mediation
Informatie Brightspace
In geval van arbitrage vindt de beslechting v.h. geschil niet plaats door de
‘gewone’ overheidsrechter, maar door arbiters (scheidslieden) die een arbitraal
vonnis wijzen.
Ook in het geval van bindend advies geschiedt dit niet door de overheidsrechter,
doch door particuliere personen. Tussen arbitrage en bindend advies bestaan
echter diverse verschillen.
Mediation is een methode voor conflictpreventie en -oplossing, waarbij een
conflictbemiddelaar partijen door middel van overleg probeert te brengen tot een
voor hen acceptabele oplossing van het tussen hen bestaande geschilpunt, dan
wel de tussen hen bestaande discussie. De mediator is neutraal, onpartijdig en
partijen nemen vrijwillig deel aan de mediation. Geheimhouding is één van de
kernwaardes van mediation. Mediation is doorgaans sneller en goedkoper dan
een rechterlijke procedure. Daarnaast kunt u zich voorstellen dat partijen
tevredener zijn na mediation dan nadat zij een rechterlijke vonnis hebben
gekregen, omdat partijen bij mediation zelf meebouwen aan de uiteindelijke
oplossing. Afspraken uit mediation worden dan ook vaker (vrijwillig) nagekomen
dan rechterlijke uitspraken.
Als er al een rechtszaak loopt kunnen partijen zelf besluiten om via mediaton hun
conflict (gedeeltelijk) op te lossen.
,College
,Literatuur
Bestudeer hoofdstuk XIII met uitzondering van nummer 248,
Arbitrage
238: aard en functie van arbitrage
Arbitrage is de beslechting van geschillen door arbiters krachtens een ovk tussen
de betrokken partijen. Arbiters of scheidslieden zijn door partijen of door een
derde aangewezen particuliere personen, die niet in een rechterlijk ambt maar
krachtens een bijzondere opdracht rechtspreken in geschillen.
De geschillen kunnen van privaatrechtelijke aard zijn, maar ook van
publiekrechtelijke.
Ib is alleen de rechterlijke macht bevoegd tot berechting van burgerlijke
geschillen (art. 112 Gw). De Gw zelf bevat echter een opening die ruimte laat
voor arbitrage. Art. 17 Gw bepaalt: ‘Niemand kan tegen zijn wil worden
afgehouden van de rechter die de wet hem toekent.’ De woorden ‘tegen zijn wil’
zijn destijds in de bepaling opgenomen om de wettelijke mogelijkheden van
prorogatie en arbitrage niet uit te sluiten. Uit kracht van de Gw regelt de wet
enerzijds dwingend de rechtsmacht van de rechter, maar staat zij anderzijds in
bepaalde gevallen toe dat door de wil van partijen van die regeling wordt
afgeweken. De wet opent de mogelijkheid tot arbitrage in art. 1020 Rv. Indien
partijen arbitrage wensen, moet hun wil daartoe uit een ovk blijken. Voor
arbitrage is zowel een wettelijke als een contractuele grondslag vereist.
Arbitrage is gereld in het 4e boek van het wetboek van Burgerlijke Rv, de art.
10201076 Rv.
Arbitrage is niet alleen in geschillen mogelijk, maar ingevolge art. 1020 lid 4 Rv
kunnen de volgende onderwerpen ook buiten geschil aan arbitrage worden
onderworpen:
a. De enkele vaststelling v.d. hoedanigheid of v.d. toestand van zaken
(kwaliteitsarbitrage)
b. de enkele bepaling v.d. hoogte van een schadevergoeding of van een
verschuldigde geldsom
c. De aanvulling of wijziging v.d. rechtsbetrekking tussen partijen
Ook in deze gevallen is een ovk tot arbitrage vereist. Aanvulling van leemten in
een ovk tussen partijen, bijv. de bepaling van een koopprijs, moet uitdrukkelijk
door partijen zijn overeengekomen en is niet begrepen onder een gewoon
arbitraal beding tot beslechting van geschillen. Arbiters kunnen in dat geval meer
dan de rechter: deze is niet bevoegd tot het aanvullen van leemten. Afgezien van
deze speciaal verleende bevoegdheid geldt voor arbiters het ‘pacta sunt
servanda’: zij mogen niet naar ieder goeddunken een ovk van een andere
feitelijke inhoud in de plaats stellen v.d. tussen partijen geldende ovk en daaraan
de vordering toetsen.
Van arbitrage wordt veel gebruikgemaakt. Vooral door 2 factoren heeft arbitrage
een grote vlucht genomen:
, 1. het opnemen van een arbitraal beding in algemene vw; en
2. het instellen van vaste scheidsgerechten voor bepaalde kringen van
handel, bedrijf en sport (zoals de graanhandel, het bouwbedrijf en de
voetbalsport).
Ook in het internationale handelsverkeer wordt arbitrage veel toegepast.
Voordelen van arbitrage zijn vooral de deskundigheid en ervaring van arbiters op
een speciaal gebied en de vrijheid van partijen m.b.t. de te volgen procedure.
Een ander voordeel kan zijn de beperkte mogelijkheid tot aantasting v.h. vonnis.
Verder wordt als voordeel vaak de anonimiteit v.d. procedure genoemd: arbitrage
is niet openbaar en uitspraken worden niet of geanonimiseerd gepubliceerd. Als
nadelen zijn te noemen: de onbekendheid v.d. arbiter met recht en rechtsvragen
(soms gecompenseerd door de bijstand v.h. scheidsgerecht) en de extra kosten
door het honorarium, aan het scheidsgerecht te betalen.
Per 1 januari 2015 is het arbitragerecht gemoderniseerd. De belangrijkste
wijzigingen zijn dat:
1. van eigentijdse elektronische middelen gebruik kan worden gemaakt
2. best practices uit de bestaande praktijk zijn vastgelegd
3. deponering v.h. vonnis bij de rechtbank niet meer verplicht is
4. de vernietigingsprocedure bij de overheidsrechter in nog maar een feitelijke
instantie plaatsvindt
5. institutioneel wraking mogelijk is geworden
6. een arbitraal beding op de lijst van onredelijk bezwarende bedingen is
geplaatst, vanuit een oogpunt van consumentenbescherming.
Ingevolge overgangsartikel IV is de wet slechts van toepassing op arbitrage die
op of na 1 januari 2015 aanhangig zijn geworden, zodat de oude bepalingen
lange tijd hun betekenis zullen blijven behouden. Ook behoudt het oude recht zijn
betekenis voor verzoeken tot erkenning en tul van buiten Nederland gewezen
arbitrale vonnissen in zaken die voor 1 januari 2015 aanhangig zijn gemaakt, ook
al is na 1 januari 2015 vonnis gewezen: dergelijke verzoeken dienen ingevolge
het overgangsartikel bij de rechtbank en niet bij het hof te worden ingediend.
239: de plaats van arbitrage
Art. 1073 lid 1: het in de 1e titel (art.1020-1073) bepaalde is van toepassing
indien de plaats van arbitrage in Nederland is gelegen. Willen partijen arbitrage
naar Nederlands arbitragerecht, dan dienen zij de in Nederland gelegen plaats
van arbitrage bij ovk te bepalen. Mochten zij dit hebben verzuimd, dan bepaalt
het scheidsgerecht de plaats van arbitrage (+ plaats arbitrage = ook plaats
uitspraak). Indien de plaats van arbitrage noch door partijen noch door het
scheidsgerecht is bepaald, dan geldt de plaats v.d. uitspraak, vermeld in het
arbitraal vonnis, als plaats van arbitrage art. 1037. Verzuim van plaats uitspraak
kan worden herstel art. 1060 lid 2. De zittingen v.h. scheidsgerecht behoeven
niet op de plaats van arbitrage te worden gehouden, maar kunnen overal
plaatsvinden, tenzij partijen anders zijn overeengekomen. Dit geldt ook voor
andere processuele verrichtingen art. 1037 lid 3.
240: de overeenkomst tot arbitrage