.
Beroep en maatschappelijke positie
o Als je ergens werkt moet je je aanpassen aan de bedrijfscultuur (= alle
waarden, normen en gewoonten die er in een bedrijf gelden).
, o De ene heeft een hoger salaris dan de ander. Door deze ongelijkheid
gedragen mensen zich ook anders. Je maatschappelijke positie en je inkomen
hebben invloed op je leefstijl. Ze bepalen in wat voor wijk je woont, waar je
lid van bent, waar je je kleren koopt en met welk accent je praat, waar en of
je op vakantie gaat, enz.
Mannen en vrouwen
o Worden sterk bepaalt door de cultuur (kleding, hobby’s en interesses).
o Dat hierboven heeft niet alleen met de persoonlijke keuzes te maken maar
ook met de rolpatronen (= algemene verwachtingen en opvattingen over hoe
iemand zich moet gedragen).
Jongens dragen geen jurk en meisjes doen niet aan vechtsporten.
o Mede door de emancipatiebeweging (gs) zijn rolpatronen van mannen en
vrouwen flink veranderd.
Etniciteit
o Mede door migratie en vluchtelingen.
o Vooral in (grote) steden wonen verschillende etnische subculturen.
o Allochtoon= wanneer hij of zij zelf, of ten minste één van de ouders in het
buitenland is geboren.
o Autochtoon= iedereen die in Nederland is geboren en van wie de
(groot)ouders ook hier zijn geboren en opgegroeid.
Godsdienst
o Bij elke godsdienst of kerk horen specifieke opvattingen, gebruiken en
feestdagen.
o Bij alle geloven zie je mensen die de voorschriften streng volgen en mensen
die er losser en op een meer persoonlijke manier mee omgaan. Ook dat zijn
allemaal cultuurverschillen.
Etnische profilering
Mensen worden op basis van etniciteit vaker gecontroleerd door de politie etnische
profilering.
Etnische= mengelmoes tussen geloof, huidskleur en identiteit.
Misdaadstatistieken
Aan de ene kant zullen mensen zeggen er is geen structurele etnische profilering, want:
bepaalde etnische groepen komen vaker in misdaadstatistieken voor dus het is logisch dat zij
vaker gecontroleerd worden.
Maar wat bepaald criminaliteit? Is dat etniciteit of iets anders, zoals klasse, geslacht,
opleidingsniveau…
- 1. Pluriformiteit in Nederland –
Lees het blauwe blok op bladzijde 116 (inleiding)
Pluriforme samenleving= een land waarin mensen naast elkaar leven met uiteenlopende
godsdiensten en levensstijlen en waar een redelijke mate van verdraagzaamheid heerst.
Nederland
Afgelopen jaren toename van spanningen die te maken hebben met culturele
verschillen tussen bevolkingsgroepen (zwarte piet, hoofddoeken, vluchtelingen).
Hoe sterk mogen we van elkaar verschillen?
Wat is cultuur?
Cultuur= alle waarden, normen en gewoonten die mensen binnen een groep of samenleving
met elkaar delen. (Wanneer mensen veel en langdurig met elkaar te maken hebben.) Cultuur
is aangeleerd, dus nurture.
Waarden= ideeën die je waarde vol vindt. (Vrijheid van meningsuiting).
Norm= Gedragsregels die je bij een waarde hebt. (Mensen gelijk behandelen).
Kennis
Gewoonten
Kunst
Sport
Symbolen
Feestdagen
Dominante cultuur
Dominante cultuur= alle waarden, normen en gewoonten die de meerderheid van de
bevolking met elkaar deelt. Ofwel de overheersende cultuur in een land of samenleving.
Nederland; spreken van de Nederlandse taal, de gelijkwaardigheid van mannen en
vrouwen en het vieren van Koningsdag.
Subcultuur
,Subcultuur= wanneer binnen een groep sommige waarden, normen en andere
cultuurelementen afwijken van de dominante cultuur.
Specifieke levensstijl (gothics, Islamitisch, katholieken, enz.)
Al deze verschillende groepen maken deel uit van de dominante cultuur, maar door
hun levensstijl verschillen ze er ook weer van.
Hoeft niet strijdig te zijn tegen de dominante cultuur.
Tegencultuur
Tegencultuur= groepen die zich verzetten tegen (delen van) de dominante cultuur of daar
zelfs een bedreiging voor vormen.
Bv. anonymous
Feministen (vroeger, nu niet meer)
Culturele diversiteit
Leven in een pluriforme samenleving betekent dat je om je heen een grote culturele
diversiteit ziet, dat wil zeggen dat er veel verschillende subculturen en levensstijlen bestaan.
Die culturele verschillen hebben met de volgende factoren te maken:
Stad en platteland;
o Stad; drukte en anonimiteit
o Dorp; onderlinge betrokkenheid en sociale cohesie.
Provincies en regio’s
o Groningen; Nuchterheid
o Brabander; genieten van het leven.
Jong en oud
o Dragen andere kleding
o Luistert naar andere muziek
o Doet andere dingen in de vrije tijd
o Jongeren kunnen niet zonder internet/ technologie, terwijl opa en oma
zonder internet zijn opgegroeid.
o Generatieconflicten= conflicten/ ruzies wanneer ouders en kinderen
tegenover elkaar staan en elkaars visie en leefstijl totaal niet begrijpen.
Beroep en maatschappelijke positie
o Als je ergens werkt moet je je aanpassen aan de bedrijfscultuur (= alle
waarden, normen en gewoonten die er in een bedrijf gelden).
, o De ene heeft een hoger salaris dan de ander. Door deze ongelijkheid
gedragen mensen zich ook anders. Je maatschappelijke positie en je inkomen
hebben invloed op je leefstijl. Ze bepalen in wat voor wijk je woont, waar je
lid van bent, waar je je kleren koopt en met welk accent je praat, waar en of
je op vakantie gaat, enz.
Mannen en vrouwen
o Worden sterk bepaalt door de cultuur (kleding, hobby’s en interesses).
o Dat hierboven heeft niet alleen met de persoonlijke keuzes te maken maar
ook met de rolpatronen (= algemene verwachtingen en opvattingen over hoe
iemand zich moet gedragen).
Jongens dragen geen jurk en meisjes doen niet aan vechtsporten.
o Mede door de emancipatiebeweging (gs) zijn rolpatronen van mannen en
vrouwen flink veranderd.
Etniciteit
o Mede door migratie en vluchtelingen.
o Vooral in (grote) steden wonen verschillende etnische subculturen.
o Allochtoon= wanneer hij of zij zelf, of ten minste één van de ouders in het
buitenland is geboren.
o Autochtoon= iedereen die in Nederland is geboren en van wie de
(groot)ouders ook hier zijn geboren en opgegroeid.
Godsdienst
o Bij elke godsdienst of kerk horen specifieke opvattingen, gebruiken en
feestdagen.
o Bij alle geloven zie je mensen die de voorschriften streng volgen en mensen
die er losser en op een meer persoonlijke manier mee omgaan. Ook dat zijn
allemaal cultuurverschillen.
Etnische profilering
Mensen worden op basis van etniciteit vaker gecontroleerd door de politie etnische
profilering.
Etnische= mengelmoes tussen geloof, huidskleur en identiteit.
Misdaadstatistieken
Aan de ene kant zullen mensen zeggen er is geen structurele etnische profilering, want:
bepaalde etnische groepen komen vaker in misdaadstatistieken voor dus het is logisch dat zij
vaker gecontroleerd worden.
Maar wat bepaald criminaliteit? Is dat etniciteit of iets anders, zoals klasse, geslacht,
opleidingsniveau…