HBO Rechten jaar 1
,Inhoudsopgave
Inleiding bestuursrecht ................................................................................................................. 4
Plaats van het bestuursrecht ............................................................................................................ 4
Wat regelt het bestuursrecht? .......................................................................................................... 4
Wetmatigheid van bestuur ............................................................................................................... 5
Algemeen en bijzonder bestuursrecht ............................................................................................... 5
Bestuursorganen en belanghebbenden ......................................................................................... 7
Openbare lichamen ......................................................................................................................... 7
Bestuursorganen ............................................................................................................................. 7
Bevoegdheidsverkrijging .................................................................................................................. 9
Belanghebbende ............................................................................................................................10
Beschikking, besluit van algemene strekking en privaatrechtelijk handelen ................................... 11
Besluit artikel 1:3 lid 1 Awb ..............................................................................................................12
Beschikking artikel 1:3 lid 2 Awb ......................................................................................................12
Besluiten van algemene strekking (BAS) ...........................................................................................13
Beleidsregels: verder uitgewerkt ......................................................................................................14
Andere besluiten van algemene strekking: verder uitgewerkt .............................................................15
Beroep instellen bij bestuursrechter ................................................................................................15
Privaatrechtelijk handelen...............................................................................................................16
Windmill-arrest ..............................................................................................................................16
Normen van bestuurlijk handelen................................................................................................. 17
Rechtsmatigheidsnormen en fatsoensnormen .................................................................................17
Algemene normen voor besluiten ....................................................................................................18
Algemene beginselen van behoorlijk bestuur (abbb) .........................................................................18
Verbod van misbruik en vertrouwensbeginsel ...................................................................................19
Kennisgeving van besluiten .............................................................................................................20
Rechtsbescherming .................................................................................................................... 21
EVRM .............................................................................................................................................21
Verplichte voorprocedure (twee vormen) .........................................................................................21
Bezwaar algemeen .........................................................................................................................22
Bezwaar: termijnen .........................................................................................................................23
Bestuursrechtspraak ......................................................................................................................23
Soorten uitspraken .........................................................................................................................24
2
, Voor beroep vatbare besluiten .........................................................................................................25
Van beroep uitgezonderde besluiten ................................................................................................25
Hoger beroep .................................................................................................................................26
Voorlopige voorziening ....................................................................................................................27
Handhaving ................................................................................................................................. 28
Herstelsancties en bestraUende sancties ........................................................................................29
Beginselplicht tot handhaving .........................................................................................................30
Toezicht .........................................................................................................................................31
Dwangsom: herstelsanctie..............................................................................................................31
Bestuursdwang: herstelsanctie .......................................................................................................32
Preventief opleggen van bestuursdwang of dwangsom .....................................................................33
Bestuurlijke boete...........................................................................................................................34
Intrekking van een begunstigende beschikking als sanctie ................................................................34
Gedogen ........................................................................................................................................35
......................................................................................................................................................35
3
,Inleiding bestuursrecht
Plaats van het bestuursrecht
Bestuursrecht regelt de relatie tussen:
Bestuursorgaan — natuurlijk persoon
Bestuursorgaan — rechtspersoon
Bestuursorgaan — bestuursorgaan
- Bestuursrecht hoort bij het publiekrecht, omdat één partij altijd de overheid is.
De overheid heeft een machtspositie en de regels dienen een algemeen belang.
- Privaatrechtelijke rechtshandelingen: de overheid kan ook privaatrechtelijke
rechtshandelingen verrichten. Dan geldt het Burgerlijk Wetboek, niet de Awb.
Besluit = publiekrecht/bestuursrecht
Overeenkomst = privaatrecht
Wat regelt het bestuursrecht?
- Organisatie —> wie is de overheid en hoe is zij georganiseerd? Wie neemt
besluiten?
- Bevoegdheden —> wat mag de overheid doen? Alles wat de overheid doet, moet
een wettelijke grondslag hebben.
- Normering —> welke regels stelt de overheid? Dit zijn spelregels voor burgers en
bedrijven.
- Handhaving —> wat doet de overheid als regels worden overtreden? Gericht op
herstel, niet op straOen (intrekken vergunning, bestuursdwang).
- Rechtsbescherming —> hoe kan een burger zich verweren tegen de overheid? Dit
is vastgelegd in de Awb.
4
, Eisen voor een rechtsstaat
1. Wetmatigheid bestuur —> ingrijpen in het leven van burgers moet gebaseerd zijn
op de wet. Zonder wet = geen bevoegdheid.
2. Controle door een onafhankelijke rechter —> burgers moeten naar een
onafhankelijke en onpartijdige rechter kunnen stappen.
3. Evenwicht tussen de machten (trias politica) —> macht is verdeeld onder drie
organen: wetgevende macht, uitvoerende macht en rechterlijke macht.
4. Eerbiediging van de grondrechten —> fundamentele rechten van burgers moeten
worden gerespecteerd.
Wetmatigheid van bestuur
De overheid mag alleen handelen binnen de grenzen van de wet. Het bestaat uit twee
deelbeginselen:
1. Legaliteitsbeginsel: mag de overheid dit doen? Elk bestuursoptreden moet een
wettelijke grondslag hebben. Die grondslag met te herleiden zijn tot de grondwet
of een wet in formele zin. Geen wet = geen bevoegdheid.
2. Specialiteitsbeginsel: met welk doel gebruikt de overheid deze bevoegdheid? Een
bevoegdheid mag alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor zij is gegeven.
Alleen de bedoelde belangen mogen worden meegewogen. Bijvoorbeeld het
weigeren van een terrasvergunning. Dit is alleen vanwege openbare orde.
Algemeen en bijzonder bestuursrecht
Algemeen bestuursrecht = Awb. Dit zijn algemene spelregels voor alle bestuursorganen.
Geldt altijd, tenzij een bijzondere wet iets anders bepaalt. Awb is vooral formeel (hoe
beslissingen worden genomen/de procedure), maar ook een beetje materieel (wat je
rechten en plichten zijn).
Opbouw van de Awb
- H1: beginselen en begrippen
- H2: burger <—> bestuur
- H3-H4: besluiten
- H5: handhaving
- H6-H8: rechtsbescherming
- H9: klachten
- H10: bestuursorganen
5