Samenvatting + toetsmatrijs
Huidtherapie
Inhoudsopgave
Week 1: .................................................................................................................. 2
Week 2: .................................................................................................................10
Week 3 ..................................................................................................................25
Week 4 ..................................................................................................................41
Week 5 ..................................................................................................................65
Week 7 ..................................................................................................................71
Week 9 ..................................................................................................................91
1
,Week 1:
De student kan het klinisch beeld, de pathofysiologie, oorzaak en ontstaanswijze,
diagnostiek, differentiaal diagnostiek van acne en op acnegelijkende dermatosen
beschrijven en identificeren.
Huidconditie
Ontstaanswijze acne
• Er zijn 4 factoren die belangrijk zijn bij het ontstaan van acne vulgaris:
1. Verhoogde sebum (=talg) productie onder invloed van androgeen
(hormonen).
2. Hyperkeratose ten gevolge van androgynen en Cutibacterium acnes. Dit
leidt tot ophoping van talg, een microcomedo en vervolgens tot een
gesloten of een open comedo.
3. Bacteriële kolonisatie (‘overgroei’) van de talgklierfollikel door
Cutibacterium acnes bacteriën.
o Zetten talg om in vrije vetzuren
o Hyperkeratose: gestimuleerd door androgenen
o Ontstekingsreactie
4. Ruptuur van de wand van de follikel
o Keratine en talg in het weefsel
o Dit leidt tot een heftige (steriele) onstekingsreactie
• Dit leidt tot papels, pustels, nod(ul)I, fusten en littekenvorming.
Hormonen: met name androgenen
• Acne vulgaris: Androgenen
• Androgenen zijn ‘mannelijke hormonen’ > wat vooral voorkomt in puberteit.
• Androgenen leiden tot virilisatie (acne, stemverlaging, haargroei).
2
,Etiologie: MultiefactoriëLe pathogenese
• Etiologie: oorzaken van een aandoening
• Pathogenese: hoe een aandoening ontstaat/ zich ontwikkelt
• Multifactoriëel: niet één oorzaak, maar meerdere factoren samen
• De huidaandoening heeft geen één duidelijke oorzaak, maar ontstaat door een
samenspel van factoren.
• Interne factoren (vanuit het lichaam)
o Leeftijd – puberteit, veroudering, hormonale fases.
o Hormonen – androgenen, cyclus, zwangerschap, menopauze.
o Geslacht – verschil in talgproductie en hormoonhuishouding.
o Stress – verhoogt talgproductie en ontstekingsreacties.
o Voeding – invloed op ontsteking en talgproductie.
o Medicatie – o.a. corticosteroïden, lithium, hormonen.
• Externe factoren (van buitenaf)
o Beroep – vuil, olie, zweten, occlusie.
o Klimaat – warmte, kou, vocht, droogte.
o Huid- en haarverzorging (chemisch) – irritatie, verstoring huidbarrière.
o Make-up – afsluiting van de follikel → verstopping.
o Kleding/ hoofdbedekking – wrijving, zweten.
Acnevormen
• Acne vulgaris
o Ontstaat meestal in de puberteit.
o Komt vooral voor op: gelaat, borst en rug.
o Kenmerkt zich door aanwezigheid van: comedonen, papels en
pustels.
• Acne comedonica
o Komt vaak voor in de puberteit.
o Vooral zichtbaar op het gelaat (T-zone), soms borst en rug
o Kenmerkt zich door: open comedonen (blackheads), gesloten
comedonen (whiteheads).
o Weinig tot geen ontstekingen (nauwelijks papels of pustels).
• Acne conglobata
o Komt vaak voor bij mannen.
o Vooral zichtbaar op: borst, rug, schouders en gezicht.
o Kenmerkt zich door: grote knobbels, cysten en papulopustels
(uitgebreide ontstekingen) met littekenvorming.
3
, • Acne tarda
o Vooral inflammatoir, met weinig comedonen.
o Postinflammatoire kleurveranderingen en littekenvorming.
o Begint in de adolescentie en houdt aan tot ver in de
volwassenheid:
▪ Persisterende acne: <25 jaar.
▪ Late onset acne: >25 jaar.
• Acne fulminans
o Komt voor bij adolescenten, vooral jongens.
o Vooral zichtbaar op: borst, rug en gezicht.
o Acute uitbarsting van acne
o Systematische verschijnselen (koorts, malaise).
o Subtype van acne conglobata, met concluderende abcessen en
hemorrhagische necrose.
• Acne excoriée des Junes files
o Vooral zichtbaar op: gelaat.
o Komt vooral voor bij: jonge vrouwen/adolescenten.
o Psychische oorzaak (vaak dwangmatig gedrag).
o Mild: dwangmatig krabben aan bestaande acne-
efflorecenties.
o Ernstig: ingebeelde acne-afwijkingen, dwangmatig krabben aan huid.
• Acne keloïdalis
o Vooral zichtbaar op: achterhoofd, nek en occipitale regio.
o Komt vooral voor bij: mannen van Afrikaanse afkomst.
o Littekenvorming: keloïdvorming rond haarzakjes.
o Ontstaat vaak na acne of folliculitis
o Differentiaaldiagnose: acne keloidalis nuchae, pseudofolliculitis barbae.
• Acne neonatorum
o Vooral zichtbaar op: gelaat (vooral wangen en neus).
o Komt vooral voor bij: pasgeborenen.
o Bij de geboorte aanwezig of kort erna.
o Verdwijnt na enkele weken tot maanden vanzelf.
• Acne veneneta
o Vooral zichtbaar op: gelaat en wangen.
o Komt vooral voor bij: mensen die zalf/pommades of
chemische stoffen gebruiken.
o Oorzaak: obstructie van talgfollikels door chemicaliën op de
huid (bijvoorbeeld: chloor en teer).
4