Een rechtsstaat is een staat waarin je als burger met grondrechten wordt beschermd tegen
machtsmisbruik en willekeur van de overheid. Je kan niet zomaar worden opgepakt of
gevangengezet omdat een agent, rechter of minister daar zin in heeft. Deze bescherming
bestaat niet of nauwelijks in een autoritaire staat, waarin één machthebber of een kleine
groep mensen bepaalt wat de regels zijn. Nederland is een democratische rechtsstaat,
hierdoor hebben burgers een dubbele zekerheid. Ze mogen meedoen aan vrije verkiezingen
en bepalen zo wie de machthebbers zijn en ze kunnen indirect meebeslissen over politieke
kwesties. Nederland is ook een sociale rechtsstaat, er zijn allerlei wetten en voorzieningen
om de welvaart en het welzijn van de burgers te bevorderen. In Nederland is
rechtszekerheid, want iedereen kan precies nagaan wat wel en niet mag. In een sociaal
contract staan afspraken om in natuurlijke vrijheid en gelijkheid te kunnen leven. De staat
heeft een geweldsmonopolie wat wil zeggen dat de staat als enige geweld mag gebruiken.
De staatsmacht is opgesplitst in een wetgevende macht, een uitvoerende macht en een
rechtsprekende macht: de trias politica.
De grondbeginselen van de rechtsstaat:
Het beginsel van de grondrechten: alle mensen zijn in vrijheid en gelijkheid geboren en
moeten zo ook kunnen samenleven.
Het soevereiniteits- en democratie beginsel: de mensen sluiten gezamenlijk een
vredesakkoord, het sociaal contract.
Het legaliteitsbeginsel: er is een staat die het sociaal contract tussen mensen kan
afdwingen, maar ide strikt gebonden is aan de wetten die de partijen zelf hebben opgesteld.
Het beginsel van de trias politica: de macht van de staat wordt voor de zekerheid verder
begrensd door interne scheiding van de staatsmacht.
2.2
De grondwet is de fundering van een rechtstaat waarin staat welke idealen de samenleving
koestert, hoe ze die wil bereiken en ze wil dat mensen samenleven.
Grondwet in Nederland:
- Legt de fundamentele rechten van burgers vast
- Begrenst de macht van de staat en garandeert daarmee de vrijheden van burgers
- Geeft aan hoe de belangrijkste organen van de staat (koning, ministers, parlement,
rechterlijke macht) in grote lijnen zijn georganiseerd
- Drukt de eenheid van de natie uit binnen het staatsverband vormen alle burgers, ondanks
alle verschillen toch een eenheid. De macht van de koning is ingeperkt in de grondwet. Hij is
onschendbaar, dat wil zeggen dat hij buiten het spel van de macht is gezet. De ministers
kregen de verantwoordelijkheid voor de wetgeving en beleid. Kiesrecht was eerst alleen
voorbehouden aan een kleine groep mannelijke burgers die een bepaald bedrag aan
belasting betaalden: het censuskiesrecht. De negentiende-eeuwse staat werd ook wel een
nachtwakersstaat genoemd, dat is een staat die zich voornamelijk inzet voor de bewaking
van de veiligheid van de burgers. De overheid moest alleen de noodzakelijke voorwaarden
realiseren van economische groei zoals het ontwikkelen van infrastructuur in de vorm van
waterwegen en spoorwegen. De arbeiders eisten kiesrecht op voor alle burgers, niet alleen
voor mannelijke burgers die een bepaald bedrag aan belasting betaalden. Na de tweede
wereldoorlog kwamen er nieuwe onderdelen in de grondwet zoals bescherming van burgers
tegen discriminatie en het recht op sociale zekerheid. De grondwet bestaat uit twee delen.
Het eerste deel bevat de grondrechten van de burgers en het tweede deel bevat de