Corpus Geniculate Laterale
De lagen van het CGL
Het CGL bestaat uit 4 parvocellulaire lagen en 2 magnocellulaire lagen.
- Magnocellulaire banen (baan 1 & 2)
Zijn snel, geven informatie over beweging en hebben weinig detail. (Dikke banen)
- Parvocellulaire banen (baan 3 t/m 6)
Zijn langzaam, geven kleur en hebben veel detail. (Dunne banen)
Extrathalamische projecties van de tractus opticus
90% van de neuronen uit de retina is doelgericht en gaat naar het corpus geniculatum laterale. De
overige 10% van de neuronen uit de retina dwaalt af naar andere gebieden:
↳ De extrathalamische projecties van de tractus opticus.
Er zijn 3 van deze projecties die we moeten kennen:
1. Hypothalamus: Regeling circadiaan ritme (24-uursritme of slaapwaakritme)
2. Pretectum: reflex pupil en lens
3. Colliculus superior: Coördineren van de bewegingen van het hoofd en de ogen.
, Colliculus superior
De mens gebruikt de visuele cortex voor waarnemen De colliculi superiores zijn voor bewegingen:
- Ogen
- Aangezichtsspieren
- Hoofd en schouders én een omweg naar de secundaire visuele cortex.
Voor coördinatie van bewegingen van hoofd en ogen gebruiken de colliculi superiores 3 stimuli:
1. Visuele stimuli
2. Somatische stimuli (waar bevindt zich mijn lichaam: proprioceptie)
3. Auditieve stimuli uit colliculi inferiores
De CS zijn in twee lagen georganiseerd; een aan het oppervlak van de CS en een in de diepte.
- De laag aan het oppervlak van de CS verwerkt visuele informatie en heeft een retinotopische
kaart van het contralaterale gezichtsveld.
- De diepe lagen van de CS zijn betrokken bij saccades (snelle beweging van de ogen om een
nieuw fixatiepunt te vinden).
Achter de twee bobbels ligt een grote kern, de colliculus superior.
Deze kern verzorgt een onderdeel van de visuele reflexen. De
vezels uit deze kern gaan naar verschillende hersenkernen: