Les 1:
Driehoek: waarde, prijs en geld
Waarde
Waarde is gebaseerd op perceptie en toegekende betekenis. Het gaat om hoeveel iets waard
voelt voor iemand of voor een groep mensen. Die waarde kan persoonlijk zijn, maar ook
maatschappelijk bepaald worden, zoals bij een product van €50.
Waarde draait dus vooral om beleving en betekenis.
Prijs
Prijs is het bedrag dat voor een product of dienst betaald moet worden. Deze wordt bepaald door
de verkoper, de koper en de markt. Vraag en aanbod spelen hierbij een grote rol.
Geld
Geld is het middel dat mensen accepteren in ruil voor goederen en diensten. Het maakt handel
mogelijk zonder directe ruilhandel.
Klassieke theorie: ruilhandel
Voordat geld bestond, ruilden mensen goederen of diensten direct met elkaar. Dit noem je
ruilhandel.
Waarom creatieve makers niet zomaar kunnen maken
Creatieve makers werken nooit volledig zelfstandig. Binnen een organisatie heb je altijd te
maken met collega’s, afdelingen en gezamenlijke doelen. Daarom is samenwerking essentieel.
Om goede creatieve keuzes te maken, moet je eerst begrijpen hoe het hele bedrijf werkt.
Creativiteit staat dus niet los van de organisatie, maar ondersteunt juist het grotere doel.
Belangrijke onderdelen binnen een organisatie zijn:
- de mens binnen de organisatie;
- samenwerking binnen de organisatie;
- doelgericht werken;
- het waarborgen van continuïteit.
Bedrijfsdoelstellingen
Een bedrijfsdoelstelling draait niet alleen om geld verdienen. Het belangrijkste doel van een
organisatie is continuïteit: ervoor zorgen dat het bedrijf blijft bestaan en zich kan blijven
ontwikkelen.
Campagnes draaien om gevoel
Sterke campagnes focussen vaak niet direct op het product zelf, maar op emotie en beleving.
Bijvoorbeeld: Nike verkoopt niet alleen kleding of schoenen, maar vooral een gevoel van
motivatie, prestaties en identiteit. Het gaat minder om het product zelf en meer om wat het merk
bij mensen oproept
,Organisatieniveaus binnen een bedrijf
Strategisch niveau (beleid) – lange termijn
Het strategische niveau richt zich op de toekomst van de
organisatie. Hier worden de grote doelen en de visie van
het bedrijf bepaald.
Vragen die hierbij centraal staan zijn:
- Waar wil het bedrijf naartoe?
- Hoe blijft de organisatie bestaan in de toekomst?
- Welke richting kiest het bedrijf?
Dit niveau gaat vooral over beleid en lange termijnbeslissingen.
Tactisch niveau (management) – middellange termijn
Het tactische niveau vertaalt de strategie naar concrete plannen. Managers zorgen ervoor dat
afdelingen samenwerken en dat doelen haalbaar worden gemaakt.
Hier gaat het bijvoorbeeld om:
- het maken van plannen;
- het verdelen van taken;
- het organiseren van mensen en middelen.
Dit niveau vormt de schakel tussen strategie en uitvoering.
Operationeel niveau (uitvoering) – korte termijn
Het operationele niveau draait om de dagelijkse werkzaamheden binnen de organisatie. Hier
worden de plannen daadwerkelijk uitgevoerd.
Voorbeelden hiervan zijn:
- campagnes uitvoeren;
- klantcontact;
- producten maken of verkopen;
- dagelijkse taken afronden.
Dit niveau richt zich vooral op korte termijnresultaten en praktische uitvoering.
Samenhang tussen de niveaus
Alle niveaus binnen een organisatie werken met elkaar samen:
- Het strategische niveau bepaalt de richting.
- Het tactische niveau maakt plannen.
- Het operationele niveau voert deze plannen uit.
Samen zorgen deze niveaus voor continuïteit en het behalen van de organisatiedoelen.
,Waarom verandert de naam niet bij een overname?
Bij een overname blijft een bekende merknaam vaak bestaan.
Bijvoorbeeld: wanneer Heineken een ander merk overneemt, verandert de naam niet altijd. Dat
komt doordat die merknaam al populair en herkenbaar is bij consumenten.
Een merk zoals Amstel heeft bijvoorbeeld eigen bekendheid en een eigen doelgroep. Als alles
ineens “Heineken” zou heten, kunnen klanten zich minder verbonden voelen met het merk.
Concurrenten overnemen
Bedrijven nemen concurrenten vaak over om hun marktaandeel te vergroten. Hierdoor krijgen ze
meer invloed binnen de markt.
Monopolie
De overheid voorkomt dat één bedrijf te veel macht krijgt. Wanneer een bedrijf bijna alle
concurrenten overneemt, kan er een monopolie ontstaan. Dat kan leiden tot:
- minder concurrentie;
- hogere prijzen;
- minder keuze voor consumenten.
Doelstellingen binnen een organisatie
Doelstellingen draaien uiteindelijk om continuïteit: het voortbestaan van de organisatie.
Er zit vaak een hiërarchie in doelstellingen:
- bedrijfsdoelstellingen
- marketingdoelstellingen
- marcomdoelstellingen (marketingcommunicatie);
- socialmediadoelstellingen.
Elke laag ondersteunt de laag erboven.
Visie van Henry Ford
Henry Ford zei:
“Wie begrijpt hoe ons geld werkt, komt morgen in opstand.”
Hiermee bedoelde hij dat veel mensen niet volledig begrijpen hoe economie en geldsystemen
functioneren.
Moster-experiment
Bij een zogenaamd “moster-experiment” wordt een product getest bij consumenten.
Bijvoorbeeld:
- je deelt gratis samples uit
- mensen proberen het product
- daarna kijk je of ze het willen kopen.
, Belangrijke vragen hierbij zijn:
- Hoeveel mensen kopen het product?
- Voor welke prijs?
- Hoeveel mensen bereiken we?
Dit helpt bedrijven om consumentengedrag te onderzoeken.
Waardecreatie
Waardecreatie betekent dat een bedrijf extra waarde toevoegt voor de klant.
Voorbeeld
Als mensen gemiddeld €100 besteden, maar jij zorgt ervoor dat klanten €300 besteden, dan heb
je extra waarde gecreëerd.
Dat kan bijvoorbeeld door:
- een gevoel van urgentie te creëren;
- een sterke merkidentiteit op te bouwen;
- een exclusieve uitstraling te geven;
- slim gebruik van prijs en presentatie;
- specialisatie binnen een specifieke doelgroep.
Belangrijk inzicht
Mensen kopen vaak niet alleen een product, maar vooral het gevoel, de beleving of de status die
erbij hoort.