Nora van der Sande, H4A.
schooljaar 2020/2021.
, Titelbeschrijving:
Het leven is verrukkulluk: het boek gaat over dat je echt moet genieten van je leven. Het leven moet
verrukkelijk zijn. De titel is een soort spreuk die een aantal keer terugkomt in het boek. De spreuk
verbergt hoe de personen in het boek zich echt voelen: ze zijn helemaal niet zo heel erg blij.
Auteur: Remco Wouter Campert. Geboren op 28 juli 1929. Nederlandse dichter, columnist en
schrijver van verhalen en romans.
Uitgeverij: De Bezige Bij.
Uitgegeven in 1961.
171 pagina’s.
Samenvatting:
De jongens Boelie en Mees ontmoeten in het park het vroegrijpe vijftienjarige meisje Panda. Ze
nemen haar mee voor een ijsje. Panda gaat naar het toilet en praat wat met de juffrouw van
Retirade (openbaar toilet), Rosa. Boelie en Mees merken dat ze worden achtervolgd door een oude
man. Als de oude man bij hen komt zitten, raken ze geïrriteerd. Als Panda terug is en ze weglopen,
blijft de oude man hen achtervolgen. Eenmaal in het park slaan de drie de man neer en beroven ze
de man van zijn geld, een bedrag van tweehonderd gulden. Boelie haast zich vervolgens naar een
afspraak met journalist Ernst-Jan Zoon. Als Mees vervolgens met Panda naar bed gaat, wil het
allemaal niet lukken met de seks. Mees voelt zich schuldig over de oude man en mijmert over zijn
jeugd en zijn latere bestaan als jazzpianist. In zijn gesprek met de journalist heeft ook Boelie het over
vroeger en over zijn angst voor eenzaamheid. Ernst-Jan vraagt na het interview of Boelie met hem
mee naar huis wil gaan. Hij verdenkt zijn vrouw Etta van overspel. Terwijl Ernst-Jan de radio aanzet
om naar het verslag van de voetbalwedstrijd België – Nederland te luisteren, praat Boelie met Etta.
De laatste praat over haar ouders, haar vader was een collaborateur in de oorlog en haar moeder
een alcoholiste. Ze vertelt dat ze zelf in een concentratiekamp heeft gezeten, maar dat blijkt niet
waar te zijn. Dan neemt ze Boelie mee naar het huis van de buren. Boelie probeert haar het bed in te
krijgen, maar wordt in zijn poging gestoord door de buren die plotseling thuiskomen. Intussen is de
oude man in het park bijgekomen. Hij wordt overeind geholpen door Tjeerd Overbeek, die getuige
was van de beroving. Tjeerd neemt de oude man mee naar zijn tante Rosa Overbeek, die als juffrouw
van de retirade bij de toiletten in het park werkt. Rosa herkent de oude man als een jeugdvriend en
al snel zijn beide oudjes bezig om herinneringen op te halen. Tjeerd gaat nu op weg naar Boelie en
Mees met het plan hen te confronteren met zijn getuigenis van de beroving. In het huis van Boelie
en Mees is echter een feestje aan de gang. Mees heeft van het gestolen geld eten en drank gekocht
en een aantal kennissen uitgenodigd. Tjeerd wordt door een dronken feestganger naar binnen
gesleurd. Later komen ook Ernst-Jan en Etta langs. Als ze ruzie krijgen, neemt Boelie Etta mee naar
zolder en gaat met haar naar bed. Mees neemt waar hoe een dronken feestganger met een paraplu
uit een zolderraam springt. Hierdoor beseft hij hoe leuk zijn dag was en hoe gelukkig hij is.