1. Adhortativus (aansporing) laten
- Veniamus ad theatrum! Laten wij naar de bioscoop gaan!
2. Prohibitivus (verbod) ne moeten
- Ne veniamus ad theatrum! Wij moeten niet naar de bioscoop gaan!
3. Dubitativus (twijfel) ? moeten
- Veniamus ad theatrum? Moeten wij naar de bioscoop gaan?
4. Potentialis (mogelijkheid) kunnen/zouden kunnen
- Veniamus ad piscinam… Wij kunnen naar het zwembad gaan.
5. Irrealis (niet-werkelijkheid) si in bijzin! zouden
- Si tempus haberemus, ad Romam veniremus. Als we tijd zouden hebben, zouden we naar
Rome gegaan zijn.
6. Optativus/desiderativus (wens) utinam mogen
- Utinam veniatis e lyceo! Mogen jullie de school uitgaan!