Strafrecht GNS Hoofdstuk 4 Strafuitsluitingsgronden
4.1 Inleiding
Gedrag dat voldoet aan een delictsomschrijving is doorgaans wederrechtelijk en verwijtbaar.
Alleen in uitzonderingsgevallen bestaan er rechtsgeldige redenen om aan te nemen dat bij
het vervullen van een delictsomschrijving de wederrechtelijkheid of de verwijtbaarheid
ontbreekt, dergelijke redenen noemen we strafuitsluitingsgronden.
Twee soorten strafuitsluitingsgronden: rechtvaardigingsgronden (neemt de
wederrechtelijkheid weg) en schulduitsluitingsgronden (neemt de verwijtbaarheid weg). Bij
rechtvaardigingsgronden kan men stellen dat de gedraging van de verdachte
gerechtvaardigd was. Bij schulduitsluitingsgronden kijkt men naar de strafbaarheid van de
verdachte, schulduitsluitingsgronden excuseren de dader, niet de daad.
Rechtvaardigingsgronden nemen de wederrechtelijkheid van de gedraging weg en
rechtvaardigen de daad. Schulduitsluitingsgronden nemen de verwijtbaarheid weg en
excuseren de dader.
Rechtvaardigingsgronden Schulduitsluitingsgronden
Noodweer, art. 41 lid 1 Sr Noodweerexces, art. 41 lid 2 Sr
Overmacht als noodtoestand, art. 40 Sr (Psychische) overmacht, art. 40 Sr
Bevoegd ambtelijk bevel, art. 43 lid 1 Sr Onbevoegd ambtelijk bevel, art. 43 lid 2 Sr
Wettelijk voorschrift, art. 42 Sr Ontoerekeningsvatbaarheid, art. 39 Sr
Ontbreken van materiële Afwezigheid van alle schuld (ongeschreven,
wederrechtelijkheid (ongeschreven, melk-en-waterarrest).
Veeartsarrest)
Dit zijn algemene strafuitsluitingsgronden, er bestaan ook bijzondere
strafuitsluitingsgronden. Die zijn niet algemeen toepasbaar maar hebben betrekking op
specifieke delicten (art. 296 Sr).
4.2 Wettelijke strafuitsluitingsgronden
4.2.1 Noodweer
Noodweer is het recht van mensen om zich te verdedigen tegen een aanval, art. 41 lid 1 Sr.
Voorwaarden geslaagd beroep:
Ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding; verdediging is toegelaten tegen
een aanranding die aan de gang is op het moment dat de verdediging wordt ingezet.
Tegen rechtmatige aanrandingen is geen verdediging toegelaten.
Lijf, (seksuele) eerbaarheid of goed;
Geboden en noodzakelijke verdediging. Eisen van subsidiariteit en proportionaliteit
moeten in acht worden genomen. De subsidiariteitseis houdt in dat, indien het
mogelijk is zich aan de aanval te onttrekken i.p.v. zich fysiek te verdedigen, men
moet deze weg in beginsel bewandelen. De verdediging moet noodzakelijk zijn. Als
het redelijkerwijs mogelijk is de vlucht te kiezen maar de aangevallene kiest toch
voor de tegenaanval, dan schendt hij daarmee de eis van subsidiariteit. De
verdediging moet geboden zijn. De verdedigingshandeling moet proportioneel zijn
ten opzichte van de aanvalshandeling.
a) De verdediging moet noodzakelijk zijn – subsidiariteit
4.1 Inleiding
Gedrag dat voldoet aan een delictsomschrijving is doorgaans wederrechtelijk en verwijtbaar.
Alleen in uitzonderingsgevallen bestaan er rechtsgeldige redenen om aan te nemen dat bij
het vervullen van een delictsomschrijving de wederrechtelijkheid of de verwijtbaarheid
ontbreekt, dergelijke redenen noemen we strafuitsluitingsgronden.
Twee soorten strafuitsluitingsgronden: rechtvaardigingsgronden (neemt de
wederrechtelijkheid weg) en schulduitsluitingsgronden (neemt de verwijtbaarheid weg). Bij
rechtvaardigingsgronden kan men stellen dat de gedraging van de verdachte
gerechtvaardigd was. Bij schulduitsluitingsgronden kijkt men naar de strafbaarheid van de
verdachte, schulduitsluitingsgronden excuseren de dader, niet de daad.
Rechtvaardigingsgronden nemen de wederrechtelijkheid van de gedraging weg en
rechtvaardigen de daad. Schulduitsluitingsgronden nemen de verwijtbaarheid weg en
excuseren de dader.
Rechtvaardigingsgronden Schulduitsluitingsgronden
Noodweer, art. 41 lid 1 Sr Noodweerexces, art. 41 lid 2 Sr
Overmacht als noodtoestand, art. 40 Sr (Psychische) overmacht, art. 40 Sr
Bevoegd ambtelijk bevel, art. 43 lid 1 Sr Onbevoegd ambtelijk bevel, art. 43 lid 2 Sr
Wettelijk voorschrift, art. 42 Sr Ontoerekeningsvatbaarheid, art. 39 Sr
Ontbreken van materiële Afwezigheid van alle schuld (ongeschreven,
wederrechtelijkheid (ongeschreven, melk-en-waterarrest).
Veeartsarrest)
Dit zijn algemene strafuitsluitingsgronden, er bestaan ook bijzondere
strafuitsluitingsgronden. Die zijn niet algemeen toepasbaar maar hebben betrekking op
specifieke delicten (art. 296 Sr).
4.2 Wettelijke strafuitsluitingsgronden
4.2.1 Noodweer
Noodweer is het recht van mensen om zich te verdedigen tegen een aanval, art. 41 lid 1 Sr.
Voorwaarden geslaagd beroep:
Ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding; verdediging is toegelaten tegen
een aanranding die aan de gang is op het moment dat de verdediging wordt ingezet.
Tegen rechtmatige aanrandingen is geen verdediging toegelaten.
Lijf, (seksuele) eerbaarheid of goed;
Geboden en noodzakelijke verdediging. Eisen van subsidiariteit en proportionaliteit
moeten in acht worden genomen. De subsidiariteitseis houdt in dat, indien het
mogelijk is zich aan de aanval te onttrekken i.p.v. zich fysiek te verdedigen, men
moet deze weg in beginsel bewandelen. De verdediging moet noodzakelijk zijn. Als
het redelijkerwijs mogelijk is de vlucht te kiezen maar de aangevallene kiest toch
voor de tegenaanval, dan schendt hij daarmee de eis van subsidiariteit. De
verdediging moet geboden zijn. De verdedigingshandeling moet proportioneel zijn
ten opzichte van de aanvalshandeling.
a) De verdediging moet noodzakelijk zijn – subsidiariteit