EUROPEES RECHT
WEEK 1
De interne markt
Interne markt = ruimte zonder binnengrenzen, bestaande uit de vier fundamentele vrijheden
en het mededingingsrecht.
Reden van de interne markt: vrede en welvaart
- Vrede: je gaat geen oorlog meer voeren als je samenwerkt, want je wordt afhankelijk
van elkaar.
- Door samenwerking leer je elkaar kennen.
- Economische samenwerking zorgt ervoor dat er ook samenwerking op andere
terreinen tot stand komt.
Vier fundamentele vrijheden
- Goederen, personen, diensten en kapitaal
o Gaan enkel in op vrij verkeer van personen en diensten
Mededingingsrecht: reguleert het gedrag van ondernemingen.
- Het kartelverbod (art. 101 VWEU)
- Misbruik van een dominante positie (art. 102 VWEU)
- Concentratietoezicht (Verordening 139/2004)
o Overnames/fusies/joint ventures
o Na bepaald vermogen/inkomen moeten ondernemingen bij concentratie
toestemming vragen aan de Europese Commissie.
- Staatssteun (art. 107 VWEU)
Vier fundamentele vrijheden
KERNBEGRIPPEN
Grensoverschrijdend element > EU-recht is slechts van toepassing als er sprake is van
een grensoverschrijdend element, iets of iemand moet de grens overgaan.
- Dit is de hoofdregel bij de vier fundamentele vrijheden
o In mededingingsrecht gebruiken we …
o Ander criterium en het wordt anders uitgelegd.
o Wel hetzelfde doel, kijken of EU-recht of nationaal recht van toepassing is.
- Hof legt dit criterium soms ruim uit, er gaat dan eigenlijk niets of niemand de grens
over.
Harmonisatie > als EU-recht van toepassing is (grensoverschrijdend element), dan moet je
kijken welke bepaling toegepast moet worden.
- Als er een harmonisatiemaatregel beschikbaar is, dan pas je deze toe (in beginsel).
Is deze er niet, dan val je terug op het verdrag
HARMONISATIE
Toepassingsbereik: is de regeling toepasbaar op de situatie
- Burgerschapsrichtlijn (RI 2004/38)
, - Dienstenrichtlijn (RI 2006/123)
- Verordening 492/2011
Het kan zijn dat in bepaalde regelingen niet alles volledig is uitgewerkt, dan kun je alsnog
terugvallen op het verdrag, al valt de situatie binnen het toepassingbereik.
Inhoudelijke bepalingen
Toetsing aan VWEU?
VRIJ VERKEER VAN PERSONEN EN DIENSTEN
Begunstigden
Gaat om de vraag wie zich kunnen beroepen op het vrij verkeer.
In principe kunnen een tweetal personen zich beroepen op vrij verkeer van personen en
diensten.
- Burgers van de unie (art. 20 lid 1 VWEU: eenieder die nationaliteit van een van de
lidstaten bezit).
o Lidstaten bepalen dus wie rechten kunnen ontlenen aan het Europees recht.
Want zonder nationale nationaliteit ben je geen EU-burger.
o Derdelanders hebben soms afgeleide rechten.
- Vennootschappen (art. 54 VWEU: voorwaarden: in overeenstemming met de
wetgeving van de lidstaat zijn opgericht & welke hun statutaire
zetel/hoogbestuur/hoofdvestiging binnen de EU hebben).
Afbakening vrijheden
Goederen vs diensten
- Goed: stoffelijk, dienst: onstoffelijk
- Kan onderwerp zijn van een handelstransactie
- Vb. verkoop van kleding is een dienst (HC3)
Werknemers vs diensten/vestiging
Rechtspersoon is altijd economisch actief. Natuurlijk persoon kan economisch actief zijn of
economisch non actief.
Natuurlijk economisch actief persoon
- Werknemer
- Zelfstandige
o Diensten
o Vestiging
Rechtspersoon
- Diensten
- Vestiging
Werknemer vs zelfstandige (Laurie Blum)
- Onder het gezag van een ander
Diensten vs vestiging
GABHARD: je moet kijken naar de duurzaamheid, noemt een aantal factoren hiervoor.
Migratierechten
Deze migratierechten zijn geharmoniseerd in de burgerschapsrichtlijn (RI 2004/38). Verdeeld
in:
- Reisrechten (art. 4 en 5 VWEU)
, o Je mag een land uit en in
- Verblijfsrechten
o Je mag in een bepaald land blijven
o Minder dan drie maanden (art. 6 VWEU)
o Drie maanden tot vijf jaar (art. 7-15 VWEU)
▪ Familielid (art. 2 VWEU)
o Meer dan vijf jaar (art. 16-21 VWEU)
▪ Je moet al vijf jaar voldoen aan art. 7
- Werkzoekende (art. 14 lid 4 sub b VWEU) (HC2)
- Behoud verblijfsrecht op grond van art. 7 VWEU (HC2)
- Beperking reis- en verblijfsrechten (art. 27-29 VWEU)
Markttoegangsrechten
Overige rechten
- Harmonisatie? Volledige harmonisatie of partiële harmonisatie?
- Verdrag: art. 18 VWEU (en 24 lid 1 RI 2004/38 > HC2), art. 45 VWEU, art. 56 VWEU.
o Directe discriminatie:
▪ Minder discriminatiegronden
▪ Alleen afwijken op basis van de verdragsexcepties
o Indirecte discriminatie: de regel op zichzelf maakt geen onderscheid op
nationaliteit, maar de regel pakt nadeliger uit voor mensen met een andere
nationaliteit.
▪ Afwijken op basis van verdragsexcepties en rule of reason
o Overige belemmering
Rechtvaardigingsgronden
- Rechtvaardigingsgronden: art. 24 lid 2 RI 2004/38 (HC2), art. 45 lid 3 VWEU, art. 45
lid 4 VWEU, (art. 62 jo.) art. 51 VWEU, (art. 62 jo.) art. 52 VWEU.
MEDEDINGINGSRECHT
Doelen
VS: standard oil en John D. Rockefeller
EU: economische en politieke vrijheid
Doelen:
- Bevorderen interne markt
o Je wil niet dat ondernemingen belemmeringen opwerpen
- Consumentwelvaart
o Je wil dat ondernemingen met elkaar concurreren, voor betere prijs
- Andere doelen
- T-mobile zaak
Kernbegrippen
Effect op tussenstaatse handel
- HvJ: als gedraging in een lidstaat plaatsvindt, dan is dit voldoende. (gaat om kartel)
- Gaat om potentieel effect
Onderneming (uitzondering: overheidsprerogatief)
- Hofner uitspraak: HvJEU iedere activiteit is een economische activiteit (leveren van
goederen of diensten).
, - Uitzondering: Diego Cali zaak: wanneer het gaat om een overheidsprerogatief, is de
overheid geen onderneming. Als het gaat om typische overheidstaken (bijv. paspoort
uitgifte).
Relevante markt
- Geografische en productmarkt
WEEK 2
Opzet college
- Migratierechten – werkzoekende & behoud verblijfsrecht op grond van art. 7 lid 3
- Markttoegangsrechten/recht op gelijke behandeling
o Niet-economisch actieve burgers
o Werknemers
- Casus (Zie BS)
o Deze redt hij vaak niet, dus hij neemt een clip op met de uitwerking!!
Inleiding
RvS: voor unierecht gezien zijn maatregelen het meest kansrijk wanneer die niet aanknopen
bij de vorm waarin arbeidsmigratie plaatsvindt, maar bij de concrete misstanden die zich
voordoen, met name met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden, arbeidsomstandigheden
etc.
- Met andere woorden: Je moet kijken wat het probleem is, en daar kun je wel
ingrijpen. Maar algemene maatregelen worden hem niet.
Vandaag kijken we naar de economisch niet-
actieve personen. Dit kunnen alleen
natuurlijke personen zijn.
- Deze mensen moeten wel burger van
de Unie zijn om zich op deze regels
te kunnen beroepen.
Migratierechten
- Richtlijn 2004/38
(burgerschapsrichtlijn) p. 82 syllabus
- Reisrechten (art. 4 en 5)
- Verblijfsrecht
o Minder dan drie maanden (art. 6)
o Drie maanden tot vijf jaar (art. 7-15)
▪ Familielid 2(2)
o Meer dan vijf jaar (art. 16-21)
- Werkzoekende (art. 14(4)(b))
- Behoud verblijfsrecht o.g.v. art. 7
o Werkloos geworden
- Beperking reis- en verblijfsrechten (art. 27-29)
BURGERSCHAPSRICHTLIJN
- Werkzoekende (art. 14 lid 4 sub b BsRl (burgerschapsrichtlijn))