Samenvatting Glucosehuishouding
HBO-niveau - met extra uitleg, tabellen, leerkaart en oefenvragen
Dia 1 - Onderwerp: glucosehuishouding.
Bron: MK 3.8 HC - Glucosehuishouding MC-A.pdf.
Samenvatting Glucosehuishouding - HBO-niveau | bron: MK 3.8 HC - Glucosehuishouding MC-A.pdf
, 1. Leerdoelen en kern van de les
Deze samenvatting behandelt de fysiologie van de glucosehuishouding. De nadruk ligt op de rol van de
pancreas, insuline, glucagon, adrenaline en cortisol. Ook wordt uitgelegd wat er gebeurt na eten, tijdens vasten
en bij beweging.
Leerdoel Wat je moet kunnen uitleggen
De pancreas maakt verteringsenzymen voor de darm en
Endocriene vs. exocriene pancreas
hormonen voor de bloedglucose.
Hoe deze hormonen de bloedsuikerspiegel verlagen of
Insuline en glucagon
verhogen.
Waarom te weinig glucose als stress wordt gezien en hoe
Adrenaline en cortisol
stresshormonen glucose verhogen.
Hoe glycogenolyse, gluconeogenese en ketonen energie
Vasten
leveren.
Hoe maaltijd, rust, inspanning en intensiteit de
Voeding en beweging
glucosewaarde beïnvloeden.
Kernzin
De bloedsuikerspiegel wordt constant gereguleerd door opname, opslag en vrijmaken van glucose. Insuline
verlaagt glucose; glucagon, adrenaline en cortisol verhogen glucose wanneer het lichaam energie nodig
heeft.
2. Van voeding naar energie
Het lichaam haalt energie uit koolhydraten, vetten en eiwitten. Deze voedingsstoffen worden afgebroken tot
kleinere bouwstenen. Glucose is een belangrijke brandstof waarmee cellen ATP maken. ATP is de directe
energiemunt van de cel.
Dia 4 - Voedingsstoffen worden gebruikt voor ATP, opslag of opbouw van weefsels.
Samenvatting Glucosehuishouding - HBO-niveau | bron: MK 3.8 HC - Glucosehuishouding MC-A.pdf
HBO-niveau - met extra uitleg, tabellen, leerkaart en oefenvragen
Dia 1 - Onderwerp: glucosehuishouding.
Bron: MK 3.8 HC - Glucosehuishouding MC-A.pdf.
Samenvatting Glucosehuishouding - HBO-niveau | bron: MK 3.8 HC - Glucosehuishouding MC-A.pdf
, 1. Leerdoelen en kern van de les
Deze samenvatting behandelt de fysiologie van de glucosehuishouding. De nadruk ligt op de rol van de
pancreas, insuline, glucagon, adrenaline en cortisol. Ook wordt uitgelegd wat er gebeurt na eten, tijdens vasten
en bij beweging.
Leerdoel Wat je moet kunnen uitleggen
De pancreas maakt verteringsenzymen voor de darm en
Endocriene vs. exocriene pancreas
hormonen voor de bloedglucose.
Hoe deze hormonen de bloedsuikerspiegel verlagen of
Insuline en glucagon
verhogen.
Waarom te weinig glucose als stress wordt gezien en hoe
Adrenaline en cortisol
stresshormonen glucose verhogen.
Hoe glycogenolyse, gluconeogenese en ketonen energie
Vasten
leveren.
Hoe maaltijd, rust, inspanning en intensiteit de
Voeding en beweging
glucosewaarde beïnvloeden.
Kernzin
De bloedsuikerspiegel wordt constant gereguleerd door opname, opslag en vrijmaken van glucose. Insuline
verlaagt glucose; glucagon, adrenaline en cortisol verhogen glucose wanneer het lichaam energie nodig
heeft.
2. Van voeding naar energie
Het lichaam haalt energie uit koolhydraten, vetten en eiwitten. Deze voedingsstoffen worden afgebroken tot
kleinere bouwstenen. Glucose is een belangrijke brandstof waarmee cellen ATP maken. ATP is de directe
energiemunt van de cel.
Dia 4 - Voedingsstoffen worden gebruikt voor ATP, opslag of opbouw van weefsels.
Samenvatting Glucosehuishouding - HBO-niveau | bron: MK 3.8 HC - Glucosehuishouding MC-A.pdf