Autorijbewijs
Hoofdstuk 1. Algemene bepaling verkeerswetgeving
Verkeer = alle weggebruikers
Bestuurders = alle verkeersdeelnemers die controle hebben over een voertuig (of
dieren met hoeven)
- 50 km/u weg (binnen bebouwde kom)
- 60 km/u weg
- 80 km/u weg (buiten bebouwde kom)
- 100 km/u weg (autosnelwegen)
Hoofdstuk 2 . Bepalingen rijbevoegdheid en rijbewijzen
Rijbewijzen:
● Rijbewijs B → personenauto
● Rijbewijs A → motorfietsrijbewijs
● Rijbewijs AM → bromfiets, snorfiets, brommobiel of speedpedelec
● Rijbewijs C → voor voertuigen 3500-7500 kg
● Rijbewijs D → vervoeren van meer dan 8 personen
● Rijbewijs T → landbouwvoertuigen
● Gehandicaptenvoertuig
Kentekenpapieren of kentekencard bij hebben.
Hoofdstuk 3. Techniek, onderhoud en controle van voertuigen
APK = algemene periodieke keuring
Banden:
- Minimale profieldiepte = 1,6 mm (winterbanden 4 mm)
- Bandenspanning voor milieu, veiligheid en geluidsoverlast
- Ventiel en ventieldop (geen vuil)
- Vuil en water goed afvoeren. Aquaplaning kleiner.
Symbolen:
Rood = direct stoppen. Oranje = stoppen bij eerstvolgende gelegenheid.
Waarschuwingssymbolen:
● Temperatuur
● ABS = antiblokkeersysteem
● Motorprobleem
● Accuproblemen
● Oliepeil
● Koelvloeistof
, Controlelampjes:
● Cruise control
● Ruitenwissers
● Voor- en achterruitverwarming
● Verlichting:
- Stadslicht
- Dimlicht
- Groot licht
- Mistlamp voor
- Mistlamp achter
- Parkeerlicht
Hoofdstuk 4. Gebruik gordels en airbags; zitplaats voor passagiers
Het dragen van een gordel is verplicht.
Hoofdstuk 5. Inrichting, belading en slepen van voertuigen
Een lading die deelbaar is mag niet aan de voorkant uitsteken. Aan de achterkant
niet meer dan 1 meter. Ondeelbare lading 3,5e meter voor en achterkant 5 meter.
Een personenauto mag niet langer dan 12 meter zijn en niet hoger dan 4 meter en
niet breder dan 2,25 meter. Niet meer dan 20 cm aan de zijkant uitsteken.
De afstand van het slepen mag maximaal 5 meter zijn.
Hoofdstuk 6. Risico’s in verband met eigenschappen en toestand voertuig
1. Banden
2. Spoorvorming
3. Aquaplaning
4. Wielaandrijving
5. Remmen (reactie- en remafstand)
Hoofdstuk 7. Risico’s in verband met toestand bestuurder
Reactietijd en vermoeidheid.
Verdovende middelen:
➔ Alcohol (0,2 promille beginnende - 1,5 uur, geen invloed)
➔ Drugs
➔ Medicijnen (gele sticker afgeraden, rode sticker verboden)
Na 2 uur een pauze nemen.
Hoofdstuk 8. Risico’s in verband met aanwezigheid en gedrag ander verkeer
De volgafstand is minimaal 2 seconden.
Dode hoek (beperkt zicht omdat niet alles zichtbaar is in de spiegels)
Na 5 jaar ben je een ervaren bestuurder (daarvoor een beginnend bestuurder)
Hoofdstuk 1. Algemene bepaling verkeerswetgeving
Verkeer = alle weggebruikers
Bestuurders = alle verkeersdeelnemers die controle hebben over een voertuig (of
dieren met hoeven)
- 50 km/u weg (binnen bebouwde kom)
- 60 km/u weg
- 80 km/u weg (buiten bebouwde kom)
- 100 km/u weg (autosnelwegen)
Hoofdstuk 2 . Bepalingen rijbevoegdheid en rijbewijzen
Rijbewijzen:
● Rijbewijs B → personenauto
● Rijbewijs A → motorfietsrijbewijs
● Rijbewijs AM → bromfiets, snorfiets, brommobiel of speedpedelec
● Rijbewijs C → voor voertuigen 3500-7500 kg
● Rijbewijs D → vervoeren van meer dan 8 personen
● Rijbewijs T → landbouwvoertuigen
● Gehandicaptenvoertuig
Kentekenpapieren of kentekencard bij hebben.
Hoofdstuk 3. Techniek, onderhoud en controle van voertuigen
APK = algemene periodieke keuring
Banden:
- Minimale profieldiepte = 1,6 mm (winterbanden 4 mm)
- Bandenspanning voor milieu, veiligheid en geluidsoverlast
- Ventiel en ventieldop (geen vuil)
- Vuil en water goed afvoeren. Aquaplaning kleiner.
Symbolen:
Rood = direct stoppen. Oranje = stoppen bij eerstvolgende gelegenheid.
Waarschuwingssymbolen:
● Temperatuur
● ABS = antiblokkeersysteem
● Motorprobleem
● Accuproblemen
● Oliepeil
● Koelvloeistof
, Controlelampjes:
● Cruise control
● Ruitenwissers
● Voor- en achterruitverwarming
● Verlichting:
- Stadslicht
- Dimlicht
- Groot licht
- Mistlamp voor
- Mistlamp achter
- Parkeerlicht
Hoofdstuk 4. Gebruik gordels en airbags; zitplaats voor passagiers
Het dragen van een gordel is verplicht.
Hoofdstuk 5. Inrichting, belading en slepen van voertuigen
Een lading die deelbaar is mag niet aan de voorkant uitsteken. Aan de achterkant
niet meer dan 1 meter. Ondeelbare lading 3,5e meter voor en achterkant 5 meter.
Een personenauto mag niet langer dan 12 meter zijn en niet hoger dan 4 meter en
niet breder dan 2,25 meter. Niet meer dan 20 cm aan de zijkant uitsteken.
De afstand van het slepen mag maximaal 5 meter zijn.
Hoofdstuk 6. Risico’s in verband met eigenschappen en toestand voertuig
1. Banden
2. Spoorvorming
3. Aquaplaning
4. Wielaandrijving
5. Remmen (reactie- en remafstand)
Hoofdstuk 7. Risico’s in verband met toestand bestuurder
Reactietijd en vermoeidheid.
Verdovende middelen:
➔ Alcohol (0,2 promille beginnende - 1,5 uur, geen invloed)
➔ Drugs
➔ Medicijnen (gele sticker afgeraden, rode sticker verboden)
Na 2 uur een pauze nemen.
Hoofdstuk 8. Risico’s in verband met aanwezigheid en gedrag ander verkeer
De volgafstand is minimaal 2 seconden.
Dode hoek (beperkt zicht omdat niet alles zichtbaar is in de spiegels)
Na 5 jaar ben je een ervaren bestuurder (daarvoor een beginnend bestuurder)