Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting neuropsychologische assessment

Rating
3.0
(1)
Sold
1
Pages
33
Uploaded on
31-05-2026
Written in
2025/2026

Samenvatting van alle colleges + het eerste practica van het vak neuropsychologische assessment.

Institution
Course

Content preview

NEUROPSYCHOLOGISCHE
ASSESSMENT
Cognitieve neuropsychologie
Blok 4 - semester 2
Colleges zijn meest cruciaal voor tentamen; symptomen linken aan aandoeningen en
hersengebieden + relevante testmaterialen
Open vraag vergelijkbaar met casus; redeneren welk testmateriaal je zou gebruiken
(20%)


COLLEGE 1
Klinische neuropsychologie: expertise veld binnen de klinische psychologie, toegewijd
aan het begrijpen van relaties tussen hersenen en gedrag, specifiek hoe deze
relaties toegepast kunnen worden bij diagnostiek van hersenaandoeningen,
assessment van cognitieve en gedragsmatig functioneren en het ontwerpen van
effectieve behandeling
Centrale zenuwstelsel: in het hoofd > neuropsychologie focust op schade hierin
perifere zenuwstelsel: in de ledematen
Psychometrische eigenschappen: validiteit, betrouwbaarheid
Neuro assessment: methode om de hersenen te onderzoeken door het gedragsproduct
ervan te bestuderen (Lezak)
 Variëren door aard, omvang, locatie en duur van laesie(s)/storing van neurale
netwerken
 Leeftijd, geslacht, conditie, psychosociale status
Differentiaal diagnostiek: onderscheid maken tussen bijv. een vasculaire dementie of
alzheimer, onderscheid maken tussen diagnoses

NEUROCOGNITIEVE DOMEINEN
Cognitieve functies bij sulci en gyri wel
kennen
1 gebied heeft niet 1 functie
Initiële verwerking in primaire
gebieden, verdere verwerking in
secundaire/tertiatire ook wel
associatieve gebieden
genoemd
Aandacht: alle regio’s; vooral frontaal
Visuele perceptie: occipitaal lob
(LOC/FFA)
Taal: linker hemisfeer, broca, wernicke
Geheugen: hippocampus, prefrontale cortex (amygdala/cerebellum/neocortex)

,Executief functioneren: frontale subregio’s, feedback loops via netwerken
Motoriek: motorische cortices (precentraal & associatie)
Emotioneel functioneren: limbisch systeem, amygdala, prefrontale cortex
Pariëtaal letsel: (somato)sensorisch en visuele perceptie verstoord
Synaptische transmissie: proces waarbij neuronen communiceren onderling
Declaratief geheugen: weten dat je iets kan > zit in hippocampus
Rechtshandigen zijn linker hemisfeer taal dominant
linkshandigen zijn vaak ook linker hemisfeer dominant, maar minder vaak dan
rechtshandigen
Continuous performance test: meet langdurige aandacht; wordt veel gebruikt bij
hersentrauma
Verstandelijke beperking: IQ < 70 (2 standaarddeviaties)

PROCEDURE VAN ASSESSMENT
1) Neurologisch onderzoek + cognitieve screening
2) Doorverwijzing
3) Klinisch interview - casus geschiedenis; demografische
gegevens/levensgebeurtenissen
neurotoxisch effect: bij jeugdtrauma/mishandeling effect op ontwikkeling
hersenen
4) Premorbide functioneren: schatten van functie vóór aandoening
 Medische records, informant/collaterale interviews, lees tests/IQ/”best
performance” selectie
5) Neuropsychologisch onderzoek (uitgebreide testbatterij)
 Selectie van batterij/subtaken, testafname, scoring + normatieve
vergelijkingen, rapportage
6) Feedback
Beeldvorming tests:
Neuro imaging: CT, EEG, ERP, structurele MRI, angiografie, functionele MRI, PET, SPECT
 CT: snelle scans voor hersenletsel
 EEG: epilepsie
 MRI: vaststellen soort hersenletsel, anatomie
 PET/SPECT: injectie van radio-isotoop tracer (amyloid of tau)
Bloed (proteïnen)
Cerebrospinale vloeistof
Neurocognitieve screening: snel inschatten of patiënt cognitief beperkt is
Mini mental state examination (MMSE): alzheimer; geheugen/taal (10 min)
Montreal cognitive assessment (MoCA): beroerte; executief/aandacht (15 min)
Wordt gebruikt voor 1e inschatting maar geeft geen volledig beeld weer
screening heeft geen normaal verdeling maar een plafond effect; liefste scoort
iedereen maximaal
Vragenlijsten:
Cognitie:

,  BRIEF: executieve functies
 CFQ/CFI: cognitieve functies in algemeen
Emotie:
 HADS/DASS: angst en depressie
 BDI/STAI: depressie en angst apart
Of via informant (kind/ouder/vriend)
Karnofsky performance scale (KPS): dagelijkse activiteiten functioneren (algemeen
functioneren)
Premorbide functioneren
NART/WART: wordt gebruikt als schatting van premorbide functioneren
WAIS: IQ meten
Best performance methode: kijken naar meerdere testen, en dan naar de beste kijken als
schatting voor premorbide functioneren
Testbatterijen:
Wechsler: testbatterijen voor IQ en geheugen ontwikkelt
duren 1-3 uur, via pen/papier of computer


COLLEGE 2
AANDACHT
= cognitief proces van selectieve concentratie op een specifiek aspect van informatie,
tijdens het negeren van andere informatie

SELECTIEVE AANDACHT
Broadbent: filtermodel; hersenen filteren informatie uit de omgeving via een
“flessenhals” om overbelasting te voorkomen > selectie in vroege stadium op
basis van fysieke kenmerken
Treisman: verzwakkingsmodel (attenuation theory); mensen gebruiken selectieve
aandacht om op 1 informatiebron te concentreren, terwijl andere informatie wordt
verzwakt, maar niet wordt geblokkeerd
Posner: beschouwt aandacht niet als 1 enkel proces, maar als een complex systeem
bestaand uit 3 neurale netwerken:
1. Alertheid: het bereiken en behouden van een staat van hoge
waakzaamheid/alertheid om dreigende stimuli te detecteren
2. Oriëntatie: richten van de aandacht op specifieke locaties/objecten in de
omgeving (“spotlight”)
3. Uitvoerende functies/controle: oplossen van conflicten tussen verschillende
informatiebronnen, maken van keuzes en onderdrukken van automatische reacties
Cueing task: proefpersoon kijkt naar scherm met 3 vakjes, vlak voor doelwit
verschijnt wordt een hint gegeven in 1 van de vakjes > als hint verschijnt in
zelfde vakje als doel; snelle reactietijd
Shallice & Baddeley: werkgeheugen;
 Centrale uitvoerende functie: manager die bepaalt waar de focus ligt, taken
organiseert en informatie naar juiste plekken stuurt

,  SAS (supervisory attentional system): centrale uitvoerende functie werkt bij niet-
routinematig, doelgericht gedrag. Vooral in nieuwe/complexe situaties
 Fonologische lus: auditieve informatie
 Visuospatiele schetsblok: visuele informatie
Bottom-up aandacht: exogeen, zintuiglijk, automatisch, stimulus gedreven, pre-
attentief
Top-down aandacht: endogeen, gewenst/opzettelijk, gecontroleerd, doelgericht
Elk hersengebied valt onder specifieke vorm van aandacht:
 Oriëntatie: superieur pariëtaal lob, temporaal pariëtaal junctie, frontale oogvelden,
superieure colliculus > acetylcholine
 Alertheid: locus coeruleus, rechter frontaal, pariëtale cortex > norepinephrine
 Executieve aandacht: anterieure cingulate, laterale ventraal, prefrontaal, basale
ganglia > dopamine
Oriëntatie: het bewustzijn van jezelf in relatie tot de omgeving
vereist: aandacht/waarneming/geheugen > maakt het kwetsbaar door
afhankelijkheid
 Meten door wie/wat/waar/wanneer vragen
 Anosognosie: geen inzicht, bewustzijn en herkenning voor eigen
ziekte/beperkingen/gevolgen, door schade aan o.a. frontaalkwab/insulaire
cortex
 Beïnvloed bij dementie/delirium/dissociatieve stoornissen/psychoses/Korsakoff
syndroom/epilepsie
Aandacht: werkgeheugen/mentale tracking; informatie tijdelijk vasthouden, manipulatie
ervan mogelijk
Types:
 Vigilantie: volgehouden aandacht (20+ min) > ADHD/NAH/slaap
deprivatie/depressie/schizofrenie
 Selectieve aandacht: gecontroleerd zoeken > Bourdon-test/stroop test
 Verdeelde aandacht: bijv. dichotome taken of trailmaking-test
 Alternerende aandacht: aandacht verschuiven > trailmaking-test
Aandachtsspanne: hoe snel het aandachtssysteem werkt en hoeveel het tegelijk
kan verwerken
beïnvloed bij angst/NAH/MS/beroerte/Alzheimer/frontale schade/LH <-> RH
betrokkenheid (verbaal/visueel)
Verwerkingssnelheid: snelheid om informatie te verwerken nodig voor taak/doel
> reactietijd
beïnvloed bij: ernstige NAH/MS/long-covid/vasculaire
schade/parkinson/LBD/depressie/dementie/veroudering

AANDACHT STOORNISSEN
Lethargie: slaperig wanneer niet gestimuleerd
Hemi-inattentie: gebrek aandacht voor stimulus aan 1 kant van omgeving/lichaam
beter als aandacht erop wordt gericht
Sensorische extinctie: stimuli aan 1 kant wordt genegeerd wanneer bilateraal
gepresenteerd

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
May 31, 2026
Number of pages
33
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$7.04
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
elskedijkstraa
3.0
(1)

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
4 weeks ago

This is not too brief, abbreviations have not been written out

3.0

1 reviews

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
elskedijkstraa Tilburg University
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
9
Member since
3 months
Number of followers
0
Documents
21
Last sold
3 weeks ago

3.0

1 reviews

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions