Doelen periode 4 vMV 04-011 ook belangrijk
Na afloop van dit studieonderdeel is de student in staat om:
M.b.t. de anatomie:
• Anatomische structuren van de tractus uropoëticus te benoemen met de
medische nomenclatuur
o Blaas
o Nieren produceren hormonen, namelijk:
▪ Erythropoitine (EPO): Noodzakelijk voor aanmaak van erytrocyten
▪ Renine: Enzym dat de formatie van de angiotensine (beïnvloedt
bloeddruk en balans van sodium) controleert
• Verlaging van plasmavolume zorgt op 3 manieren voor secretie
van renine door nier, namelijk:
o Activiteit van sympatische zenuwen in de nier
o Verhoging van de slagaderlijke druk
o Indirect via een verlaging van de glomerulaire
filtratiesnelheid (GFR) → verlaging van flow en
natriumchloride in macula densa (laatste deel van
opstijgende deel van lis van Henle)
• Renine Angiotensine Aldosteron Systeem
(RAAS):Verhoogde plasmaconcentratie van renine →
omzetting van angiotensinogeen uit lever naar angiotensine I
→ omgezet in agiotensine II → verhoogde secretie van
aldosteron uit bijnier → meer natrium en water gereabsorbeerd
▪ Omzetting van 25-hydroxy vitamine D naar 1,25-dihydroxyvitamine
D: Van invloed op balans van calcium
o Functies van de nieren
, 2
▪
o
, 3
o
o
• De ligging van anatomische structuren van de tractus uropoëticus t.o.v. elkaar
te beschrijven m.b.v. de medische nomenclatuur
, 4
o
o
• De anatomische structuren (zoals vermeld in de trefwoordenlijst) van de tractus
uropoëticus op een MBRT afbeelding kunnen benoemen
o Zie trefwoordenlijst
• De anatomie van de nieren te herkennen en te benoemen op een renogram
• De pathofysiologie van 3 veel voorkomende nierziektes te relateren aan een
renogram
o Zie zelfstudietaak vMV 04-008
o Acute pyelonefritis
▪
o Hydronefrose: Ophoping van urine in nierbekken
, 5
▪
o Nier arterie stenose (NAS)
▪
M.b.t. Biodistributie:
• De rol van biodistributie in de nieren te beschrijven
o De nieren zorgen ervoor dat er water en Na+ uit het lichaam verdwijnt, maar
dat er ook genoeg in het lichaam overblijft.
• De orgaanstelsels te noemen die een rol spelen binnen de biodistributie
o Biodistributie: Proces dat belangrijk is voor handhaving van homeostasis
o Tractus digestivus
o Tractus respiratorius
o Tractus uropoëticus
o Tractus circulatorius
• De lichaamscompartimenten die binnen de fysiologie worden onderscheiden te
noemen
o Intracellulair
▪ Bevat veel eiwitten die werken als enzym in metabolisme van cel
▪ Bevat 67% water
o Extracellulair
▪ Bevat bloedplasma (20%-25%) en interstitiële vocht (vocht tussen en
rond cellen voor 75%-80%)
• Water in bloedplasma is 7% en interstitium is 26%
▪ Kent meer natrium dan intracellulair
• De transportprocessen tussen de lichaamscompartimenten te noemen.
o F = ∆P/R (F = flow; ∆P = drukverschil; R = weerstand)
, 6
o Diffusie: Moleculen die bewegen door kinetische energie van hoge naar lage
concentratie totdat concentratieverschil is opgeheven
▪ Afhankelijk van:
• Temperatuur: Hoge temperatuur → snellere diffusie
• Molecuulmassa: Groter deeltje → langzamere diffusie
• Medium: Hoeveel wrijving deeltje ondergaat
o Vloeistof kent meer wrijving
▪ Diffusie tijd neemt toe met afstand → cellen zijn klein
▪ Celmembraan heeft dubbele vetlaag → selectieve diffusie
▪ 2 verplaatsingen
▪
▪
o Osmose: Diffusie van water door een membraan
, 7
▪
▪ Osmolariteit: Totale concentratie van opgeloste stof in oplossing,
ongeacht de soort stof
• Wordt bepaald door concentratie van oplossing en verschil
bepaald zelf osmose
o Eenheid: Osmol
o Lage osmolariteit: veel water en weinig opgeloste stof
o Hoge osmolariteit: weinig water en veel opgeloste stof +
Trekt water aan
o Osmolariteit van intra- en extracellulaire vloeistof bij
benadering 300 mOsm
▪ Osmotische druk: Druk die nodig is om watertransport tegen te
houden
• Lagere concentratie water → hogere osmotische druk
▪ 2 soorten
•
, 8
•
▪
▪
• Een verklaring te geven over de verdeling
M.b.t. Fysiologie Nieren:
• Een voorstelling te maken van de microscopische anatomie van de nier
o Zie trefwoordenlijst
, 9
o
▪ Vasopressine / Antidiuretisch hormoon (ADH): Beïnvloedt
permeabiliteit voor water van wanden van verzamelbuizen
• Vasopressine bindt aan receptoren in basolaterale membraan
→ stimulatie van reeks enzymen en eiwitten → invoeging van
aquaporines in celmembraan zowel tussen cellen en
verzamelbuizen als tussen cellen en interstitiële ruimte →
water transport door osmose
o
, 10
o
o
o