Core
- Korte termijn (bv een paar jaar): jaarlijkse bewegingen in output als een gevolg van
vraagschokken.
- Gemiddelde termijn (bv decenia): the economie streeft naar de hoeveelheid output
als gevolg van aanbodschokken. Denk aan kapitaal, technologie, qualiteit en grootte
van arbeid, etc.
- Lange termijn (bv meerdere decennia): de economie hangt af van het feit of we in
staat zijn te innoveren en nieuwe technologien te introduceren in onze industrie,
diensten en overheid. Hoeveel wordt er gespaard en wat is de consumtiegraad. Wat
is het niveau van het onderwijs en wat is de kwaliteit van de overheid. Dit zijn enkele
belangrijke factoren om de economie op een lange termijn te doen groeien.
Chapter 1 - A Tour of the World
1 Huidige situatie.
A stylized business cycle.
We zien dat er doorheen de tijd expansies
en recessies zijn in de economie. Wanneer
de pieken telkens hoger liggen dan de
vorigen, dan spreken we van economische
groei. De korte termijn schommellingen
resulteren in dit geval in lange termijn
economische groei.
Een business cycle of economische cyclus
is wat we noemen de periode tussen twee
pieken. We meten de output aan de hand
van GDP. Als we het over output hebben in
,een economie, spreken we steeds over reele output.
We spreken van een ‘boom’ als de piek hoger is dan normaal, of van een ‘bust’ als het dal
lager is dan normaal.
Recessies.
→ we zien dat de duur van recessies zeer verschillend kan zijn. Er zijn grote, lange
recessies geweest, maar ook het omgekeerde. We zien dat de duurtijd van recessies ook
als maar korter wordt, met andere woorden slaagt de overheid er beter in om deze recessies
te beperken en onder controle te houden.
,→ na de tweede wereldoorlog zijn de recessies in maander relatief korter geworden.
Current situation: A Survey by the IMF staff usually published twice a year. It presents IMF
staff economists' analyses of global economic developments during the near and medium
term. Chapters give an overview as well as more detailed analysis of the world economy;
consider issues affecting industrial countries, developing countries, and economies in
transition to market; and address topics of pressing current interest.
→ het is dus handig om te weten dat we dergelijke documenten van IMF kunnen gebruiken
voor verdere projecten.
https://www.imf.org/en/Publications/WEO/Issues/2025/01/17/world-economic-outlook-update
-january-2025#Projections
Voor Europa kijken we naar het ECB.
1.1 Pandemie van 2020.
De oorzaak van deze pandemie was zeer anders, meestal volgen recessies uit een
verkeerde werking van de economie, denk aan instabiliteit in arbeid en kapitaal, maar deze
recessie was het gevolg van een zogenaamde exogene schok wat afkomstig is van buiten
, de economie. We zien dat de pandemie zowel een effect had op de vraag als op het
aanbod. Dit laatste is een typische examenvraag: wat was typisch aan de crisis in
2020. Dan is het antwoord de drie opsommingen hieboven. Welke schokken hebben een
effect gehad op de economie.
Zie slides voor nog enkele grafieken met gevolgen van de crisis in 2020.
1.2 Crisis van 2008-9.
- de aanleiding van deze crisis waren de huizenprijzen in de VS. Het probleem hier
was dat een lokaal probleem (in de VS) zich spreidde over de hele wereld. Dit
probleem werd verspreid doordat er minder handel was richting de VS (trade
channel) en doordat bepaalde financiële producten zoals fondsen en kridieten
opeens veel minder waard bleken te zijn (finance channel). Veel mensen van over de
wereld hadden van de VS zogenaamde toxische financiële producten gekocht en het
globale financiele systeem dus werd geinfecteerd.
→ we zien dat de euro zone minder snel kon recupereren van de crisis. Hieruit
kunnen we de volgende grafiek opstellen: deze grafiek geeft de output growth rates voor
verschillende economien en de wereldeconomie.