Ontwikkelingspsychologie – Experience Human Development
Hoofdstuk 1 The Study of Human Development
Wat is menselijke ontwikkeling, en hoe heeft de studie zich ontwikkeld?
Human development:
Wetenschappelijke studie van processen van de verandering en stabiliteit door de menselijke
levensduur
Life-span development:
Concept van menselijke ontwikkeling als een levenslang proces die wetenschappelijk bestudeerd kan
worden
Doel:
Beschrijven (wanneer de meeste kinderen hun 1e woordje zeggen), verklaren (hoe kinderen taal
verwerven), voorspellen (waarschijnlijkheid dat een kind later spraakproblemen krijgt) en interventie
(een kind spraaktherapie geven)
Wat bestuderen ontwikkelingswetenschappers?
3 domeinen:
1. Physical development
Groei van lichaam en hersenen, inclusief patronen van verandering in sensorische capaciteiten,
motorische vaardigheid en gezondheid
2. Cognitive development
Patroon van veranderingen in mentale vermogen, zoals leren, aandacht, geheugen, taal, denken,
beredeneren en creativiteit
3. Psychosocial development
Patroon van verandering in emoties, persoonlijkheid en sociale relaties
Al deze domeinen zijn intergerelateerd: elk aspect van ontwikkeling heeft invloed op de anderen
Social construction:
Een concept van gewoonte dat natuurlijk en duidelijk verschijnt voor diegenen die het accepteren,
maar dat in de realiteit een uitvinding van een bepaalde cultuur of maatschappij is (vb. childhood)
Wat voor soort invloeden maken een persoon verschillend van anderen?
Individual differences:
Verschillen in karaktertrekken, invloeden of ontwikkelingsuitkomsten
Heredity: nature
Aangeboren eigenschappen geërfd van de biologische ouders
Environment: nurture
Totaliteit van non-hereditary, of ervaren invloeden op ontwikkeling
Maturation:
Ontwikkeling van natuurlijke opeenvolging van fysieke en gedragsveranderingen
,Nuclear family:
2-generatie verwantschap, economie en huishouden bestaat uit 1 of 2 ouders en hun biologische,
geadopteerde of stiefkinderen.
Extended family:
Multi-generatie verwantschap van ouders, kinderen en andere familieleden.
Socioeconomic status (SES):
Combinatie van economische en sociale factoren die een individu of familie beschrijven. Inclusief
inkomen, educatie en dienst.
Risk factors:
Condities die de likelihood van een negatieve ontwikkelingsuitkomst vergroten
Culture:
Manier van leven van een maatschappij of groep. Al het geleerde gedrag van ouders naar kinderen.
Ethnic group:
Een groep van hetzelfde ras, religie, taal of nationaliteit welke bijdragen aan een gevoel van
gedeelde identiteit
Ethnic gloss:
Overgeneralisatie over een etnische of culturele groep dat verschillen tussen de groep onduidelijk
maakt zwart of Spaans
Normative (influence):
Karakteristiek van een gebeurtenis dat op eenzelfde manier gebeurt voor de meeste mensen in een
groep
1. Normative age-graded influences zelfde voor mensen in bepaalde leeftijdsgroep (pubers)
2. Normative history-graded influences
Historische generatie:
Een groep mensen die sterk beïnvloed zijn door een historische gebeurtenis (WOII) gedurende hun
vormende periode
Cohort:
Een groep mensen die dezelfde tijd geboren zijn onderdeel van historische generatie, alleen als
een beïnvloedende gebeurtenis meemaken in hun vormende periode
3. Nonnormative influence:
Karakteristiek van een ongebruikelijke gebeurtenis die gebeurt bij een bepaald persoon of een
typische gebeurtenis dat plaatsvind op een ongebruikelijke periode in het leven
sterven van ouder als kind nog jong is
Imprinting:
Instinctieve vorm van leren waarin gedurende een kritieke periode in de vroege ontwikkeling, een
jong dier een hechting vormt aan het eerst bewegende object dat hij ziet, meestal de moeder
Predisposition toward learning ↔ kritieke periode ↔ maturation
, Kritieke periode:
Specifieke periode wanneer een gebeurtenis of zijn afwezigheid een specifieke invloed heeft op
ontwikkeling
Plasticity:
Bereik van verandering van prestatie/uitvoering. Verschilt per individu
Sensitive periods:
Periode in ontwikkeling wanneer een persoon gedeeltelijk open is naar bepaalde soorten ervaringen
Wat zijn 7 principes van de levensduur ontwikkelingsbenadering?
1. Ontwikkeling duurt levenslang
2. Ontwikkeling is multidimensionaal biologisch, psychologisch en sociaal
3. Ontwikkeling is gaat in verschillende richtingen toename en afname
4. Relatieve invloeden van biologie en cultuur verschuiven tijdens de levensduur
5. Ontwikkeling betreft het veranderen van de toewijzing van middelen
6. Ontwikkeling laat plasticiteit zien
7. Ontwikkeling is beïnvloed door historische en culturele contexten
Hoofdstuk 1 The Study of Human Development
Wat is menselijke ontwikkeling, en hoe heeft de studie zich ontwikkeld?
Human development:
Wetenschappelijke studie van processen van de verandering en stabiliteit door de menselijke
levensduur
Life-span development:
Concept van menselijke ontwikkeling als een levenslang proces die wetenschappelijk bestudeerd kan
worden
Doel:
Beschrijven (wanneer de meeste kinderen hun 1e woordje zeggen), verklaren (hoe kinderen taal
verwerven), voorspellen (waarschijnlijkheid dat een kind later spraakproblemen krijgt) en interventie
(een kind spraaktherapie geven)
Wat bestuderen ontwikkelingswetenschappers?
3 domeinen:
1. Physical development
Groei van lichaam en hersenen, inclusief patronen van verandering in sensorische capaciteiten,
motorische vaardigheid en gezondheid
2. Cognitive development
Patroon van veranderingen in mentale vermogen, zoals leren, aandacht, geheugen, taal, denken,
beredeneren en creativiteit
3. Psychosocial development
Patroon van verandering in emoties, persoonlijkheid en sociale relaties
Al deze domeinen zijn intergerelateerd: elk aspect van ontwikkeling heeft invloed op de anderen
Social construction:
Een concept van gewoonte dat natuurlijk en duidelijk verschijnt voor diegenen die het accepteren,
maar dat in de realiteit een uitvinding van een bepaalde cultuur of maatschappij is (vb. childhood)
Wat voor soort invloeden maken een persoon verschillend van anderen?
Individual differences:
Verschillen in karaktertrekken, invloeden of ontwikkelingsuitkomsten
Heredity: nature
Aangeboren eigenschappen geërfd van de biologische ouders
Environment: nurture
Totaliteit van non-hereditary, of ervaren invloeden op ontwikkeling
Maturation:
Ontwikkeling van natuurlijke opeenvolging van fysieke en gedragsveranderingen
,Nuclear family:
2-generatie verwantschap, economie en huishouden bestaat uit 1 of 2 ouders en hun biologische,
geadopteerde of stiefkinderen.
Extended family:
Multi-generatie verwantschap van ouders, kinderen en andere familieleden.
Socioeconomic status (SES):
Combinatie van economische en sociale factoren die een individu of familie beschrijven. Inclusief
inkomen, educatie en dienst.
Risk factors:
Condities die de likelihood van een negatieve ontwikkelingsuitkomst vergroten
Culture:
Manier van leven van een maatschappij of groep. Al het geleerde gedrag van ouders naar kinderen.
Ethnic group:
Een groep van hetzelfde ras, religie, taal of nationaliteit welke bijdragen aan een gevoel van
gedeelde identiteit
Ethnic gloss:
Overgeneralisatie over een etnische of culturele groep dat verschillen tussen de groep onduidelijk
maakt zwart of Spaans
Normative (influence):
Karakteristiek van een gebeurtenis dat op eenzelfde manier gebeurt voor de meeste mensen in een
groep
1. Normative age-graded influences zelfde voor mensen in bepaalde leeftijdsgroep (pubers)
2. Normative history-graded influences
Historische generatie:
Een groep mensen die sterk beïnvloed zijn door een historische gebeurtenis (WOII) gedurende hun
vormende periode
Cohort:
Een groep mensen die dezelfde tijd geboren zijn onderdeel van historische generatie, alleen als
een beïnvloedende gebeurtenis meemaken in hun vormende periode
3. Nonnormative influence:
Karakteristiek van een ongebruikelijke gebeurtenis die gebeurt bij een bepaald persoon of een
typische gebeurtenis dat plaatsvind op een ongebruikelijke periode in het leven
sterven van ouder als kind nog jong is
Imprinting:
Instinctieve vorm van leren waarin gedurende een kritieke periode in de vroege ontwikkeling, een
jong dier een hechting vormt aan het eerst bewegende object dat hij ziet, meestal de moeder
Predisposition toward learning ↔ kritieke periode ↔ maturation
, Kritieke periode:
Specifieke periode wanneer een gebeurtenis of zijn afwezigheid een specifieke invloed heeft op
ontwikkeling
Plasticity:
Bereik van verandering van prestatie/uitvoering. Verschilt per individu
Sensitive periods:
Periode in ontwikkeling wanneer een persoon gedeeltelijk open is naar bepaalde soorten ervaringen
Wat zijn 7 principes van de levensduur ontwikkelingsbenadering?
1. Ontwikkeling duurt levenslang
2. Ontwikkeling is multidimensionaal biologisch, psychologisch en sociaal
3. Ontwikkeling is gaat in verschillende richtingen toename en afname
4. Relatieve invloeden van biologie en cultuur verschuiven tijdens de levensduur
5. Ontwikkeling betreft het veranderen van de toewijzing van middelen
6. Ontwikkeling laat plasticiteit zien
7. Ontwikkeling is beïnvloed door historische en culturele contexten