Botten
Structuur Vorm Functie Omliggende Onderdeel van Palpatie Overig
structuren gewricht
crista iliaca lichte s-vorm, Palpeer en teken geheel vanaf de spina iliaca
waarbij het anterior superior tot de spina iliaca posterior
hoogst gelegen superior.
gedeelte naar
binnen wijst
maakt deel uit
van het craniale
deel van het
bekken
tuberculum liggen meestal op de Plaats de duimen op de spinae iliacae
iliacum wijdste plaats van de anterior superior en dan de wijsvingers op 5
bekkengordel. cm meer craniaal en lateraal gelegen
tubercula.
spina iliaca uiteinde van de Zijn gelegen ter medio-caudaal vervolg de liesplooi in craniolaterale richting,
anterior superior crista hoogte van de eerste hiervan wordt waar deze plooit ophoudt kom je een
(sias) sacrale ‘wervel’. bedekt door de opvallende botverhevenheid tegen.
anteflectoren van
het heupgewricht
(afb. 6.19)
spina iliaca uiteinde van de De distale dorsocaudaal verdikken de crista iliaca zich
posterior superior crista begrenzing bevindt tot de spina iliaca posterior superior. Deze
(sips) zich ter hoogte van bevinden zich ter hoogte van de
de tweede sacrale ‘bekkenkuiltjes’..
‘wervel’.
vanaf deze structuur
kan je het os coxae
nog verder naar
caudaal palperen.
femur
- caput femoris Centrum van caput femoris vind je bij de
kruising van de a. femoralis en het
horizontale vlak door de top van de
trochanter major.
Is niet direct palpabel, daarom projecterend.
- collum femoris Is niet direct palpabel
- trochantor major ligt aan de ligt in hetzelfde Wordt in de Is over een groot deel van zijn oppervlak te
zijkant van het frontale vlak als de anatomische stand palperen
lichaam, femurkop ten dele bedekt
halverwege het door de m. tensor abductie been, dan verschijnt er een zichtbare
niveau van de fasciae latae. depressie boven de trochantor major.
bilplooi en het Draait tijdens Vingers beginnen vanaf de crista iliaca
niveau van de exorotatie naar distaalwaarts te bewegen totdat de
crista iliaca. dorsaal onder de proximale begrenzing van de trochantor
m. tensor fasciae major wordt gevoeld.
latae vandaan .
Er ontstaat of verdiept een inzinking bij
contractie van de m. gluteus maximus aan de
ventrale zijde van deze spier (afb. 6.24). In de
naar ventraal oplopende wand van deze
inzinking bevindt zich de trochanter major.
Palpatie wordt vergemakkelijkt door in
buikligging het been te abduceren en te
retroflecteren.
,- condylus de medialis en bij gebogen knie kun je ze soms zien. buiging Bij gestrekte knie en
medialis femur lateralis van de knie maakt een deel van het distale ontspannen
verschillen in bevindt zich aan de gewrichtsoppervlak van de condyli femoris quadriceps kun je de
vorm: de caudale zijde van palpabel ter weerszijden van het lig. patellae patella in zijwaartse
condylus de epicondyli (afb. 6.29 en 6.40) richting verplaatsen
lateralis steekt en de ventrale randen
in ventrale Palpeer de condylus medialis femur langs de van beide condyli
richting meer patella naar proximaal en zover mogelijk in palperen.
uit dan de posteriore richting. Het gehele mediale
medialis. zijvlakte van de condylus kan betast worden. De ventrale delen van
Een verhevenheid is voelbaar: epicondylus de condyli van het
palperen langs medialis. femur worden bij
de randen van toenemende buiging
de patella, schuif met diep palperende vingers op de beter en over een
proximaalwaart mediale zijde van het bovenbeen in distale groter oppervlak
s dan zijn de richting naar de knie, dan kom je op de palpabel. bij gebogen
condyli condylus medialis femoris. knie zijn ook de distale
voelbaar. De (gewrichts)delen van
- condylus laterale de basis van de Palpeer de condylus lateralis femur langs de de condyli van het
lateralis femur condylus is patella en de patella (vanaf het laterale kniekuiltje naast femur goed te
meer condylus het lig. patellae) naar proximaal en zover palperen, ter
prosaimaalwaar lateralis sluiten mogelijk in posteriore richting (je kunt het tot weerszijden van de
ts palpabel in perfect op proximaal van de patella kunnen volgen). Het patella en het lig.
vergelijking met elkaar aan (afb. gehele laterale zijvlakte van de condylus kan patellae (afb. 6.29b)
de mediale. 6.41) betast worden. Een verhevenheid is voelbaar:
epicondylus lateralis.
- epicondylus indien je aan de mediale en laterale zijde van
medialis verhevenheden aan het bovenbeen in benedenwaartse richting
de craniale zijde strijkt, stuiten de vingers op de epicondyli
- epicondylus van de condyli
lateralis
patella kan tov het Bij buiging van de de proximaal Altijd knie in extensie.
- basis femur ca. 6 cm knie verschuift de gelegen basis en vanaf de apex patellae palpeert men
- apex verschuiven. patella steeds meer de distaal gelegen proximaalwaarts beide randen van de patella.
- facies anterior naar lateraal! apex vormen de Wanneer de apex patellae op de onderlaag
is onderdeel aanhechtingsplaat wordt gedrukt, wordt de patellabasis
van de art. bij extensie in de sen voor enigszins naar ventraal opgewipt en
genus knie, kan de patella respectievelijk de andersom.
vrij bewogen m. quadriceps
functie: worden. femoris en het lig. Bij afwisselend aan- en ontspannen van de
patellae en zijn quadriceps (bij gestrekte knie) schuift de
daardoor iets patella naar boven en beneden.
minder goed af te
tasten. Bij gestrekte knie en ontspannen quadriceps
is de patella in zijwaartse richting zo
verplaatsbaar dat zelfs de dorsale zijde door
palpatie is te benaderen (afb. 6.44)
Inspectie mogelijk bij gebogen knie.
Vooral de facies anterior is goed palpabel, de
basis en apex minder.
Bij gestrekte knie en ontspannen quadriceps
kun je de patella in zijwaartse richting
verplaatsen. Bij gebogen knie is de patella
gefixeerd.
tibia is (aan de mediale zijde) over de gehele
lengte goed te palperen (omdat daar spieren
ontbreken)
- condylus Bij exorotatie Ter weerszijden van de tuberositas zijn, in
medialis tibia promineert de schuin omhoog gaande lijnen, de condyli van
condylus medialis. de tibia te palperen, lopend tot aan het
tibiaplateau. promineert vaak meer
- condylus Wanneer de 90 bij gebogen knie
lateralis gebogen knie De bovenranden van de condyli zijn goed te
tibia wordt palperen, tot zij dorsaal schuilgaan onder de
geëndoroteerd structuren van de fossa poplitea en ventraal
draait de condylus onder het lig. patellae. Lateraal wordt de
lateralis van de palpatie ervan onderbroken door de ronde
tibia naar ventraal streng van het lig. collaterale fibulare (afb.
(afb. 6.6b). Aan de 6.39), mediaal door de platte en brede lig.
laterale zijde collaterale tibiale (afb. 6.40).
verschijnt dan een
duidelijke knobbel. zijn bij gebogen knie goed te zien (afb. 6.22
en 6.23). Palpabel bij zowel gebogen als
, gestrekte knie, waarbij ze ver naar dorsaal te
volgen zijn. Endorotatie van het onderbeen bij
een 90 graden gebogen knie brengt de
condylus lateralis sterk naar voren (afb. 6.6).
Exorotatie brengt de medialis (wel in mindere
mate) naar voren.
- tuberositas het meest proximale palpabele punt in het
tibiae mediaanvlak van het onderbeen (afb. 6.6).
- margo anterior vanaf de tuberositas tibiae tot de hoogte van
de malleolus medialis kan de margo anterior
tibiae gepalpeerd worden.
bevindt zich (net als de facies medialis)
tussen de malleolus medialis en tuberositas
tibiae, vooral in een horizontale positie van
het onderbeen met ontspannen spieren
zichtbaar.
palpabel in een naar mediaal afbuigende lijn
vanaf de tuberositas tot aan de malleolus
medialis
- margo medialis ook te palperen tot aan de malleolus
medilais.
- facies medialis mediaal van margo anterior tibiae.
bevindt zich oppervlakkig tussen de margo
anterior en de margo medialis (afb. 6.43).
bevindt zich (net als de margo anterior)
tussen de malleolus medialis en tuberositas
tibiae, vooral in een horizontale positie van
het onderbeen met ontspannen spieren
zichtbaar.
fibula ligt distaal van het caput fibulae is de fibula nog
latero-dorsaal een klein stuk palpabel. Verder naar distaal is
van de tibia. het bedekt door spieren. Dan is het 10/20 cm
proximaal van de malleolus lateralis weer
heeft een goed palpabel.
relatief dorsale
ligging is NIET over de gehele lengte te palperen,
distaal van het caput wordt bedekt door
spieren.
- caput fibulae Het deel van het condylus lateralis bevindt zich op het vind je door de pees van de m. biceps
caput dat het van de femur niveau van de femoris naar distaal te vervolgen.
meest in tuberositas tibiae
laterale richting is te palperen aan de laterale zijde van het
promineert is caput op het niveau de tuberositas tibiae
de apex capitis (afb. 6.1)
die meer in
- apex capitis dorsale richting ligt iets meer is alleen bij gebogen knie te bereiken.
fibulae wijst dorsaal dan de Hoef je niet echt te weten
caput fibulae.
malleolus prominerend De uitstekende (afb. 6.34) Dorsaal van de
medialis botgedeelte aan puntjes op de De malleolus malleolus komt,
de mediale malleolus medialis ligt tijdens supinatie van
zijde van de geven de ventraler en de voet, de pees van
enkel, bij het bewegingsas proximaler dan dat de m. tibialis posterior
enkelgewricht. voor van de malleolus tevoorschijn (afb.
Onderdeel van plantair/dorsaal lateralis. 6.13B)
de tibia(afb. flexie van het
6.37) bovenste
spronggewricht
malleolus prominerend aan. Deze lateralis is
lateralis botgedeelte aan puntiger dan de
de laterale zijde mediale.
van de enkel.
Onderdeel van
de fibula.