Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Inleiding In De Psychologie

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
67
Geüpload op
25-05-2021
Geschreven in
2020/2021

Dit document bevat alle belangrijke informatie voor het tentamen van inleiding in de psychologie

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Inleiding in de psychologie, week 1,

Psychocentric theory of the university  psychologie heeft veel verbondenheid met andere
disciplines.

H2

- Wetenschap: Het beantwoorden van vragen door het systematisch verzamelen en
analyseren van observeerbare data.
- Empirische wetenschappen  Om observatie
- Formele wetenschappen  richten op logische deductie
- Pseudowetenschappen  willen wetenschappelijk zijn maar zijn dat niet. Pretenderen
wetenschap te zijn maar zijn dit niet

Wetenschappen hebben de volgende kenmerken:

- Duidelijke operationalisatie van begrippen
- Falsifieerbaarheid
- Actiemechanisme

Correlatie: Een correlatie houdt in dat twee variabelen op een ordelijke manier een bepaalde
samenhang vertonen. correlaties vertellen ons niet of er een oorzaak en gevolg relatie tussen twee
variabelen bestaat. (is een derde mogelijke factor die niet is onderzocht, Bier  betere carrière)

Causaal verband: sprake is van oorzaak en gevolg

Onderzoek moet ethisch aanvaardbaar zijn.

Observer expectancy effect: ongewenste beïnvloeding van het resultaat door de onderzoeker

Ideomotor effect: zeer kleine, onbewuste (hand)bewegingen van facilitator zijn al voldoende om
hand te sturen.

Subject-expectancy effecten

Placebo effect:



H1

- drie fundamentele ideeën
o Lichamelijke oorzaak van gedrag
 Kerk  twee entiteiten = lichaam en ziel  ziel nodig voor dingen doen
 Dualisme
 Lichaam kan worden onderzocht ziel niet
 Descartes  honden hebben geen ziel maar lopen eten slapen
 Lichaam en ziel samenwerken  pijnappelklier
 Cartesiaans dualisme
 Aantrekkelijk  ruimte wat we weten over zenuwstelsel en biedt ruimte
voor het gevoel er is meer.
 Maar  zeer beperkte verklaring
 Immaterieel niet te onderzoeken
 Thomas Hobbes  alles is materieel, de ziel is betekenisloos concept
 Materialisme

,  Paul Broca  specialisatie in hersenen, gebied van Broca  beperkte spraak
als er schade is.
o Rol van ervaringen
 Empirisme: kennis en cognitie komen voort uit zintuigelijke ervaring
 Mens in tabula rasa  leeg vel
 Gedachten gevolg van blootstelling aan omgeving.
 Nativisme gedrag is aangeboren
 Kant  a priori aangeboren en a posteriori aangeleerd
o Rol van natuurlijke selectie
 Darwin  soorten evolueren over generaties  functionalisme
o Wundt eerste echte experimenteel psycholoog, psychologie staat los van filosofie
- acht perspectieven
o Evolutionair
o Gedragsgenetica
o Neurowetenschap
o Ontwikkelingspsychologie
o Leerpsychologie
o Cognitieve psychologie
o Sociale psychologie
o Culturele psychologie




Inleiden in de psychologie, week 2

Darwin:

- Darwin had geen weer van het bestaan van genen of het mechanisme van mutaties
- Organismen zijn niet statisch (creatitionisme) maar veranderen zolang de omgeving zich
wijzigt.
- Fittest verwijst naar ‘best aangepast’ en niet ‘sterkste’
- Overleven en daarna maximaliseren van de voortplanting is ‘het doel van het leven’



Twee selectiecriteria voor een eigenschap: ‘overleven van de soort’ en ‘maximale voortplanting’

Genen:

- Genen zijn een onderdeel van chromosomen
- Genen hebben invloed op de productie van eiwitmoleculen maar ongeveer 80% van het DNA
heeft een ‘vage functie’ (DNA Junk)
- Mensen hebben 20k – 25k verschillenden soorten genen op 42 chromosomen
- 23 paar chromosomen
- Cel  chromosoom  DNA  gen

Franklin ontdekker van de structuur van DNA

,Soorten genen

- Tunneling microscope: de dubbele helix is ‘duidelijk’ zichtbaar
- Twee soorten genen:
o Coding genes: zorgen dat de juiste soort eiwit geproduceerd waarmee onderdelen
van het lichaam kunnen worden gebouwd (wat)
o Regulatory genes: regelen activatie coding genes (wanneer)


Van genen naar gedrag, gen activatie  eiwitten  psychologische systeem  gedrag (sportschool)

Genen en de omgeving

- Verschillen in DNA kunnen niet alles verklaren
- De omgevingsfactoren spelen een belangrijke rol
o Variatie binnen de groep: genetisch
o Variatie tussen de groepen: omgeving

Genotype <> Fenotype

- Genotype: de set genen die je hebt (onafhankelijk van omgeving)
- Fenotype: wat observeerbaar is als fysieke eigenschappen of gedrag van het organisme
(afhankelijk van omgeving)
- Evolutie  rondom genotype
- Klonen
- Epigenetica = eigenschappen die zich buiten het DNA laten overerven

Mendel

- Deed onderzoek naar verschillende (zichtbare) eigenschappen van erwten
- Koos bij toeval eigenschappen van de erwt die ‘single gene’ waren
- Belangrijk: we ontstaan nooit nieuwe soorten, het gaat om de variatie binnen de soort

Erfelijkheid

- Genen planten zich voort door middel van:
o Meiosis (eicel/spermacel)
o Mitosis (overige cellen)
- Voor nieuw leven (zygote) is een combinatie van twee sets van 46 (23 paar) chromosomen
nodig
- Eigenschappen komen daarom in paren voor:
o Monozygoot (RR)
o Heterozygoot (Rr)
- Sommige eigenschappen zijn ‘dominant’, andere ‘recessief’



Genen en gedrag

- Aanname: ons gedrag heeft een genetische component
- Dus: dat gedrag is ook onderworpen aan de wetten van de evolutie (Distal explanation)
- Twee vragen
o Is een gedeelte van ons gedrag genetisch bepaald?

, o Hoe bepalen we welk gedeelte en hoe dat werkt? (proximate explanation)

Eigenschappen

Homology: vergelijkbare functies, zelfde genische ‘oer’ oorsprong

Analogy: vergelijkbare functies, verschillende genetische oorsprong



Inleiding in de psychologie, week 2,
Zenuwstelsel
- Centrale zenuwstelsel bevat brein en ruggenmerg
- Perifeer zenuwstelsel bevat zenuwen
o Zenuwen verbinden centrale zenuwstelsel met zintuigen spieren en klieren

Neuronen
- Interneuronen  verantwoordelijk voor iedere organiseren, verzamelen in CZS
- Motor neuronen  Brengen informatie vanuit centrale zenuwstelsel naar spieren en klieren
- Sensorische neuronen  brengen informatie van zintuigen naar centrale zenuwstelsel




Elektrische signalen

Detail axon  actiepotentiaal getriggert door verschil elektrische lading binnen de cel en buiten.
Kanaaltjes zorgen voor stroom positieve deeltjes naar binnen en buiten

Poort voor kalium

Poort voor natrium open stroomt natrium de cel in dus binnen de cel positiever en dan sodium cel
uit zodat de cel weer tot rust komt.

Depolarisatie natrium komt de cel in  cel positiever

RepolarisatieKalium de cel uit  weer terug in rust potentiaal (altijd negatief?)

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
25 mei 2021
Aantal pagina's
67
Geschreven in
2020/2021
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$5.37
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
dominique96r

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
dominique96r Universiteit Leiden
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
11
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
9
Documenten
14
Laatst verkocht
4 jaar geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen