Inleiding Europees recht
Week 1: Een steeds hechtere Unie?
Belangrijke figuren bij de opbouw van Europese samenwerking na WO II
Winston Churchill, voormalig premier van Verenigd Koninkrijk
Met zijn uitspraak ‘Let Europe arise’ pleitte hij voor een verenigd
Europa met economische, politieke en militaire samenwerking. Bra
Pierre-Henri Teitgen, verzetsstrijder tijdens de Tweede
Wereldoorlog
Volgens hem had Europa nood aan een soort ‘geweten’ om nieuwe
dictaturen te voorkomen. Dit idee leidde mee tot de oprichting van
de Raad van Europa en het Europees Hof voor de Rechten van de
Mens.
Robert Schuman, voormalig premier en minister van Buitenlandse
Zaken van Frankrijk
Zijn visie van economische integratie vormde de basis voor de
oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, die later
uitgroeide tot de Europese Unie.
Raad van Europa
Zetelt in Straatsburg, Frankrijk en telt 46 lidstaten
Richt zich op de bescherming van mensenrechten, rechtsstaat en
democratie (art. 3 Statuut)
Intergouvernementeel van aard; besluiten kunnen alleen genomen
worden met instemming van alle lidstaten
Belangrijkste instrument is Europees Verdrag voor de Rechten van
de Mens (EVRM)
Europese Unie
Opgericht bij het Verdrag van Parijs (1951)
Heeft instellingen in Brussel, Straatsburg, Luxemburg en Frankfurt
Telt 27 lidstaten
, Focust voornamelijk op economische samenwerking
Supranationaal van aard; de EU kan op veel beleidsterreinen
bindende wetgeving aannemen op basis van een meerderheid van
de stemmen van de lidstaten
Historische drijfveren voor het creëren van de Europese Unie:
Eindeloze oorlogen binnen Europa
Bijvoorbeeld de Frans-Duitse conflicten, waarbij het
strategische gebied Elzas-Lotharingen een belangrijke rol
speelde
Dreiging vanuit Sovjet-Unie
Invloed van de Verenigde Staten
Marshallhulp kwam o.a. met de voorwaarde van Europese
integratie
Het falen van de Volkerenbond
Tijdlijn
1951: Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) met 6
landen
1957: Verdrag van Rome Europese Economische Gemeenschap
(EEG); zorgde voor een samenwerking over de gehele economie
1987: Europese Akte: Besluitvorming verschoof van unanimiteit
naar gekwalificeerde meerderheid.
Gekwalificeerde meerderheid houdt in dat besluiten worden
aangenomen met tenminste 55% van de lidstaten, die samen
minstens 65% van de totale EU-bevolking vertegenwoordigen
1992: Verdrag van Maastricht Europese Unie; vormde een
belangrijke stap naar politieke integratie. Er werd ook besloten tot
invoering van de euro en instelling van het EU-burgerschap.
1999: Verdrag van Amsterdam; verdere uitbreiding
2009: Verdrag van Lissabon: Juridische basis wordt gevormd door
Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en Verdrag betreffende
de Werking van de Europese Unie (VWEU)
, Instellingen van de Europese Unie (art. 13 VEU)
Europees Parlement (EP)
Vertegenwoordigt direct EU-burgers
Zetelt in Luxemburg en Brussel
Maximaal 750 leden en een president
Bevoegdheden staan in art. 14 lid 1 VEU
Raad (van Ministers)
Vertegenwoordigt lidstaten
Dubbele hoedanigheid: ministers vertegenwoordigen
nationale belangen, terwijl de Raad als geheel handelt vanuit
EU-perspectief
27 leden
Taken staan in art. 16-1 VEU
Europese Raad
Vertegenwoordigt lidstaten
Bestaat uit staatshoofden/regeringsleiders van lidstaten,
president van Europese Raad en president van Europese
Commissie (art. 15-2 VEU)
Functie vastgelegd in art. 15-1 VEU, maar in de praktijk heeft
ze aanzienlijke informele macht
Europese Commissie
Vertegenwoordigt collectief belang van de Europese Unie
College van commissarissen: elke lidstaat levert één
commissaris (totaal 27)
Commissarissen worden benoemd voor 5 jaar en zijn
herbenoembaar
Kerntaken staan in art. 17 VEU
Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU)
Ziet toe op juiste toepassing en handhaving van het EU-recht
Twee rechterlijke instanties in Luxemburg: het Gerecht en Hof
van Justitie
Week 1: Een steeds hechtere Unie?
Belangrijke figuren bij de opbouw van Europese samenwerking na WO II
Winston Churchill, voormalig premier van Verenigd Koninkrijk
Met zijn uitspraak ‘Let Europe arise’ pleitte hij voor een verenigd
Europa met economische, politieke en militaire samenwerking. Bra
Pierre-Henri Teitgen, verzetsstrijder tijdens de Tweede
Wereldoorlog
Volgens hem had Europa nood aan een soort ‘geweten’ om nieuwe
dictaturen te voorkomen. Dit idee leidde mee tot de oprichting van
de Raad van Europa en het Europees Hof voor de Rechten van de
Mens.
Robert Schuman, voormalig premier en minister van Buitenlandse
Zaken van Frankrijk
Zijn visie van economische integratie vormde de basis voor de
oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, die later
uitgroeide tot de Europese Unie.
Raad van Europa
Zetelt in Straatsburg, Frankrijk en telt 46 lidstaten
Richt zich op de bescherming van mensenrechten, rechtsstaat en
democratie (art. 3 Statuut)
Intergouvernementeel van aard; besluiten kunnen alleen genomen
worden met instemming van alle lidstaten
Belangrijkste instrument is Europees Verdrag voor de Rechten van
de Mens (EVRM)
Europese Unie
Opgericht bij het Verdrag van Parijs (1951)
Heeft instellingen in Brussel, Straatsburg, Luxemburg en Frankfurt
Telt 27 lidstaten
, Focust voornamelijk op economische samenwerking
Supranationaal van aard; de EU kan op veel beleidsterreinen
bindende wetgeving aannemen op basis van een meerderheid van
de stemmen van de lidstaten
Historische drijfveren voor het creëren van de Europese Unie:
Eindeloze oorlogen binnen Europa
Bijvoorbeeld de Frans-Duitse conflicten, waarbij het
strategische gebied Elzas-Lotharingen een belangrijke rol
speelde
Dreiging vanuit Sovjet-Unie
Invloed van de Verenigde Staten
Marshallhulp kwam o.a. met de voorwaarde van Europese
integratie
Het falen van de Volkerenbond
Tijdlijn
1951: Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) met 6
landen
1957: Verdrag van Rome Europese Economische Gemeenschap
(EEG); zorgde voor een samenwerking over de gehele economie
1987: Europese Akte: Besluitvorming verschoof van unanimiteit
naar gekwalificeerde meerderheid.
Gekwalificeerde meerderheid houdt in dat besluiten worden
aangenomen met tenminste 55% van de lidstaten, die samen
minstens 65% van de totale EU-bevolking vertegenwoordigen
1992: Verdrag van Maastricht Europese Unie; vormde een
belangrijke stap naar politieke integratie. Er werd ook besloten tot
invoering van de euro en instelling van het EU-burgerschap.
1999: Verdrag van Amsterdam; verdere uitbreiding
2009: Verdrag van Lissabon: Juridische basis wordt gevormd door
Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en Verdrag betreffende
de Werking van de Europese Unie (VWEU)
, Instellingen van de Europese Unie (art. 13 VEU)
Europees Parlement (EP)
Vertegenwoordigt direct EU-burgers
Zetelt in Luxemburg en Brussel
Maximaal 750 leden en een president
Bevoegdheden staan in art. 14 lid 1 VEU
Raad (van Ministers)
Vertegenwoordigt lidstaten
Dubbele hoedanigheid: ministers vertegenwoordigen
nationale belangen, terwijl de Raad als geheel handelt vanuit
EU-perspectief
27 leden
Taken staan in art. 16-1 VEU
Europese Raad
Vertegenwoordigt lidstaten
Bestaat uit staatshoofden/regeringsleiders van lidstaten,
president van Europese Raad en president van Europese
Commissie (art. 15-2 VEU)
Functie vastgelegd in art. 15-1 VEU, maar in de praktijk heeft
ze aanzienlijke informele macht
Europese Commissie
Vertegenwoordigt collectief belang van de Europese Unie
College van commissarissen: elke lidstaat levert één
commissaris (totaal 27)
Commissarissen worden benoemd voor 5 jaar en zijn
herbenoembaar
Kerntaken staan in art. 17 VEU
Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU)
Ziet toe op juiste toepassing en handhaving van het EU-recht
Twee rechterlijke instanties in Luxemburg: het Gerecht en Hof
van Justitie