Hoorcollege recht 1
Waarom krijgen we het vak Recht bij de opleiding bedrijfskunde?
Ter ondersteuning van het management op verschillende niveaus:
1. Personeelsmanagement:
- arbeidsovereenkomst
- onstlagrecht
- Cao’s/ medezeggenschap
2. Productiemanagement
- overeenkomstenrecht
- algemene voorwaarden
- (product)aansprakelijkheid
3. commercieel management
- handelsnaamrecht
- octrooirecht
4. financieel management
- belastingrecht
- insolventierecht
5. strategisch management
- ondernemingsrecht
- milieuwetgeving
Indeling in verschillende rechtsgebieden
Je hebt het geheel aan rechtsregels. Deze kun je onderdelen in:
-Privaatrechtelijke regels: rechtsverhouding burger <—> burger
eigen belang <—> eigen belang
-Publiekrechtelijke regels: rechtsverhouding burger <—> overheid/ overheid <—> overheid
eigen belang <—> algemeen belang/ algemeen belang <—> algemeen belang
Publiekrecht: exclusief recht van overheid
Privaatrecht: geen exclusief recht van de overheid
Privaatrecht (zowel nationaal als internationaal) is ook op te delen in 2 soorten regels:
- Regels m.b.t. het personen & familierecht:
De rechtsregels die betrekking hebben op de rechtsverhoudingen binnen en buiten het gezien.
- Regels m.b.t. het vermogensrecht:
- De rechtsregels die betrekking hebben op rechtsverhoudingen die primair op geld waardeerbaar
zijn.
Het vermogensrecht is vervolgens ook weer op te delen in 3 aparte rechten:
- Goederenrecht: rechtsverhouding persoon <—> goed
- Handelsrecht: het geheel aan rechtsregels aangaande handel en verkeer
- Verbintenissenrecht: de rechtsverhouding persoon <—> persoon
Publiekrecht is ook op te delen in 3 soorten rechten:
- Staatsrecht: regelt de organisatie van de gehele overheid
- Strafrecht: het geheel aan regels betreffende de strafbaarstelling van bepaalde feiten en de
straffen
1
, Laura Cazemier
- Administratief recht en bestuursrecht:: Geeft invulling aan de rechtsverhouding tussen burgers
en overheid
Hoorcollege 2 Recht
Positief recht —> Rechtsbronnen —> wetten & rechtspraak & gewoonte & verdragen
- Wetten:
a. steeds geschreven regels (gecodificeerd)
b. afkomstig van een nationaal overheidsorgaan —> bevoegdheid komt voort uit de grondwet
1. Formele wetgever = regering en Staten Generaal (samen)
*wetten in formele zin
2. Lagere wetgevers
- op centraal niveau = de regering (alleen) = AMVB
of één of meer ministers = ministeriële regeling
- op decentraal niveau = provincies, gemeentes, bedrijfschappen & waterschappen
en Openbare lichamen (bijv. DUO)
* regels die deze instanties maken heten verorderingen
- Rechtspraak:
Uitspraken van rechters = een vonnis. Bij rechtspraak leggen de rechters de rechtsregels uit.
a. uitleg van rechtregels
b. aanvullen van bestaande rechtregels
- Gewoonterecht:
Deze regels zijn niet afkomstig van de overheid, ze staan niet op papier, maar we doen het wel
voortdurend zo.
a. bestendige gedragslijn/ herhaald gebruik
b. besef dat gebruik rechters moet worden gevolgd
c. wordt mondjesmaat door rechters toegepast !maar nooit bij strafrecht!
- Verdragen:
a. volkenrecht ( afspraken tussen twee volkeren)
b. besluiten van internationale organisaties
1. supernationale organisaties: gedeeltelijke overdracht van soevereiniteit (=eigen identiteit)
bijv. EU
2. intergouvernementele organisaties: geen overdracht van soevereiniteit. bijv. VN
- Rangorde:
1. Verdragen
2. Grondwet
3. Wetten in formele zin
4. AMVB (Algemene Maatregelen Van Bestuur)
5. Ministeriële regelingen
6. Provinciale veroreringen & verorderingen van andere wetgevende openbare lichamen
7. Gemeentelijke verorderingen & verorderingen van waterschap
2
, Laura Cazemier
- Trias Politica:
3-deling van de overheidsmacht.
a. wetgevende macht
b. uitvoerende macht
c. rechtsprekende macht
- wetgevende macht: formuleren van algemene regels —> parlement
- uitvoerende macht: toepassen van algemene regels —> bestuursorgaan
- rechtsprekende macht: rechtspreken —> onafhankelijke rechters
- De Trias Politica op centraal niveau:
a. wetgevende macht —> De Staten Generaal —> 1e en 2e kamer
b. uitvoerende macht —> Regering —> koning en ministers ( op basis van
de grondwet, geen deel van de regering)
c. rechtsprekende macht —> onafhankelijke rechters
- De Trias Politica op lager niveau:
wetgevende macht uitvoerende macht rechtgevende macht
provincies provinciale staten gedeputeerde staten —
gemeentes gemeenteraad college van B&W —
- De rechterlijke macht:
ex. art. 112 e.v. GW
a. burgerrechtelijke/ civiele rechtspraak
Privaatrecht
b. strafrechtelijke rechtspraak
Gevolgen van overtreden van de wet/ sancties / straffen
c. bestuursrechtspraak
Welke problemen zijn er tussen burgers en overheid
- Wet op de rechterlijke organisatie:
hiërarchie (piramidaal)
1 Hoge raad
4 Gerechtshoven
11 Arrondissementsrechtbanken
En onthoud, een rechter heeft nooit een baas.
- Competentieregels:
a. Absolute competentie
Welke type gerecht moet een zaak in eerste aanleg behandelen? (De Hoge Raad, een van de
gerechtshoven of een van de rechtbanken?)
b. Relatieve competentie
Welke van de rechtbanken of gerechtshoven moet de zaak in eerste aanleg behandelen?
(Geografisch criterium: In welke stad?)
3
, Laura Cazemier
- Absolute competentie rechtbank (3 rechters):
In eerste aanleg:
a. burgerlijk recht
Alle vorderingen
b. strafrecht
Alle misdrijven en overtredingen
c. bestuursrecht
AWB besluiten
* een deel van de vorderingen en misdrijven komt terecht bij de ‚sector kanton’. Hier is maar 2
rechter aanwezig en 1 griffier. De sector kanton is ook onderdeel van de rechtbank, dus wanneer
je in hoger beroep gaat na sector kanton kom je dus terecht bij het gerechtshof. In de sector
kanton werken beginnende rechters met eenvoudige zaken.
- Absolute competentie sector kanton:
Voordeel van de sector kanton: je hebt geen advocaat nodig om een rechtszaak aan te gaan, dus
dat scheelt een hoop geld. Je kunt gewoon zelf je rechtszaak voeren.
a. Burgerlijk recht
1. vorderingen tot €25.000,- ongeacht hun aard
2. alle vorderingen uit: huurovereenkomst, huurkoop, arbeidsovereenkomsten &cao’s,
consumentenkrediet tot €40.000,- en pacht
b. Strafrecht
De meeste overtredingen. In het wetboek staat wat voor misdaden voldoen aan de term
overtreding. We noemen overtredingen ook wel lichte misdrijven. (art. 424-479 sr.)
- Absolute competentie gerechtshoven(3 rechters):
Alle beroepszaken van de rechtbanken
voorbeelden: 1. Ondernemerskamer A’dam: expliciet bezig met ondernemingen met
problemen.
2. Pachtkamer Arnhem: krijgt ongeveer dezelfde zaken als de
ondernemerskamer.
*In cassatie gaan doe je wanneer je in hoger beroep gaat met een zaak van het gerechtshof naar
de Hoge Raad. Wanneer je dat doet van de rechtbank naar het gerechtshof heet dit gewoon in
hoger beroep gaan.
- Relatieve competentie: (In welke stad moet ik zijn?)
a. burgerlijk recht
De woonplaats van de gedaagde (aangeklaagde) bepaald waar de rechtszaak plaats vindt.
b. strafrecht
De plaats waar het delict is gepleegd bepaald waar de rechtszaak plaats vindt.
c. bestuursrecht
1. Centrale overheid: woonplaats van de belanghebbende bepaalt de stad.
2. Lagere overheid: Het zetel van het bestuursorgaan bepaalt de stad.
- Beroepsgang:
In eerste aanleg:
a. burgerlijke zaken —> rechtbank —> in hoger beroep? —> Gerechtshof
b. strafzaken —> rechtbank —> in hoger beroep? —> Gerechtshof
c. bestuurszaken —> rechtbank —> in hoger beroep? —> Raad van Staten/ CRvB
4