Inhoudsopgave
Leereenheid 1 Plaatsbepaling en functies van het aansprakelijkheidsrecht........................................................2
Leereenheid 2 Aansprakelijkheid voor eigen gedrag............................................................................................6
Leereenheid 3 Causaliteit....................................................................................................................................15
Leereenheid 4 Eigen schuld en verkeersaansprakelijkheid................................................................................22
Leereenheid 5 Kwalitatieve aansprakelijkheid voor zaken en dieren................................................................32
Leereenheid 6 Kwalitatieve aansprakelijkheden voor personen.......................................................................43
Leereenheid 7 Remedies, schadevergoeding en verjaring.................................................................................50
Leereenheid 8 Immateriële schade en de positie van derden............................................................................58
1
,Leereenheden aansprakelijkheidsrecht Lynn van de Kant
LEEREENHEID 1 PLAATSBEPALING EN FUNCTIES VAN HET AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT
INLEIDING LEEREENHEID 1
Na het afronden van leereenheid 1 kan je:
- Uitleggen wat de plaats van het aansprakelijkheidsrecht is in het verbintenissenrecht;
- Toelichten wat het verschil is tussen contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid;
- De functies van het (buitencontractuele) aansprakelijkheidsrecht beschrijven;
- Uitleggen wat wordt bedoeld met de begrippen ‘corrigerende rechtvaardigheid’,
‘distributieve rechtvaardigheid’, preventieve werking en genoegdoening;
- Uitleggen wat wordt bedoeld met de begrippen schuldaansprakelijkheid, kwalitatieve
aansprakelijkheid en risicoaansprakelijkheid en deze begrippen van elkaar onderscheiden.
1.1 DE PLAATS VAN HET AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT IN HET VERBINTENISSENRECHT
Het aansprakelijkheidsrecht maakt deel uit van het verbintenissenrecht, dat wordt geregeld in Boek
6 van het BW. Het verbintenissenrecht omvat de regels betreffende verbintenissen.
Een verbintenis is een vermogensrechtelijke rechtsverhouding tussen twee of meer personen
krachtens welke de een tot een prestatie verplicht is (schuldenaar), terwijl de ander (schuldeiser)
tot die prestatie is gerechtigd.
Verbintenissen kunnen in beginsel slechts voortvloeien uit de wet of uit een overeenkomst.
Grondslagen voor verbintenissen uit de wet zijn:
- Onrechtmatige daad (titel 6.3 BW);
- Zaakwaarneming;
- Onverschuldigde betaling;
- Ongerechtvaardigde verrijking (titel 6.4 BW).
*De verbintenissen die voortvloeien uit titel 6.4 BW (de zogenaamde rechtmatige daden) blijven in
deze cursus buiten beschouwing.
Verschil ten aanzien van de vorm:
Overeenkomst (koop/verkoop boek)
Schuldenaar (V) ➝ Schuldeiser (K)
levering van het boek
Schuldeiser (K) ⬅ Schuldenaar (V)
betaling van de koopprijs
Onrechtmatige daad (bal door ruit)
Schuldenaar ➝ Schuldeiser
betaling schadevergoeding
2
,Leereenheden aansprakelijkheidsrecht Lynn van de Kant
Verschil ten aanzien van de inhoud:
Overeenkomst: vrijwillig aangegaan, bepalend voor rechtsgevolgen (inhoud mag niet in strijd zijn
met de wet, openbare orde of de goede zeden).
Onrechtmatige daad: uit de wet, rechtsgevolgen van rechtswege. Dader dient de schade te
vergoeden. Rechtsgevolgen treden in onafhankelijk van de wil van de partijen.
Aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad doet een verbintenis tot schadevergoeding ontstaan.
Deze verbintenis heeft twee kanten:
- Enerzijds de rechtsplicht (van de veroorzaker/dader) tot de betaling van schadevergoeding
- Anderzijds het subjectieve vermogensrecht (van de benadeelde/slachtoffer) tot het
ontvangen van schadevergoeding.
1.2 HET ONDERSCHEID TUSSEN CONTRACTUELE EN BUITENCONTRACTUELE AANSPRAKELIJKHEID
Met aansprakelijkheidsrecht wordt in deze cursus het recht met betrekking tot aansprakelijkheid
uit onrechtmatige daad bedoeld.
Aansprakelijkheid die niet is gebaseerd op een contractuele relatie, maar voortvloeit uit de wet:
Om de tegenstelling met aansprakelijkheid wegens niet-nakoming van een verbintenis uit
overeenkomst aan te geven, wordt ook wel gesproken van buitencontractuele aansprakelijkheid.
(BIJV: je laat een ladder vallen op je buurvrouw = onrechtmatige daad art. 6:162 BW).
Aansprakelijkheid die gebaseerd is op een contractuele relatie:
Een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van een verbintenis uit overeenkomst wordt
wanprestatie genoemd en kan leiden tot een vordering tot schadevergoeding. De wet kent hiervoor
een eigen regeling (art. 6:74 e.v. BW), wordt ook wel gesproken van contractuele aansprakelijkheid.
(BIJV: een leverancier die niet levert).
*Aansprakelijkheid op grond van het niet nakomen van een overeenkomst noemt men contractuele
aansprakelijkheid. Deze problematiek komt aan bod bij de cursus Overeenkomstenrecht en blijft in deze cursus
buiten beschouwing.
Aansprakelijkheid kan worden gebaseerd op de overeenkomt als ook op de onrechtmatige daad!!
Het kan voorkomen dat de gedragingen die aan de wanprestatie ten grondslag liggen tevens een
onrechtmatige daad opleveren. We spreken dan van samenloop van rechtsgronden (meerdere
rechtsregels die van toepassing kunnen zijn op eenzelfde gebeurtenis).
3
, Leereenheden aansprakelijkheidsrecht Lynn van de Kant
De vraag is op welke grondslag een vordering in dergelijke gevallen mag worden gebaseerd. Uit
vaste rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat de benadeelde zijn vordering zowel op wanprestatie
als op onrechtmatige daad mag baseren (hij mag dus kiezen waarop hij de vordering baseert).
Dit is alleen anders als de wet een bepaalde rechtsgrond dwingend voorschrijft of onvermijdelijk
meebrengt. In geval van samenloop tussen wanprestatie en onrechtmatige daad brengt het systeem
van de wet mee dat er sprake is van zo’n uitzondering. De reden hiervoor is dat de regeling die zit op
wanprestatie kan worden als een bijzondere regeling ten opzichte van de regeling die zit op
onrechtmatige daad. De wanprestatie regeling werkt daardoor exclusief ten opzichte van de
onrechtmatige daad regeling. Er is hier dus geen keuze vrijheid.
UITZONDERING!!: In sommige gevallen is samenloop tussen wanprestatie en onrechtmatige daad
toch mogelijk. De benadeelde kan dan toch kiezen op welke rechtsgrond hij de vordering baseert.
Dat mag alleen wanneer de gedraging onafhankelijk van de tussen partijen bestaande contractuele
verhouding een zelfstandige onrechtmatige daad oplevert = Dus los van de overeenkomst ook een
onrechtmatige daad oplevert.
1.3 DOELEN EN FUNCTIES VAN HET AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT
Wat kunnen en willen we met het aansprakelijkheidsrecht bereiken? Is dat (alleen) het vergoeden
van schade als gevolg van een normschending? Of dient het aansprakelijkheidsrecht ook voor de
handhaving van andere normen door de beïnvloeding van het gedrag van (potentiële) veroorzakers?
Of is de doelstelling nog ruimer, en valt daar ook onder de bescherming van emotionele belangen
van benadeelden, zoals het bieden van genoegdoening, de erkenning van leed, en het boven tafel
krijgen van de werkelijke toedracht van de gebeurtenis die daartoe aanleiding gaf? En als dit de
belangrijkste doelstellingen zijn, zijn er dan aanwijzingen of juist contra-indicaties om aan te nemen
dat het aansprakelijkheidsrecht erin slaagt die doelstellingen te realiseren?
De discussie over de doelstellingen van het aansprakelijkheidsrecht hangt samen met de
rechtvaardiging van aansprakelijkheid. Van oudsher wordt aansprakelijkheid gerechtvaardigd door
corrigerende rechtvaardigheid, dat wil zeggen, door herstel van de benadeelde in de oorspronkelijke
situatie na een inbreuk. Omdat schadevergoeding doorgaans in geld wordt uitgekeerd, komt dat
neer op herstel van de benadeelde in diens vermogenspositie. Door sommigen wordt betoogd dat
het aansprakelijkheidsrecht ook tegemoet zou moeten komen aan emotionele belangen van
benadeelden. Dat vraagt om andere remedies dan het enkel bieden van een geldelijke compensatie.
Bij het aansprakelijkheidsrecht als handhavingsinstrument dienen zich weer andere vragen aan. Is
het aansprakelijkheidsrecht wel geschikt als instrument voor de handhaving van recht, dat wil
zeggen, voor het beïnvloeden van gedrag? Deze vraag raakt niet zozeer aan de legitimiteit als wel aan
de effectiviteit van het aansprakelijkheidsrecht.
De hoofddoelstelling van het aansprakelijkheidsrecht is rechtshandhaving: het handhaven van de
status quo waarop men rechtens aanspraak heeft. Het aansprakelijkheidsrecht bepaalt niet alleen
welke rechten en belangen bescherming van het (civiele) recht krijgen, maar ook hoever die
bescherming reikt en hoe de schending van deze rechten of belangen moet worden hersteld.
Het aansprakelijkheidsrecht draagt op verschillende manieren bij aan de verwezenlijking van dit
hoofddoel; het heeft verschillende functies:
- Preventie: het voorkomen van schade en onrechtmatig gedrag;
4