Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Arresten

Jurisprudentiebundel Aansprakelijkheidsrecht | RB1202 | Open Universiteit | 2025/2026

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
51
Geüpload op
04-05-2026
Geschreven in
2025/2026

Deze jurisprudentiebundel bevat uitgewerkte arresten voor het vak Aansprakelijkheidsrecht (RB1202) aan de Open Universiteit. De bundel behandelt onder meer de Broodbezorger-arrest en Zutphense Juffrouw-arrest, met focus op onrechtmatige daad, waarschuwingsplichten, nalatigheid en aansprakelijkheid voor eigen gedrag. Ideaal voor voorbereiding op toetsen en voor het begrijpen van belangrijke rechtsprincipes in het aansprakelijkheidsrecht.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Jurisprudentiebundel
aansprakelijkheidsrecht Jons
Leereenheid 2: Aansprakelijkheid voor eigen
gedrag
Struikelende broodbezorger
Broodbezorger-arrest

Onderwerp: Onrechtmatige daad – waarschuwingsplicht – nalatigheid
Artikelen: Art. 6:162 BW

Feiten

Een broodbezorger (De Coninck) struikelt over een touwtje dat laag boven de
grond gespannen is op het pad naar een woning.
Twee kinderen (Heddema), van vier en vijf jaar oud, zien dat andere kinderen het
touwtje spannen maar doen hier niets aan.
De broodbezorger loopt schade op en stelt dat de kinderen hem hadden moeten
waarschuwen voor het gevaar.
Hij stelt daarom een vordering in tegen de ouders van de kinderen op grond
van onrechtmatige daad van hun kinderen (en hun ouderlijke
aansprakelijkheid).

De rechtbank en het hof wijzen de vordering van de broodbezorger toe. De Hoge
Raad oordeelt echter anders.

Rechtsvraag

Hebben de kinderen onrechtmatig gehandeld door de broodbezorger niet te
waarschuwen voor het gevaar dat zij zagen (een waargenomen gevaarsituatie
waarvoor zij niet verantwoordelijk waren)?

Overweging

De Hoge Raad overweegt dat er slechts sprake kan zijn van een rechtsplicht om
te waarschuwen (dus een onrechtmatige nalatigheid) wanneer:

“de ernst van het gevaar dat die situatie voor anderen meebrengt tot het
bewustzijn van de waarnemer is doorgedrongen.”

Dit geldt ook voor volwassenen, behoudens bijzondere zorg- of
oplettendheidsplichten (bijvoorbeeld door een speciale relatie met het slachtoffer
of de plaats van het gevaar).

In dit geval is niet vastgesteld dat de kinderen zich bewust waren van het gevaar
dat het touwtje opleverde.
Bovendien rustte op hen geen bijzondere zorgplicht met betrekking tot het erf

,van hun ouders.
Daarom hebben zij geen onrechtmatige daad gepleegd door niet te
waarschuwen.

Het hof heeft dus ten onrechte aangenomen dat de kinderen aansprakelijk waren.

Rechtsregel

Een rechtsplicht om een ander te waarschuwen voor een gevaarssituatie die
men zelf niet heeft veroorzaakt, bestaat alleen wanneer de ernst van het
gevaar tot het bewustzijn van de waarnemer is doorgedrongen.
Zonder dat bewustzijn is er geen onrechtmatig nalaten.

Er is dus een onderscheid tussen:

 Gewoon nalaten: wanneer iemand zelf betrokken is bij het ontstaan
van het gevaar (bijv. Kelderluik-situatie).
 Zuiver nalaten: wanneer iemand niet betrokken is bij het ontstaan
van het gevaar (zoals hier).

In dit arrest was sprake van zuiver nalaten, en dat levert alleen
onrechtmatigheid op bij bewustzijn van het gevaar of bij een bijzondere
zorgplicht.



Zutphense Juffrouw-arrest**
Onderwerpen; Onrechtmatige daad

Artikelen ‐ 1401 BW (oud), 1402 BW (oud), 6:162 BW

Feiten

Juffrouw De Vries woont boven het pakhuis van Nijhuis te Zutphen. Door een
strenge vorst springt in de nacht van 4 op 5 januari 1909 een leiding in het
pakhuis van Nijhuis. Een voorraad leer die in het pakhuis ligt opgeslagen, wordt
daardoor beschadigd. De hoofdkraan van de waterleiding bevindt zich echter in
het huis van juffrouw De Vries. Nijhuis verzoekt juffrouw De Vries om de
hoofdkraan dicht te draaien om de schade te beperken. Juffrouw De Vries weigert
dit te doen, omdat ze van mening is dat Nijhuis de intentie heeft om haar
nachtrust te verstoren. Uiteindelijk geeft juffrouw De Vries toe en verleent
toegang tot haar huis aan Nijhuis. Door de vertraging is het leer ernstig
beschadigd. Nijhuis wil deze schade graag vergoed zien van juffrouw De Vries op
grond van onrechtmatige daad.

Rechtsvraag

Levert de gedraging van juffrouw De Vries in casu een onrechtmatige daad op?

Overweging

In eerste instantie wordt de vordering van Nijhuis door de kantonrechter
afgewezen. De rechtbank wijst de vordering echter toe, overwegende dat:

,‘(…) onrechtmatige daad en onrechtmatige nalatigheid niet zo beperkt moeten
worden opgevat dat daaronder alleen zouden vallen zulke daden of nalatigheden,
welke inbreuk maken op een anders recht of in strijd zijn met des daders
rechtsplicht, maar dat er tevens onder vallen zodanige waarbij de nodige eerbied
voor een anders persoon, goederen of arbeid uit het oog wordt verloren (…).’

De Hoge Raad oordeelt echter anders (r.o. 8):

‘(…) O. daaromtrent, dat door zodanige daden en nalatigheden, als de Rechtbank
hierbijop het oog heeft, wel in strijd met hetgeen zakelijk en maatschappelijk
betaamt, kan zijn gehandeld; dat echter de toepasselijkheid van de artikelen
1401 en 1402 BW (oud) niet daardoor wordt bepaald, maar afhangt van de
bevinding of hetzij de daad, hetzij het verzuim of al dan niet in strijd is met des
daders rechtsplicht of inbreuk maakt op eens anders recht, (…).’

Rechtsregel

Het wetsartikel sprak expliciet van schendingen van een wettelijke plicht of het
maken van een inbreuk op rechten van een ander. Een onbetamelijke gedraging
wordt hier niet genoemd en is dus ook niet onrechtmatig. Alleen de schending
van een wettelijke plicht of een inbreuk op een recht levert onrechtmatigheid op.

Let erop dat de rechtsregel van dit artikel met de komst van HR
Lindenbaum/Cohen (31 januari 1919, NJ 1919,

HR 9 december 1994, NJ 1996, 403 (Zwiepende tak*)
Rechtsregel

De vraag of iemand voor een bepaald gevolg, ontstaan door een gedraging van
deze persoon, aansprakelijk is, hangt af van de mate van waarschijnlijkheid dat
het ongeval zich zou voordoen.

Inhoud casus

In september 1898 maken vier vrienden een wandeling door een bos. Op een
gegeven moment geeft Werink een schop tegen een tak, die terugzwiept en in
het oog van Hudepohl, die achter hem loopt, terecht komt. Door dit oogletsel
moet Hudepohl uiteindelijk een oog missen. Hudepohl wil de schade verhalen op
Werink, maar de verzekering van Werink erkent de aansprakelijkheid niet.
Hudepohl vordert schadevergoeding wegens onrechtmatige daad. De rechtbank
in eerste aanleg wijst de vordering van Hudepohl af. Het hof wijst de vordering
vervolgens echter toe.

De Hoge Raad oordeelt als volgt: “[Het hof heeft miskend] dat niet reeds de
enkele mogelijkheid van een ongeval, als verwezenlijking van aan een bepaald
gedrag inherent gevaar, dat gedrag onrechtmatig doet zijn, maar dat zodanig
gevaarscheppend gedrag slechts onrechtmatig is indien de mate van
waarschijnlijkheid van een ongeval (het oplopen van letsel door een ander) als
gevolg van dat gedrag zo groot is, dat de dader zich naar maatstaven van
zorgvuldigheid van dat gedrag had moeten onthouden.” [r.o. 3.6 en 3.4] Volgens
de Hoge Raad zijn de gedragingen van Werink slechts onrechtmatig, indien de

, mate van waarschijnlijkheid van een ongeval als gevolg van dat gedrag zo groot
was, dat Werink zich gezien de maatstaven van zorgvuldigheid van dit gedrag
had moeten onthouden. Werink had zich dus van de gedragingen moeten
onthouden als hij wist dat tegen een tak trappen zware letselschade zou
veroorzaken bij Hudepohl. In casu is er echter niet genoeg bekend over de
feitelijke toedracht van het ongeval. Er kan niet worden vastgesteld of de
zorgvuldigheidsnorm is overtreden, dus is Werink niet aansprakelijk en hoeft hij
de schade van Hudepohl niet te vergoeden. De Hoge Raad bekrachtigt het vonnis
van de rechtbank en vernietigt het arrest van het hof.

HR Maas/Willems (1973)**
Beide partijen hielden zich niet aan de wettelijke norm (tarieven) soms in
het handelen in strijd met de wettelijke plicht niet voldoende en is er
tevens vereist dat er sprake is van het feit dat er jegens de ander
onbehoorlijk is gehandeld. Er is niet onrechtmatig jegens Willems
gedragen want Maas heeft niet onbehoorlijk jegens Willems gehandeld.

Niet elke overtreding van een wettelijke norm is automatisch onrechtmatig
jegens een ander.
Alleen als die norm de belangen van die ander beoogt te
beschermen én er sprake is van onbehoorlijk gedrag, ontstaat
onrechtmatigheid.

HR 31 januari 1919, NJ 1919/161 (Lindenbaum/Cohen)**
Lindenbaum/Cohen-arrest

Onderwerpen – Onrechtmatige daad, onrechtmatigheid
Artikel – thans art. 6:162 BW (destijds art. 1401 BW)

De feiten
Cohen en Lindenbaum hadden beiden een drukkerij in Amsterdam. Cohen
kocht een bediende van Lindenbaum om, om zo vertrouwelijke informatie
over offertes te verkrijgen. Daardoor kon Cohen onder de prijzen van
Lindenbaum gaan zitten en opdrachten binnenhalen. Lindenbaum
ontdekte de omkoping en vorderde schadevergoeding op grond van
onrechtmatige daad.

Rechtsvraag
Is er sprake van een onrechtmatige daad, ook al bestaat er geen expliciet
wettelijk verbod?

Overweging

 De rechtbank wees de vordering toe.
 Het hof wees de vordering af: het gedrag van Cohen was niet in
strijd met de wet, en strijd met de wet was destijds de enige
grond voor een onrechtmatige daad.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
4 mei 2026
Aantal pagina's
51
Geschreven in
2025/2026
Type
Arresten

Onderwerpen

$9.17
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
jhoef1

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
jhoef1 Open Universiteit
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
3 weken
Aantal volgers
0
Documenten
5
Laatst verkocht
-

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen