Inhoudsopgave
Hoorcollege 1 Strafdoelen en strafrechtstheorieën..........................................2
Hoorcollege 2 Straftoemeting en straftoemetingsvrijheid van de rechter..........5
Hoorcollege 3 Sanctiebeleid, promoveren en degraderen in detentie, verlof en
detentiefasering............................................................................................ 8
Hoorcollege 4 Voortgezet crimineel handelen in detentie...............................16
Hoorcollege 5 Resocialisatie en voorwaardelijke invrijheidsstelling in historisch
en positiefrechtelijk perspectief....................................................................20
Hoorcollege 6 Interne rechtspositie gedetineerden: beklag en beroep............24
Hoorcollege 7 Vrijheidsbeperkende sancties.................................................27
Hoorcollege 8 Herstel en herstelgerichte detentie.........................................30
Hoorcollege 9 Sancties en mensenrechten: geestelijke gezondheid van
gedetineerden.............................................................................................. 35
Hoorcollege 10 De terbeschikkingstelling......................................................38
Week 11 Levenslang.....................................................................................62
1
,Hoorcollege 1 Strafdoelen en strafrechtstheorieën
Penitentiair recht het rechtsgebied dat ziet op het opleggen en ten uitvoer
leggen van strafrechtelijke straffen en maatregelen, ook wel sanctierecht
Detentierecht recht van gedetineerden
Klassieke richting relatief mild, overzichtelijk/eenvoud, centrale rol voor
vrijheidsstraf, nadruk op straffen en niet op maatregelen, belangrijke rol voor
strafrechter.
Moderne richting toen kwamen maatregelen zoals psychpatenwetten en
voorwaardelijke modaliteit (gevangenisstraffen voorwaardelijk opleggen).
Sancties zijn straffen en maatregelen tweesporenstelsel van Nederland
Straffen op grond van het SF, de grondslag is (proportionele) vergelding,
leedtoevoeging
Maatregelen naar aanleiding van het SF, grondslag is verbetering, herstel,
voorkomen van gevaar, geen leedtoevoeging (kan wel zo worden gevoeld), erg
toekomstgericht.
Kritiek tweesporenstelsel:
- Maakt voor veroordeelde gevoelsmatig weinig verschil of een sanctie wordt
aangemerkt als straf of maatregel
- In het kader van de tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf is ook
behandeling mogelijk in een tbs-inrichting 6:2:9 Sv
- Kan gelet op recente wijzigingen in het sanctiestelsel het onderscheid worden
volgehouden (bv. Regeling VI (voorwaardelijke IVS))
Retributieve straftheorieën of absolute verleidingstheorieën:
- De rechtvaardiging/grondslag voor de straf is gelegen in het begane misdrijf.
Anders gezegd: de rechtvaardiging van de straf is gelegen in het vergelden van
de schuld. Het te verwachten nut van de straf is daaraan ondergeschikt
- met de rechtvaardiging van de straf is tevens het doel gegeven, namelijk
vergelding. Er wordt gestraft om te vergelden
2
,- rechtsgrond = doel = vergelding
- typerend voor de klassieke richting
- het mensbeeld dat bij deze richting past is homo economicus, de baten zijn
hoger dan de kosten, de mensen maken een berekening en plegen daarom een
SF
- Beccaria, kant. Zochten rationele straf voor de anciene regime die heel
afschrikwekkend was.
Utilistische theorieën of relatieve of doeltheorieën:
- De rechtvaardiging of grondslag van de straf is gelegen in het doel (of het
veronderstelde nut) daarvan. Er wordt gestraft, omdat daarvan een bepaald doel
wordt verwacht
- strafdoelen:
Generale preventie: afschrikking en normstelling- en bevestiging.
Speciale preventie: individuele afschrikking, resocialisatie, onschadelijkmaking
(incapacitatie)
- Typerend voor de moderne richting
- op de dader (in plaats van de daad) gericht, maar ook homo economicus. De
biologie, omstandigheden, omgeving, psychologie gingen steeds meer invloed
uitoefenen. Meer wetenschappelijke benadering van de mens in plaats van de
rationele.
- mensbeeld van de rationele mens wordt verworpen, een meer
wetenschappelijke benadering wordt voorgestaan
- Bentham: “grootste geluk voor het grootste aantal”
Verenigingstheorieën (heersende leer):
er zijn er 2, eentje meer utilitair en de heersende is deze, ingegeven voor
vergelding, maar binnen die grens heeft het een bepaald nut zoals preventieve
werking.
- de straf wordt ingegeven door vergelding (retributivisme)
- voor wat betreft de keuze van de straf en de hoogte daarvan spelen
hoofdzakelijk utilistische overwegingen een rol
- er wordt dus een onderscheid gemaakt tussen enerzijds de rechtvaardiging
(grondslag) van de straf en anderzijds het doel van de straf
- de grondslag van de straf is vergelding (‘het wezen van de straf’, aldus Knigge).
De vergelding moet proportioneel zijn
- strafdoelen:
Generale preventie: afschrikking en normstelling- en bevestiging,
conflictoplossing, beveiliging van de maatschappij
Speciale preventie: afschrikking, verbetering (resocialisatie),
onschadelijkmaking (incapacitatie)
Herstel: richting samenleving, slachtoffer en zichzelf
- HET doel van de straf bestaat niet. Strafdoelen worden voor persoonlijke
rekening gekozen (de Keijzer)
- proportioneel aan de ernst van het feit en de schuld van de dader
Geen rangorde van strafdoelen in Nederland. De absolute vergeldingstheorieën
en de doeltheorieën kennen in hun meest zuivere vorm zowel een beschermend
aspect dat (veelal) in het voordeel van de dader uitpakt, of in ieder geval kan
uitpakken, als een duidelijke schaduwzijde die uiterst nadelig kan zijn voor de
3
, veroordeelde
Absolute vergeldingstheorie schaduwzijde: bestraffing moet plaatsvinden
(ook al dient dit geen enkel doel. Beschermend aspect: men blijft uit het hoofd
van de dader en de dader is een gelijke
Relatieve/doeltheorie schaduwzijde: zwaarder straffen dan de schuld
gerechtvaardigd en zelfs het straffen van onschuldigen (Durkheim). Beschermend
aspect: men blijft juist niet uit het hoofd van de dader, maar zorgt voor
persoonsgerichte sanctionering
Jonkers over straffen
- Schuld vormt niet alleen de legitimering maar ok de limitering van de straf.
Bestraffing kan dus enkel plaatsvinden naar de mate van schuld (Jonkers, p.
167)
- HR: ons strafrecht kent geen rechtsregel die verbiedt dat er een straf wordt
opgelegd die zwaarder is dan de schuld van de dader (zwarte ruiter HR en
Antilliaanse amokmaker HR)
- Let wel: ‘geen straf zonder schuld’ impliceert niet ‘geen schuld zonder straf’.
“Schuld mag onvergolden blijven en soms moet dit zelfs”. Om tot strafoplegging
over te gaan zijn bijkomende redenen nodig, schuld is in zijn optiek een
noodzakelijke maar nog geen voldoende voorwaarde voor de straf. Als
voorwaarden hanteert Jonkers:
1. Dat er sprake moet zijn van een legitiem strafdoel,
2. Dat de straf als instrument ook geschikt is om dat doel te realiseren.
Maar worden doelen van straf wel echt behaald, bij maximale straffen ophogen is
interessant dat de wetgever argumenten van strafdoelen noemt van preventie,
maar er is niet echt empirisch bewijs dat daders e.d. echt worden afgeschrokken,
er is geen preventief effect misschien, lijkt gewoon op vergelding.
Straf naar de mate van schuld?
- Bleichrodt en Vegter 2021 p. 41: een consequentie van het schuldbeginsel is dat
niet hoger gestraft mag worden dan door de schuld wordt gerechtvaardigd.
Overwegingen van beveiliging van de maatschappij mogen daar geen afbreuk
aan doen. Ingeval noodzakelijk, kan de toepassing van maatregelen in
voorkomende gevallen in (aanvullende) maatschappijbescherming voorzien.
- van Kempen 2024: primair uitganspunt is geen zwaardere straf dan die
proportioneel is aan de ernst van het SF en de mate van schuld. Slechts bij hoge
uitzondering, vanwege zwaarwegende preventieredenen, mag boven de mate
van schuld worden uitgegaan.
Korte vrijheidsstraffen
RSJ, korte detenties nader bekeken, 2021.
Boschman, Verweij en Weijters, WODC 2023, p. 85.
Veel nadelen te noemen, zoals disruptief, heftig voor je baan e.d. en niet lang
genoeg om iets te kunnen bereiken
In hoeverre worden strafdoelen bereikt met korte vrijheidsstraffen?
- speciale preventie: niet meer dan andere straffen; recidive na korte
vrijheidsstraf niet lager dan na andere soort straf, mogelijk zelfs meer
- generale preventie: geen groter generaal afschrikwekkend effect van de korte
4