Basisvoedingsmiddelen= groepen met producten met een relatief hoog gehalte
essentiële voedingsstoffen t.o.v. de hoeveelheid geleverde energie.
Niet-basis voedingsmiddelen
Snacks, sauzen leveren voornamelijk energie en dragen niet veel bij aan de
voorziening met microvoedingsstoffen. Meer ‘lege calorieën’
Productgroep Bron van
Groente en fruit Vitamine C, vezels, mineralen (o.a.
kalium)foliumzuur en bioactieve stoffen
Brood aardappelen, pasta, rijst en Koolhydraten, eiwit, vezels, B-vitamines,
peulvruchten mineralen
Melk, kaas en vlees, vis, kip, eieren en Eiwit, mineralen (o.a. calcium en ijzer), B-
vleesvervangers vitamines en visvetzuren
Smeer- en bereidingsvetten vitamine A, D en essentiële vetzuren
Dranken Water
Voedingscentrum criteria
- voorkeur, middenweg, uitzondering
- gebaseerd op criteria waar een categorie aan moet voldoen
o vb. brood gehalte vezel en natrium
o hoeveelheid verzadigd vet en transvet, zout, toegevoegd suiker, energie
(calorieën) en voedingsvezels.
Energie in voedingsmiddelen:
Vet 9 kcal 37 kJ
Alcohol 7 kcal 29 kJ
Koolhydraten 4 kcal 17 kJ
Eiwit 4 kcal 17 kJ
Energiebehoefte
De gezondheidsraad adviseert middels de richtlijnen goede voeding het
volgende:
o Mannen: 2500 kcal (10500 kJ)
o Vrouwen: 2000 kcal (8380 kJ)
Aanbeveling
Calorieën Mannen: 2500 kcal (10500 kJ)
Vrouwen: 2000 kcal (8380 kJ)
Koolhydraten 40 en%
Vet 20-35 en%
30 en% bij obesitas
Verzadigd vet Max 10 en%
Transvet Max 1 en%
Eiwit 8-11 en% (max to 25 en%)
Alcohol Gem 3-5 en% geconsumeerd
1
,Vet
= bestaat uit de verbinding tussen vetzuren en glycerol
triglyceriden= glycerol+ 3 (tri) vetzuren
3 soorten vet
1. Verzadigd vet= ‘hard’ vet waarbij de vetzuren voornamelijk uit v.v. bestaan.
Komt voor in: dierlijke producten of ‘verborgen vetten’ in
gebak&snacks
2. Onverzadigd vet= ‘zacht’ of vloeibaar vet, waarbij de vetzuren voornamelijk uit
onverzadigde vetzuren bestaan.
olijfolie
3. Transvet= wordt gevormd tijdens industriële harding (hydrogeneren) van oliën
en is van nature in kleine hoeveelheden aanwezig in het vet van herkauwers
Runderen en schapen
Vetzuren:
1. Verzadigd/ onverzadigd
2. Korte/lange ketens
3. Cis/trans
Verzadigde vetzuren
o Enkelvoudige bindingen tussen koolstofatomen
o Soorten verzadigde vetzuren:
1) Korte keten C2- C4
Azijnzuur, boterzuur melkvet
2) Middelketenvetzuren (C6-C10_
MCT Medium Chain Triglycerides
capron- capryl- en caprinezuur
weinig in gangbare voeding
3) Lange keten (>12)
LCT Long Chain Triglycerides
Palmitine-, stearine- en arachinezuur
dierlijke vetrijke producten
Laten het gehalte aan cholesterol in het bloed stijgen
o Meer kans dat vetlaagjes zich afzetten in de bloedvatwanden
Dichtslibben hartinfarct of herseninfarct
Harde margarine, roomboten en bak- en braadvet in een wikkel
(zichtbaar vet)
Volvette kaas (48+), worst, vet vlees, volle melkproducten, koek, gebak,
snacks en zoutjes (‘verborgen’ vetten)
2
, Onverzadigde vetzuren
verlaagt het cholesterolgehalte
Let op! Transvet heeft een negatief effect: verhoging cholesterol in
het bloed
o Enkelvoudig onverzadigd (EOV)
Oliezuur olijfolie en pinda’s
Een ‘dubbele binding’ tussen 2 koolstofatomen
o Meervoudig onverzadigd (MOV max 12 en%)
Linolzuur Eicosapentaeenzuur
Linoleenzuur (EPA)
Arachidonzuur Docosahexaeenzuur
(DHA)
Meer dan 1 ‘dubbele binding’ tussen 2 koolstofatomen
Diverse oliën, dieetmargarine, dieethalvarine, mayonaise, noten,
zaden, vette vis.
Cis- en transvetzuren
o Als de groepen die aan de dubbele binding tussen de 2 C-atomen
vastzitten
Dezelfde kant opgaan CIS
Tegenovergesteld TRANS
o Verschillende eigenschappen smeltpunt
o Vroeger <1995 veel trans vetzuren in margarines
o Voeding: meestal cis-vetzuren.
o Zuivel en vlees van herkauwers (rund, schaap) bevatten van nature
trans-vetzuren.
Vetachtige stoffen:
Fosfolipiden met name in celmembranen
Isopreenlipiden B-caroteen, vitamines A/E/K
Sterolen cholesterol, plant sterolen, galzuren, zouten, hormonen en vitamine D
Functies vetten/vetzuren/fosfolipiden/cholesterol
Energie 9 kcal 37 kJ
Direct gebruik of opslag
Bestanddelen van celmembranen
Transport van energie via lipoproteïnen vet koppelt aan eiwit
Warme-isolatie
Bescherming van organen
Dragers vet-oplosbare vitamines A/D/E/K
Hoge verzadigingswaarde
Leveren essentiële vetzuren
Essentiele vetzuren
Linolzuur en alfa-linoleenzuur
Functies:
o Opname van stoffen in de celmembranen
o Via arachidonzuur:
Prostaglandines bloedvatverwijding, voorkoming van trombose
3