Samenvatting JIDM
Hoofdstuk 1 Het zoeken in wettenbundel
1.1 Structuur van een wet en opbouw van een regeling.
Er bestaan formele wetten en materiële wetten. In de wettenbundel staan vooral
formele wetten, wetten of regelingen die tot stand zijn gekomen door
samenwerking van de Regering met de Staten-Generaal.
Wetten zijn opgebouwd uit een aantal vaste elementen.
1. Opschrift of intitule. Wet van 9 oktober 1991. De vermelde datum is de datum
van ondertekening of bekrachtiging door de Koning.
2. Aanhef. Wij Willem-Alexander (…) Alzo wij in overweging genomen hebben.
3. Lichaam of corpus. Kern van de regeling – de artikelen.
4. Overgangs- slotbepaling. Hierin staat de officiële naam van de wet, de
citeertitel.
Veel wetten kennen naast hun citeertitel een afkorting. U kunt deze afkortingen
vinden vooraan in de wettenbundels. Wanneer er geen afkomst bekend is, dien je
de titel van de wet voluit te schrijven.
Burgelijk Wetboek
Privaat recht Publiek recht
Personen- en
Vermogenrecht Strafrecht Bestuursrecht
familierecht
Ondernemingsrecht Handelsrecht Staatsrecht Fiscaalrecht
Voorbeeld :
Wetboek van Koophandel Wvk.
Wetboek van Strafrecht WvSr.
Wegenwetverkeerswet 1994 WW 1994
Voor een duidelijke structuur zijn de meeste regelingen onderverdeeld. Dat kan
zijn in boeken, hoofdstukken, titels, afdelingen, leden, subs en soms in
paragraven. Het is ook mogelijk dat in een wetsartikel wordt gewerkt met 1° , 2°
enzovoort. Dit wordt uitgesproken als ten eerste en ten tweede of onder 1 of
onder 2. Net als bij een sub kan een ten eerste of onder 1 alleen gelezen worden
in samenhang met de daaraan voorafgaande zin.
1
,Voorbeeld :
Artikel 1:1 lid 1 sub a Awb.
Artikel 435 onder 1° Sr.
1.2 Opbouw van het Burgerlijk wetboek (Bw)
Het uitspreken van voorgenoemde artikel gebeurt anders dan het opschrijven
van het artikel. Artikel 1:48 BW wordt uitgesproken als artikel 48 Boek 1 Bw.
Bepaalde onderwerpen zijn in algemene zin omgeschreven, daarna wordt op een
andere plaats in de wet onderwerp nader ofwel gedetailleerder uitgewerkt.
Door de gelaagde opbouw van het Burgerlijk Wetboek zijn vaak verschillende
artikelen van toepassing. Er kan sprake zijn van tegenstrijdige bepalingen
(conflictenregel). De algemene regel is dat bijzondere (specifieke) bepalingen
voor algemene bepalingen gaan.
U kunt op twee manieren zoeken in de wettenbundel
Trefwoordenregistermethode Systematische methode
Via het trefwoordenregister achter in Via de inhoudsopgave van de
de bundel. opgenomen regelingen.
Het Wetboek van Strafrecht is opgebouwd uit drie boeken.
1. Algemene bepalingen vanaf art 001
2. Misdrijven vanaf art 300
3. Overtredingen vanaf art 400
2
, Hoofdstuk 2 Het analyseren van wetsartikelen
2.1 Rechtsregels
Met een rechtsregel wordt in het recht aangeven onder welke voorwaarden een
bepaald gevolg intreedt.
Voorbeelden:
Artikel 53 lid 1 Sv
In geval van ontdekking op heeter daad (3) is ieder bevoegd (1) den verdachte
(2) aan te houden.
Rechtsregel : Iemand is bevoegd om aan te houden.
Artikel 5:4 Bw
Hij die een aan niemand toebehorende (2) roerende zaak (1) in bezit neemt (3),
verkrijgt daarvan de eigendom.
Rechtsregel : Iemand verkrijgt eigendom.
2.2 Cumulatieve en alternatieve voorwaarden
Een cumulatieve opsomming van voorwaarden houdt in dat aan alle
voorwaarden tegelijk moet zijn voldaan voor het intreden van het rechtsgevolg.
De cumulatieve opsomming is vaak te herkennen aan signaalwoorden als en, ook
en alsmede.
Je mag er overigens niet automatisch van uitgaan dat bij het gebruik van het
signaalwoord ‘en’ er sprake is van cumulatieve voorwaarden.
Een alternatieve opsomming van voorwaarden houdt in dat slechts aan een van
de voorwaarden hoeft te zijn voldaan voor het intreden van het rechtsgevolg. De
alternatieve opsomming is vaak te herkennen aan signaalwoorden als of, hetzij
of dan wel. In wetsartikelen komt een combinatie van beide vaak voor.
Voorbeeld: Artikel 3:115 Bw.
Voor de overdracht van het bezit is tweezijdige verklaring(1) zonder feitelijke
handeling(2) voldoende:
a. wanneer de vervreemder de zaak bezit (1)en hij haar krachtens een
bij de levering (3) gemaakte beding voortaan voor de verkrijger
houdt;(2)
b. wanneer de verkrijger (1) houder van de zaak voor de vervreemder
was(2);
c. wanneer een derde voor de vervreemder de zaak hield (1), en haar
na de overdracht voor de ontvanger houdt(2). In dit geval gaat het
bezit niet over voordat de derde de overdracht heeft erkend, dan wel
de vervreemder of de verkrijger de overdacht aan hem heeft
medegedeeld (3).
Rechtsgevolg : Er is overdracht van het bezit.
In de praktijk zijn de cumulatieve en alternatieve voorwaarden nauw aan elkaar
verbonden. Meestal is er namelijk sprake van twee procespartijen die te maken
3
Hoofdstuk 1 Het zoeken in wettenbundel
1.1 Structuur van een wet en opbouw van een regeling.
Er bestaan formele wetten en materiële wetten. In de wettenbundel staan vooral
formele wetten, wetten of regelingen die tot stand zijn gekomen door
samenwerking van de Regering met de Staten-Generaal.
Wetten zijn opgebouwd uit een aantal vaste elementen.
1. Opschrift of intitule. Wet van 9 oktober 1991. De vermelde datum is de datum
van ondertekening of bekrachtiging door de Koning.
2. Aanhef. Wij Willem-Alexander (…) Alzo wij in overweging genomen hebben.
3. Lichaam of corpus. Kern van de regeling – de artikelen.
4. Overgangs- slotbepaling. Hierin staat de officiële naam van de wet, de
citeertitel.
Veel wetten kennen naast hun citeertitel een afkorting. U kunt deze afkortingen
vinden vooraan in de wettenbundels. Wanneer er geen afkomst bekend is, dien je
de titel van de wet voluit te schrijven.
Burgelijk Wetboek
Privaat recht Publiek recht
Personen- en
Vermogenrecht Strafrecht Bestuursrecht
familierecht
Ondernemingsrecht Handelsrecht Staatsrecht Fiscaalrecht
Voorbeeld :
Wetboek van Koophandel Wvk.
Wetboek van Strafrecht WvSr.
Wegenwetverkeerswet 1994 WW 1994
Voor een duidelijke structuur zijn de meeste regelingen onderverdeeld. Dat kan
zijn in boeken, hoofdstukken, titels, afdelingen, leden, subs en soms in
paragraven. Het is ook mogelijk dat in een wetsartikel wordt gewerkt met 1° , 2°
enzovoort. Dit wordt uitgesproken als ten eerste en ten tweede of onder 1 of
onder 2. Net als bij een sub kan een ten eerste of onder 1 alleen gelezen worden
in samenhang met de daaraan voorafgaande zin.
1
,Voorbeeld :
Artikel 1:1 lid 1 sub a Awb.
Artikel 435 onder 1° Sr.
1.2 Opbouw van het Burgerlijk wetboek (Bw)
Het uitspreken van voorgenoemde artikel gebeurt anders dan het opschrijven
van het artikel. Artikel 1:48 BW wordt uitgesproken als artikel 48 Boek 1 Bw.
Bepaalde onderwerpen zijn in algemene zin omgeschreven, daarna wordt op een
andere plaats in de wet onderwerp nader ofwel gedetailleerder uitgewerkt.
Door de gelaagde opbouw van het Burgerlijk Wetboek zijn vaak verschillende
artikelen van toepassing. Er kan sprake zijn van tegenstrijdige bepalingen
(conflictenregel). De algemene regel is dat bijzondere (specifieke) bepalingen
voor algemene bepalingen gaan.
U kunt op twee manieren zoeken in de wettenbundel
Trefwoordenregistermethode Systematische methode
Via het trefwoordenregister achter in Via de inhoudsopgave van de
de bundel. opgenomen regelingen.
Het Wetboek van Strafrecht is opgebouwd uit drie boeken.
1. Algemene bepalingen vanaf art 001
2. Misdrijven vanaf art 300
3. Overtredingen vanaf art 400
2
, Hoofdstuk 2 Het analyseren van wetsartikelen
2.1 Rechtsregels
Met een rechtsregel wordt in het recht aangeven onder welke voorwaarden een
bepaald gevolg intreedt.
Voorbeelden:
Artikel 53 lid 1 Sv
In geval van ontdekking op heeter daad (3) is ieder bevoegd (1) den verdachte
(2) aan te houden.
Rechtsregel : Iemand is bevoegd om aan te houden.
Artikel 5:4 Bw
Hij die een aan niemand toebehorende (2) roerende zaak (1) in bezit neemt (3),
verkrijgt daarvan de eigendom.
Rechtsregel : Iemand verkrijgt eigendom.
2.2 Cumulatieve en alternatieve voorwaarden
Een cumulatieve opsomming van voorwaarden houdt in dat aan alle
voorwaarden tegelijk moet zijn voldaan voor het intreden van het rechtsgevolg.
De cumulatieve opsomming is vaak te herkennen aan signaalwoorden als en, ook
en alsmede.
Je mag er overigens niet automatisch van uitgaan dat bij het gebruik van het
signaalwoord ‘en’ er sprake is van cumulatieve voorwaarden.
Een alternatieve opsomming van voorwaarden houdt in dat slechts aan een van
de voorwaarden hoeft te zijn voldaan voor het intreden van het rechtsgevolg. De
alternatieve opsomming is vaak te herkennen aan signaalwoorden als of, hetzij
of dan wel. In wetsartikelen komt een combinatie van beide vaak voor.
Voorbeeld: Artikel 3:115 Bw.
Voor de overdracht van het bezit is tweezijdige verklaring(1) zonder feitelijke
handeling(2) voldoende:
a. wanneer de vervreemder de zaak bezit (1)en hij haar krachtens een
bij de levering (3) gemaakte beding voortaan voor de verkrijger
houdt;(2)
b. wanneer de verkrijger (1) houder van de zaak voor de vervreemder
was(2);
c. wanneer een derde voor de vervreemder de zaak hield (1), en haar
na de overdracht voor de ontvanger houdt(2). In dit geval gaat het
bezit niet over voordat de derde de overdracht heeft erkend, dan wel
de vervreemder of de verkrijger de overdacht aan hem heeft
medegedeeld (3).
Rechtsgevolg : Er is overdracht van het bezit.
In de praktijk zijn de cumulatieve en alternatieve voorwaarden nauw aan elkaar
verbonden. Meestal is er namelijk sprake van twee procespartijen die te maken
3